Tagarchief: relatietherapie

Esther Perel in Zomergasten

 

Heerlijk om een vakgenoot, systeemtherapeut, zo goed voor de dag te zien komen op TV. Het dagblad Trouw kopte met een recensie: De slotaflevering van Zomergasten was een openbaring. Esther Perel heeft een gave.

Inderdaad. Zo komen haar overwegingen over, als een openbaring! Esther Perel heeft zich het gedachtegoed van de systeemtherapie zo eigen gemaakt dat het overkomt alsof ze het heeft uitgevonden.

Maar Perel was nog lang geen relatietherapeut toen ze in 1981 bij Minuchin mocht meekijken bij zijn gezinstherapieën. Minuchin, de vader van de systeemtherapie. Van hem heeft ze veel geleerd. Dat weet zij ook.

Niet dat ik zou willen zeggen dat Perel geen gave heeft want daar ben ik het van harte met de journalist van Trouw eens. En die gave vindt, denk ik, vooral zijn oorsprong bij de opvoeding door haar ouders, twee getraumatiseerde Joodse mensen uit Polen, die ondanks alles haar een innemende hoeveelheid levendigheid, verbeeldingskracht en zelfvertrouwen hebben weten mee te geven. Daarnaast heeft ze van jongs af aan verschillende talen leren spreken.

Perel zegt: “Problemen leven niet ìn je maar in het ecosysteem”. Dit is een typisch systemische uitspraak. Dat we geneigd zijn om te denken dat problemen ìn ons leven, wordt volgens haar mede veroorzaakt door de psychoanalyse. We gingen diep graven in onze psyche en zijn ons zelf steeds meer gaan identificeren met onze problemen, maar we zijn meer dan dat. We zijn niet ons probleem. Perel: “We zijn elkaar voortdurend aan het maken.” Een andere manier om dit te zeggen is: “Het probleem zit niet tussen de oren maar tussen de neuzen.”

Om het probleem weer buiten je zelf te plaatsen biedt bijvoorbeeld de, uit de systeemtherapie voortgekomen, stroming van de narratieve therapie een stuk gereedschap. Ik doel op het zogenaamde externaliseren van het probleem zodat je het beter van verschillende kanten kunt bekijken. Daar hebben narratief therapeuten vele vragen voor bedacht. Om te beginnen geef je het probleem een naam met een hoofdletter. Stel dat het probleem Onzekerheid heet, dan vraag je bijvoorbeeld naar de bedoelingen, de bondgenoten en de manier van spreken van Onzekerheid.

Minuchin ontwikkelde weer andere gereedschappen. Zijn gezinstherapie valt onder de structurele systeemtherapie. Perel zocht een mooi fragment uit met hem. Minuchin noemt in het fragment ook nog even een belangrijke vertegenwoordiger van de narratieve stroming: Michael White .

Loskomen van je zekerheden

Perel heeft Minuchin zelf aan het werk gezien en herinnert zich dat hij gezinstherapie eens voorstelde als een biljartspel. Je moet strategisch denken. Als je het probleem van het gezin wil oplossen dan wil je bijvoorbeeld dat één van de ballen (één gezinslid) van positie verandert. Om dat voor elkaar te krijgen stoot je een andere bal in zijn richting waardoor de bal in beweging komt. Hoe de ballen na die eerste stoot op het laken liggen zal er heel anders uitzien. Veranderen van rollen en posities om het probleem op te lossen ofwel om verandering te creëren. Zo werkt structurele gezinstherapie.

Voordat Perel bovenstaand fragment van Minuchin liet zien benadrukte ze eerst dat we ons een weg moeten zien te banen uit onze eigen zekerheden, uit de verhalen waarin we vast zijn komen te zitten. Dit naar aanleiding van het eerste fragment van deze Zomergasten-avond, uit de film ‘I, Tonya’ waarin een moeder en dochter de confrontatie aan gaan. Het punt dat Perel wil maken is dat het verzekerd zijn van je eigen waarheid of zekerheid, de vijand van verandering is.

“Welcome to my office”, zegt ze nadat we gezien hebben hoe moeilijk het kan zijn om de waarheid van dochter Tonya te laten samenkomen met de waarheid van haar moeder. Ze willen een relatie met elkaar maar ze willen bij hun eigen waarheid blijven en die liggen ver uit elkaar. Perel zou zeggen: “Het doet me pijn om jullie zo te zien. Jullie moeten een weg zien te vinden uit je eigen waarheid, uit je eigen zekerheid.”

Het idee van het vastzitten in je eigen verhaal, zekerheden of waarheid en de kennis over hoe je daar uit los moet zien te komen en hoe dit helpt bij het opnieuw verbinden met mensen komt voort uit de stroming van de narratieve therapie. Het doel van de therapie is om samen een nieuw verhaal te kunnen maken.

Perel ziet heel veel mensen die ‘op zoek zijn’ naar verbinding met hun ouders. Wie waren/zijn zij nu echt? De moeder in de film gaf Tonya een keiharde opvoeding wat de dochter haar kwalijk neemt. De ‘waarheid’ van de dochter transformeert wanneer ze kan aanhoren dat deze moeder zelfs niet eens gezien werd door hààr moeder en dat zij met haar harde opvoeding vooral wilde voorkomen dat zij Tonya hetzelfde zou aandoen.

Het volgende fragment komt uit de documentaire: ‘My architect’. We zien opnieuw hoe vast we kunnen komen te zitten in onze zekerheden, in onze verhalen. Soms is een zekerheid of een verhaal zelfs een illusie. Een oudere vrouw houdt hier vast aan de illusie, haar waarheid, dat haar partner van haar hield en dat hij naar haar op weg was. Zij wil zich niet uit haar illusie bevrijden maar haar zoon, de maker van de documentaire, wil wel dat zij dit doet. Hij doet zijn best om zijn moeder op andere gedachten te brengen maar zij blijft vast houden aan haar romantische verhaal. Misschien is dit ook wel het beste in dit geval. Zij heeft geen behoefte aan verandering. Haar zoon wel maar hij laat haar uiteindelijk toch maar in haar waarheid.

Deze documentaire is in zijn geheel een mooi verslag van hoe een kind op zoek gaat naar verbinding met een ouder. In dit geval is een zoon op zoek naar zijn vader.

Het ritme van de liefdesrelatie: Harmonie – disharmonie – reparatie

Uit ‘The before trilogy’ die de fasen van een liefdesrelatie in beeld brengt toont Perel een fragment uit het laatste deel ‘Before midnight’. We zien hoe de man uiteindelijk de verbinding met de vrouw probeert te herstellen, hoe hij de disharmonie probeert te repareren. Dit is een herkenbaar ritme in liefdesrelaties: harmonie, disharmonie en reparatie. In dit fragment lijkt de reparatie van de man te gaan werken.

Partners die in therapie gaan komen meestal niet met de vraag: wat doe ìk fout? Meestal willen de partners het hebben over wat er fout is aan de ander. Ze zijn de experts van de fouten van de ander. Perel vraagt graag naar het begin van de relatie. Waarom vielen ze op elkaar? Wat vonden ze zo leuk aan elkaar? En het bijzondere is dat datgene waar we in het begin het meest op vallen, later de bron van het conflict wordt. Het paar zegt: “We waren aan het dromen maar nu voelt het als een desillusie.” Ze krijgen iets teveel van het goede van de ander.

Wat Perel aan de orde wil stellen is de hoeveelheid hoge verwachtingen die paren tegenwoordig van elkaar en de relatie hebben. Waar onze behoeften aan verbinding vroeger vervuld werden door de leden van een hele gemeenschap moet dit nu overgenomen worden door die ene partner.

Wat weten we eigenlijk over waar paren mee worstelen?

Perel heeft podcasts gemaakt van paren in therapie. Ze kwam op het idee om deze podcasts te maken toen ze een keer verbleef in een Italiaans dorp waar iedereen nog van elkaar wist wat voor ruzies er speelden tussen echtparen maar ook wanneer ze elkaar liefhadden. Deze gemeenschappen zijn zo goed als verdwenen. Het dorp is vervangen door Facebook en daar laten we alleen onze mooie kanten zien.

Met de podcasts krijgen we een kijkje in de achterkamer, de huiskamer en de slaapkamer van een paar net zoals in dat Italiaanse dorp. Perel bood de paren in de podcasts gratis relatietherapie aan in ruil voor geluidsopnames van de gesprekken. Natuurlijk blijven deze paren anoniem maar hun stemmen zijn echt. Je kunt ze hier beluisteren: https://estherperel.com/podcast

Waar paren mee worstelen komt ook naar voren in een fragment uit de serie ‘The skin deep’. In deze serie beantwoorden paren vragen die op kaartjes staan. Terwijl ze om de beurt vragen stellen aan elkaar en deze beantwoorden, zitten ze tegen over elkaar en kijken ze elkaar aan.

De kaartjes die voor deze serie werden gebruikt zijn te koop en interviewer Janine Abbring haalde ze te voorschijn en trok een kaart uit de stapel voor Perel. De vraag die er op stond was: ‘If your mum were here, what would she tell me about you?’ Perel’s moeder zou over goede eigenschappen beginnen die ze niet tegen Perel zelf zou hebben verteld en de moeder van Abbring zou gezegd hebben dat ze goed borstplaat kon bereiden en dat ze niet zo stoer is als ze er uit ziet. Een leuk en persoonlijk moment in het interview.

Perel vindt het gebruik maken van deze kaartjes in therapie een goed idee omdat het een spel is. Je komt eigenlijk vanzelf op een meta-niveau.

Naar aanleiding van het ‘Skin Deep’ fragment heeft Perel het ook over de hoge verwachtingen die we tegenwoordig hebben van seksualiteit. Vroeger ging seks over reproductie en was het voor de vrouw een huwelijkse plicht. Nu willen we er van genieten en gaat seks over passie en verbinding. Dit zijn heel grote dingen. Dit verlangen we van seks voor het eerst in de geschiedenis van de mensheid.

In het fragment raapt de man het kaartje: ‘When did you last fake an orgasm?’ en we zien hoe kwetsbaar en machteloos de man is terwijl zijn vrouw hem probeert te antwoorden. Zìj kan een orgasme ‘faken’ maar hij niet. Hij voelt zich volgens Perel afgewezen, incompetent en hij moet er maar op vertrouwen dat zij de waarheid spreekt over het wel of niet hebben van een orgasme.

Emancipatie voor iedereen

Vrouwen kunnen angst hebben voor verkrachting maar mannen kunnen bang zijn om vernederd te worden. Voor mannen geldt nog steeds de rigide code dat ze moeten winnen, dat ze competitief moeten zijn enz. We hebben een grotere diversiteit nodig in dit soort codes, niet alleen voor mannen maar voor iedereen. We moeten allemaal emanciperen.

In het ‘Skin deep’ fragment zien we dat niet alleen de man macht heeft. De machtsdynamiek speelt in elke relatie. Wie heeft de macht en wanneer? Wat is het rollenspel van de macht in de relatie? Dit zijn belangrijke vragen.

Na de Lewinsky-affaire in de VS (1995) is Perel zich gaan afvragen hoe Amerikanen eigenlijk over partnerrelaties en seks denken. Drie keer scheiden vinden de meeste Amerikanen normaal maar ontrouw en overspel zijn taboe. Hoe kan dit? Perel: “Hoe mensen met seksualiteit omgaan geeft een venster op de cultuur.” Het hedonistische (alles kan en mag en we moeten genieten) staat hier tegenover het puriteinse (het mag niet). Het mag niet maar Amerikanen willen wel alle details weten van het overspel…

Bij je partner blijven als je bedrogen bent is de nieuwe schande in de VS. Bedrog is het voornaamste probleem geworden. Amerikanen zouden seksueel intelligenter moeten zijn. In de periode van de Lewinsky affaire is Perel seksuoloog geworden en schreef ze haar eerste boek: Erotische Intelligentie. In het engels: ‘Mating in captivity’.

Lewinsky heeft haar verhaal, haar waarheid getransformeerd. Eerst dacht Lewinsky dat de seks met Clinton gebaseerd was op wederzijdse instemming. Maar later veranderde haar verhaal, haar waarheid, in dat de seks nìet gebaseerd was op wederzijdse instemming. Zij was een jonge stagaire en Clinton was president. Perel: “Hoe komt een jong meisje tot een beslissing in het gezelschap van een president? Dit is Lewinsky zich gaan afvragen. Je ziet welk effect een ander verhaal of een andere waarheid heeft: Een andere blik op de gebeurtenissen verandert de beleving er van.”

#Metoo

Voor Perel is het Lewinsky verhaal geen ‘#metoo’ verhaal. ‘#Metoo’ wil ze met een genuanceerde blik bekijken. Daarom toont ze een fragment met de Franse feministische filosofe en historicus: Elisabeth Badinter.

Badinter, die ook een boek heeft geschreven over het moederschap: ‘De mythe van de moederliefde: geschiedenis van een gevoel’. Badinter, die zegt dat we vroeger vonden dat je iemand niet moest verlinken. Dat deed je niet. En dat lijkt veranderd met ‘#metoo’. Verlinken lijkt prijzenswaardig geworden. Daar heeft Badinter moeite mee. Het moet niet vals worden. Perel merkt op dat zich hier ook de kloof van de generaties toont.

Net als Badinter staat Perel positief tegenover de vrouwen en mannen die eerst in de schaduw stonden en die nu getuigen van de seksuele intimidatie en het misbruik dat hen is overkomen. Getuigen is iets anders dan verlinken.

We moeten een onderscheid maken tussen ‘power over’ en ‘power to’.

Je levendig willen voelen

Het volgende fragment komt uit de 9-urige documentaire van Claude Lanzmann: Shoah. De film bestaat voornamelijk uit interviews met zowel slachtoffers als daders en bezoeken aan plaatsen die van belang waren voor de Holocaust in Polen, waaronder drie vernietigingskampen. Hij geeft getuigenissen van geselecteerde overlevenden, ooggetuigen en Duitse daders, vaak heimelijk gefilmd met een verborgen camera. Perel laat een fragment zien met een kapper die in concentratiekamp Treblinka zat.

Volgens Perel doet deze filmmaker precies wat de kinderen van de concentratiekamp slachtoffers ook hebben moeten doen: vragen stellen. Lanzmann vraagt door, ook als de kapper niet meer verder kan vertellen. Welke vragen stel je? Wat wil je weten als kind? Perel heeft haar moeder ondermeer gevraagd: “Wat maakte dat je wilde blijven leven?” Haar moeder dacht dat er na de verschrikkingen iemand zou zijn die op haar wachtte, dat er iemand was aan wie ze haar belevingen zou moeten vertellen. Ze durfde haar moeder niet te vragen naar de pijn en haar ouders vertelden haar vooral de heroïsche verhalen. Maar ze heeft hieruit goed begrepen dat mensen zich heel graag levendig willen voelen al is het maar voor één minuut. “Sommige mensen komen uit het trauma maar leven niet.” Haar ouders wilden groot en levendig zijn. Ook mensen die in therapie gaan, zoeken naar het levendige.

“Je voelt het geluk als je betekenis hebt”.

We moeten niet zoeken naar geluk maar we moeten zoeken naar betekenis. De choreograaf Ohad Naharin maakte een dans ter gelegenheid van het 50 jarig bestaan van de staat Israël, die betekenis voor hem had. We zien in dit fragment delen van de dans en de protesten er tegen. Perel: “Dit is kunst die een protest is, die tegen de traditie ingaat.” Naharin wilde de dans niet veranderen toen er veel reacties kwamen van mensen die aanstoot namen aan de onderbroeken waarin de dansers gekleed waren. Perel staat achter hem en hecht er aan dat de kunst vernieuwing, transgressie teweeg brengt. Zowel in de kunst als in therapie moeten we kunnen zeggen: “Ik wil een oude orde verlaten, een grens oversteken, ik wil het anders.”

Soms moet je mèt iemand anders zijn om zèlf iemand anders te zijn

Om haar visie over ontrouw is Perel de laatste tijd erg bekend geworden. Ze schrijft er over in haar nieuwe boek: ‘Liefde in verhouding: een nieuw perspectief op trouw en ontrouw’. Haar eerste boek: ‘Erotische intelligentie’ gaat over het verlangen binnen de relatie en dit tweede boek gaat over het verlangen buiten de relatie.

Ontrouw is een taboe maar als Perel aan een publiek van zo’n 900 Italianen vraagt wie er te maken heeft gehad met ontrouw of wie er geboren is uit een buitenechtelijke relatie gaan er bijna 900 vingers de lucht in. We hebben de liefde en de passie binnen de relatie gebracht maar het bestaat zeker ook daar buiten. Misschien kunnen we het taboe aan de kant zetten.

In de ontrouw gaan we volgens Perel op zoek naar een nieuw ‘ik’, naar het levendige in ons en we zoeken het buiten de relatie. We willen iets doen wat we anders niet doen, we willen andere delen van onszelf leren kennen. Soms moet je mèt iemand anders zijn om zèlf iemand anders te zijn.

We weten veel over de bedrogene, het slachtoffer van de ontrouw maar niet over de bedrieger, de dader. Perel houdt zich bezig met de dader. Haar visie op ontrouw leidde begin dit jaar tot een bespreking van haar nieuwe en tweede boek in de NRC met de titel: ‘Je moet bijna wel vreemd gaan’.

“Om moderne ontrouw te begrijpen moet je echt het moderne huwelijk begrijpen. Onze individualistische samenleving veroorzaakt een paradox: de behoefte aan trouw neemt toe, maar de aantrekkingskracht van ontrouw ook.”

Doordat we emotioneel zo sterk afhankelijk zijn van onze partners, hebben buitenechtelijke verhoudingen meer dan ooit een verwoestende lading, stelt ze. “Maar in een cultuur die individuele voldoening eist en ons verleidt met de belofte van meer geluk, worden we meer dan ooit in de verleiding gebracht om af te dwalen.”

Het lijkt wel alsof we in een ‘double bind’ terecht zijn gekomen. Perel bedoelt natuurlijk niet dat we vreemd moeten gaan maar ze plaatst het verschijnsel ontrouw binnen een breder kader: “Overspel als een uitdrukking van de complexiteiten en de dilemma’s van liefde en verlangen in deze tijd”. Dit is denken in systemen.

Liefde in het internet tijdperk

Aan de hand van een fragment uit de film: ‘Newness’ toont Perel hoe jonge mensen romantische consumenten zijn geworden, op zoek naar een ‘soulmate’. We horen de jonge vrouw zeggen dat voor haar alles steeds nieuw moet zijn. We zien hoe we op ‘dating apps’ honderden potentiële partners onder onze vingertoppen hebben. Op zoek naar extase, naar transcendentie, naar vrijheid en nieuwigheid waarbij de ‘fear of missing out’ meespeelt. We zoeken in de relatie naar nieuwigheid maar tegelijk willen we verbinding en veiligheid. We willen in één persoon vinden wat we vroeger in een heel dorp vonden.

In deze film speelt Perel zelf een rol. Alsof ze nog niet beroemd genoeg is!

Ze heeft overigens niet veel op met beroemdheid. Wat ze het belangrijkst vindt is dat ze het in de ogen van haar kinderen als moeder aardig gedaan heeft.


Eerder publiceerde ik een serie van 7 artikelen op dit weblog over Minuchin’s werkwijze. Te beginnen bij: Minuchin’s gezinstherapie I.

Ook publiceerde ik eerder een verslag van een workshop die ik volgde bij Esther Perel: Erotische intelligentie

Meer over samen een nieuw verhaal maken en narratieve therapie op dit blog: Therapie is taal; het is samen een rijker verhaal maken.

Advertenties

1 reactie

Opgeslagen onder Psychotherapie, Systeemtherapie

Collaboratieve relatie-therapie

Deze vorm van therapie is gebaseerd op de aanname dat partners met relatieproblemen behoefte hebben aan een gesprek. Dit lijkt een open deur maar er valt toch veel over te vertellen. Partners die de aanvallende rol spelen (vechten, beschuldigen) hebben behoefte aan een verzoenend gesprek en partners die zich terugtrekken hebben behoefte aan een verbindend gesprek.

Je gaat als collaboratief werkende therapeut op zoek naar het gesprek dat de partners gedurende lange tijd niet met elkaar hebben kunnen voeren.

Drie belangrijke aspecten van collaboratieve relatietherapie

       I. Het moment oplossen

Je gaat naar binnen bij de individuele partners om hun stem te vinden. Wat heeft deze partner nodig om toe te vertrouwen aan de ander, waarin wil hij of zij gehoord worden zodanig dat hij of zij zich op dat moment vervuld voelt of opgelucht, waarna hij of zij zich zich in staat voelt om nu te gaan luisteren naar wat de andere partner te zeggen heeft. Het ‘naar binnen gaan’ wordt hieronder verder uitgewerkt.

Je gaat er tussen staan om een gesprek op gang te brengen en het vechten of het terugtrekken om te zetten in een intiemere verstandhouding; in een gesprek waarin het potentieel aan intimiteit in vervulling kan komen op dat moment; of in een gesprek waarin de partners samen kunnen werken aan wat voor oplossing dan ook voor het probleem wat voor hen ligt.

Je gaat er boven staan om een uitzichtpunt te krijgen over de strijd. Hoe krijg je het voor elkaar om ook dit paar een stap achteruit te doen nemen en met mededogen naar hun situatie te kijken en te functioneren als gezamenlijke probleemoplossers ten aanzien van de uitdagingen waarvoor de relatie hen stelt

        II.  Speciale interventies

Dubbelen.

Speciale vragen: de ‘in hoeverre – vraag’.

        III. Therapeutische houding is vriendelijk en open

Je betrapt je als therapeut er zelf er op als je veroordelend begint te worden.

Je vertrouwt ook je eigen gedachten en strategieën aan de cliënten toe.

Je kunt de partners zien als consulenten (aan wie je advies kunt vragen).

Enkele van deze belangrijke aspecten komen in de hand-out van Daniel Wile, die op het NVRG congres 2015  een lezing en een workshop gaf over de collaboratieve relatietherapie, aan de orde en heb ik vertaald.


I. HET OPLOSSEN VAN HET MOMENT

Naar binnen gaan om de stem van de partners te vinden 

  1. Voorgevoelens. Iedereen heeft ze. Ze kunnen je zenuwachtig maken, bezorgd. Ze hebben te maken met verlangens, pijnsteken, teleurstellingen, gevoelens van in de steek gelaten zijn, golven van eenzaamheid, angst, spijt, een vertrouwenscrisis, korte momenten van depressie enz. Ideaal is het als we deze gevoelens aan iemand kunnen toevertrouwen op het moment dat we ze hebben en wel op zo’n manier dat onze (gespreks-)partner een bondgenoot wordt. Op zo’n manier dat er een moment van intimiteit ontstaat die ons meteen een gevoel van opluchting geeft.
  2. Stem verloren. Vaak vertrouwen we de voorgevoelens niet toe – hebben we onze stem verloren – of weten we niet eens dat we deze voorgevoelens hebben omdat we ons er voor schamen, ons er door bedreigd voelen of het gewoon niet gewend zijn om deze gevoelens te vertellen; alsof we geen recht hebben op onze eigen beleving of ervaring… Misschien zijn we, terecht of onterecht bang dat wanneer we deze voorgevoelens aan onze partners toevertrouwen dat we daarmee onze partners een slechte bui bezorgen of ruzie krijgen of dat we hen demoraliseren of dat we terechtgewezen zullen worden.
  3. Noodmaatregelen. Wanneer we niet vast kunnen stellen en niet kunnen uitdrukken wat we zouden moeten communiceren – wanneer we onze stem verliezen – dan nemen we soms onze toevlucht tot noodmaatregelen waardoor de zaken vaak alleen maar erger worden.
  4. Toevlucht tot de aanval of tot de vermijding. Dit zijn de twee meest voorkomende noodmaatregelen. In de aanval vertalen we ons eigen ongemakkelijke gevoel in iets wat de partner verkeerd doet. Bijvoorbeeld: “Ik voel me schuldig” wordt vertaald in “jij geeft me een schuldgevoel”. Of: “Ik voel me ongeliefd” wordt vertaald in “Jij zegt nooit dat je van mij houdt”. “Ik ben gevoelig, ik trek het me persoonlijk aan” wordt “Jij bent gemeen”. “Ik vind het soms moeilijk om te vragen om wat ik nodig heb” wordt “Jij zou moeten weten wat ik nodig heb zonder dat ik er om vraag”. Zo maken we een vijand van onze partner. In de vermijding vegen we het ongemakkelijke gevoel onder het tapijt. We zeggen niets en haken af. Van onze partner maken we een vreemde.

Samengevat. Als je je stem kwijt bent en je daarom je voorgevoelens niet kunt toevertrouwen aan je partner waarmee je je partner tot een bondgenoot maakt, dan neem je je toevlucht tot een noodmaatregel en dat is meestal de aanval waarmee je je partner tot een vijand maakt of het vermijden/terugtrekken waarmee je je partner tot een vreemde maakt.

Het oplossen van dat moment doe je als therapeut door de voorgevoelens van de ene partner naar boven te brengen op zo’n manier dat deze toevertrouwd kunnen worden aan de andere partner.

Er tussen gaan staan om een gesprek op gang te brengen

Aanvallen, vermijden of toevertrouwen kan leiden tot een aanvallende, terugtrekkende of een collaboratieve cyclus.

In een aanval-cyclus voelen beide partners zich tè niet gehoord om te luisteren, tè niet begrepen om begrijpend te zijn en tè gestoken door wat de ander gezegd heeft dat hij of zij alleen maar terug kan steken.

In een terugtrek-cyclus stimuleert de matte toon in de stem van de ene partner, de stiltes, de eenlettergrepige antwoorden, het vermijden van gevoelens en om dingen heen praten, net zoiets bij de andere partner. Zoals fluisteren, fluisteren stimuleert.

In een collaboratieve cyclus strekken beide partners zich uit naar elkaar, stellen elkaar gerust, erkennen elkaar, vertrouwen elkaar kwetsbare gevoelens toe, geven elkaar het voordeel van de twijfel en kunnen de partners zich verplaatsen in het standpunt van de ander omdat de ander dat ook doet.

Als therapeut help je de partners om het gevecht of het terugtrekken om te zetten in een gesprek waarin de partners weer samenwerken.

Er boven gaan staan, een verhoging creëren

Als therapeut creëer je een verhoging, een platform door bepaalde vragen te stellen of door een invoelend, mededogend overzicht over de situatie of de relatie te geven. Maar je helpt ook de individuele partners zelf om een overzichtspunt te creëren boven de strijd die zij hebben om zowel empathie te ontwikkelen voor zichzelf als voor hetgeen waar h/zij moeite mee heeft.

Platform-vragen kunnen zijn:

  • In welk opzicht is dit gesprek wel of niet nuttig?
  • Is dit gevecht net zo frustrerend als het er uit ziet of krijgen jullie er iets uit?
  • Ik zou graag terugkomen op die aangename uitwisseling die jullie zojuist even hadden in het midden van het gevecht. Zagen jullie dat ook als aangenaam? Als dit zo is laten we dan uitzoeken hoe dit kon gebeuren en wat jullie weer terug in het gevecht katapulteerde?
  • Komen we toe aan waar het over moet gaan vandaag?
  • Gegeven de zure draai die de sessie heeft genomen, hoe gaan jullie naar huis en hoe zal het de komende dagen zijn?

Overzichten met mededogen kunnen zijn:

  • Ed, ik begrijp dat jij het niet prettig vind dat David iets naar voren brengt wat jij 20 jaar geleden deed. Het geeft je een gevoel alsof hij je er nooit overheen laat komen. En David, ik begrijp dat je het naar voren brengt omdat het het duidelijkste voorbeeld is van iets waarvan jij het gevoel hebt dat Ed dit, op meer subtiele manieren, vandaag de dag nog steeds doet.
  • (Als Alan sprekend tot Joyce): Joyce, nu zitten we weer vast in deze vicieuze cirkel waarin ik jou aanval als jij je terugtrekt en jij je terugtrekt als ik je aanval. Het is pijnlijk en we zijn er nog niet achter hoe we hier beter mee om kunnen gaan.

Dit soort overzichten geven een beeld van de strijd waar beide partners in zitten en de netelige positie waarin ze zich bevinden, de moeilijke kwestie waar ze mee zitten.

Vanaf de overzicht-positie kun je de partners helpen om met compassie te kijken naar wat er gebeurt in de sessie, in de relatie en/of in de therapie.

  • In de sessie: Hoe voel je je over het gevecht waarin je nu zit? Voelen jullie je nu veel beter over elkaar dan in het begin van de sessie. Waaraan is dit te danken?
  • In de relatie: Het probleem dat steeds opduikt was er vanaf het begin maar kwam naar boven nadat jullie dochter geboren werd. Jullie gingen er op een gegeven moment bijna door uit elkaar maar jullie vonden een manier om er mee te leven. Het probleem bestaat nu nog als een negatieve maar te behappen kracht die aan de relatie trekt. Is dit ook hoe jullie het zien? Of: Klopt het, Jan, dat jij degene was die aandrong tot intimiteit in het begin van de relatie en dat jij Helga degene was die dat later deed, tot voor kort. En dat jij, Jan, nu weer degene bent die er op aandringt. Hoe is dit zo gekomen? Hoe kunnen we dit begrijpen?
  • In de therapie: De eerste sessie praatten jullie veel over …… Daar hoor ik jullie niet meer over. Is dat omdat het opgelost is of zijn jullie vergeten om het aan te kaarten? Of: De laatste paar keer komen jullie hier in een goede bui maar vertrekken jullie terwijl je kwaad bent op elkaar. Is dat ook jullie ervaring, en als dat zo is, hoe groot is de kans dat dit vandaag weer gebeurt?

II. SPECIALE INTERVENTIES

DUBBELEN

Op het congres van de NVRG noemde Daniel Wile het ‘dubbelen’ het visitekaartje van de collaboratieve relatietherapie. Hij ging er uitgebreid op in en ook later in een workshop deed hij het dubbelen voor aan de hand van een ingebrachte casus.

2006-01-25B

Wanneer je dubbelt in collaboratieve therapie dan spreek je alsof je een van de partners bent tegen de andere partner. Je wordt als het ware één met die partner; je zegt: “ik … ” , waardoor de ruimte tussen jou als therapeut en de partner als het ware oplost. Je verplaatst je stoel en je gaat naast deze partner zitten of je knielt naast hem/haar. Wile heeft de gewoonte om te knielen. De partner waarvoor je spreekt heeft letterlijk iemand naast zich om hem/haar te helpen met het voor elkaar krijgen dat de andere partner hem of haar begrijpt. Deze partner voelt zich minder alleen staan.

Je herformuleert wat deze partner zojuist gezegd heeft op een manier die

  • meer voldoening geeft voor degene voor wie je spreekt. Dit wil zeggen dat ze het beter vinden dan wat ze zelf zojuist gezegd hebben of op een manier die
  • makkelijker te horen is voor de andere partner (minder verwijtend).

Je vertaalt de ene partner’s beschuldigende, verdedigende of vermijdende opmerking in een vertrouwende, blootleggende of erkennende opmerking. Als we als therapeut niet uit onze stoel komen zal het dubbelen gezien worden als een gewone interventie. Als we wel uit onze stoel komen zal het gezien worden als ongebruikelijk en dat moeten we uitleggen. Daniël Wile legt het graag zo uit: “Ik ga iets doen wat ik vaker doe en dat is dat ik ga spreken alsof ik jou ben die tegen jouw partner praat. Ik doe dit om verschillende redenen: om te controleren of ik jou begrijp, om op iets nieuws te komen vanuit een andere richting of om aandacht te vragen voor iets wat een van jullie zojuist zei. Misschien voelt het in het begin gek. Als het gek blijft voelen houd ik er mee op. Vinden jullie dat goed?”

De therapeut maakt het makkelijk om de inhoud van zijn ‘dubbeling’ af te wijzen of te veranderen. H/zij wil niet dat de partners er zomaar in mee gaan, dus wordt het dubbelen beëindigd met een vraag als:

“Wat klopt er aan mijn raden over hoe jij je voelt en waar klopt het niet?”

“Mag ik het zo zeggen of is er een betere manier om het te zeggen?”

“Ik heb dit bedacht. In welk opzicht kun je er in mee gaan?”

Als de partner zegt dat de therapeut er naast zit vraagt hij: “Wat is de betere manier om het te zeggen?” Als de partner zegt dat de ‘dubbeling’ grotendeels klopt dan vraagt hij: “Wat zou het helemaal kloppend maken?”. Als de partner op een twijfelende manier zegt dat het klopt dan zegt de thrapeut: “Dat is een twijfelachtig ja. Ik denk dat ik er naast zit.”

Als de ‘dubbeling’ bestaat uit een speculatie zegt de therapeut er achteraan: “Dit bestaat geheel en al uit een speculatie. Ik geef mijzelf 20% kans dat het klopt.”

Als de partner positief reageert op de ‘dubbeling’ dan zou de therapeut kunnen vragen: “Zou je in je eigen woorden dit nu tegen je partner kunnen zeggen?”.

Daarna vraagt de therapeut aan de andere partner: “Hoe is het om dit te horen?”

Verduidelijkende werking

Verduidelijken van een partner houdt in:

  • Op een eenvoudige manier zeggen wat h/zij op een ingewikkelde en zichzelf herhalende manier zei.
  • Op een duidelijke manier zeggen wat h/zij op een vage, breedsprakige of afdwalende manier zei.
  • Geheel en al zeggen wat op een korte manier gezegd werd.
  • Aandacht vragen voor iets belangrijks wat in een bijzin gezegd werd.
  • Expliciet maken wat zojuist geïmpliceerd werd.
  • Verdere implicaties uittekenen van hetgeen zojuist gezegd werd.
  • Een lijst maken van de punten die h/zij maakte in een uitgebreide verklaring zodat ze niet verloren gaan en zodat de andere partner een kans krijgt om op al deze punten te reageren.

Daniel Wile legt de partners graag uit welke bedoeling hij heeft met het dubbelen. Bijvoorbeeld:

  • “Ik denk dat je iets impliceerde met wat je net zei en dat zou ik graag naar voren willen brengen.”
  • “Er zit een gesprek verscholen in deze strijd en dat wil ik graag naar voren brengen”.
  • ” Ik ga een uitspraak doen voor jou maar ik ga beginnen met een erkenning (bijv. dat de ander ook een punt heeft) – dat helpt altijd.
  • “Ik ga de toon waarop je dit zei veranderen”.

Het doel van dubbelen is altijd om:

  1. De toon te veranderen. Van hard naar vriendelijk. Van gedistantieerd naar betrokken, geëngageerd.
  2. Kwetsbare gevoelens toe te voegen. De klacht die iemand uit veranderen in een angst, een wens of een ander kwetsbaar gevoel.
  3. Erkenningen geven. Een erkenning van de positie, de reacties, de strijd of manier van zijn van de ander of een erkenning voor iemands eigen positie, reacties, strijd of manier van zijn. Erkennen van de ander kan door te valideren: “Je hebt gelijk met…”, door te begrijpen: “Logisch dat je het gevoel hebt dat…” en door iemand te erkennen in wat h/zij zegt: “Ok, dus jij zegt…”. Erkennen van de eigen positie, reactie, strijd of manier van zijn kan door te zeggen: “Ik weet dat ik er ook een rol in speel. Het hielp niet dat ik mopperend thuis kwam”. Of: “Ik weet dat ik in de verdediging schiet (of mij terugtrek).” Of: “Zoals je ziet, ik ben kwaad.” Of: “Ik ben van streek dus ik zeg dit waarschijnlijk op een manier die moeilijk is om naar te luisteren”. Of: “Ik ga heen en weer tussen het verwijten van jou en het verwijten van mijzelf”.
  4. Begrip hebben voor de netelige positie waarin de partners zitten. Je doet een stap terug en zegt met mededogen alsof je een van de partners bent: “Nu zitten we weer in hetzelfde gevecht”. Of: “We zitten weer in die pijnlijke vicieuze cirkel waarin ik kwaad wordt als jij je terugtrekt en jij je terugtrekt als ik kwaad wordt”.
  5. Een monoloog veranderen in een dialoog door een vraag toe te voegen. Als hetgeen een partner zegt in wezen een monoloog is of een verhandeling waarin de ander de les gelezen wordt of een verklaring dan verander je dit in een dialoog, in een gesprek door naast die partner te gaan zitten en toe te voegen: “Wat vind je van wat ik zojuist zei?”. Of: “Kun je het eens zijn met een deel van wat ik zei?” Of:  “Kun je begrijpen hoe ik me zo voel?”.

In één voorbeeld worden deze 5 manieren van dubbelen geïllustreerd:

Een vrouw zegt tegen haar man: “Waarom ben je altijd te laat thuis voor het eten?” En daar gaat ze nog een tijdje over door.

Ze kan 1. haar toon veranderen. Ze kan 2. een kwetsbare kant laten zien door een wens uit te spreken: “Ik zou willen dat we als gezin aan tafel zitten. Dat geeft mij zoveel plezier”. Of door een angst toe te vertrouwen aan de ander: “Ik maak me er zorgen over dat onze diners niet meer zo plezierig zijn als vroeger. Maak jij je daar ook zorgen over?” Ze kan 3. de positie van de andere partner erkennen en zeggen: “Misschien toon ik te weinig begrip voor hoe moeilijk het voor jou is om weg te gaan bij je werk.” Of erkenning geven aan haar eigen positie: “Ik ben van streek dus ik zeg dit waarschijnlijk niet op de goede manier”. Ze kan 4. een stapje terug doen en er met mededogen over spreken: “Ik weet dat je er een enorme hekel aan hebt als ik me hier zo over opwindt”. Of: “Nu zitten we weer midden in die frustrerende vicieuze cirkel waarin jij je terugtrekt als ik je aanval en ik jou aanval wanneer jij je terugtrekt.” En ze kan 5. de monoloog omzetten in een dialoog door aan het eind een vraag te stellen zoals: “Wat vind je van wat ik net zei?” Of: Kun je je voorstellen hoe ik me voel?”

Het dubbelen onder de knie krijgen

Als je het dubbelen voor het eerst doet kun je een moment tijdens de sessie uitkiezen om het uit te voeren. Je kunt niet in één keer alle 5 belangrijkste doelen/principes van het dubbelen meester worden. Het meest natuurlijke is om te beginnen met:

Het 1e principe: De toon veranderen 

Als je hier mee begint kun je altijd later nog het 2e principe toevoegen; een kwetsbaar gevoel toevoegen. Hiermee verander je de jij- boodschappen in ik-boodschappen wat van cruciaal belang is. Door het toevoegen van het 3e principe; erkenningen doen vergroot je het effect van het dubbelen enorm. Met het 4e principe; waardering geven aan de lastige situatie waarin het koppel zich bevindt, doe je een stapje terug en praat je op een collaboratieve manier over hoe moeilijk het is om in deze situatie te zitten. Met het 5e principe verander je een monoloog in een dialoog door een vraag toe te voegen zodat je op een niet opdringerige manier de opmerkingen van de ene partner veranderd in het begin van een uitwisseling.

Het 2e principe: kwetsbare gevoelens toevertrouwen

Klachten of ontwijkende reacties vervang je door:

  • Wensen; verlangens, behoeften, dromen.
  • Angsten; zorgen, ongerustheid, zenuwachtigheid paniek, wanhoop.
  • Andere kwetsbare gevoelens zoals: schaamte, vernedering, berouw, pijn, eenzaamheid enz.

Je veranderd jij-boodschappen in ik-boodschappen waarbij je er voor waakt dat een ik-boodschap toch niet stiekem een  jij-boodschap is. “Ik voel me in de steek gelaten (door jou)”, is er zo een. Meer zuivere ik-boodschappen zijn:

“Ik zit weer vast in dat gevoel dat bij mij zo gemakkelijk opgeroepen wordt – het gevoel van in de steek gelaten te zijn”, waarmee verantwoordelijkheid voor het gevoel genomen wordt en een beschuldiging vermeden wordt. Of:

“Ik voel me verlaten maar ik denk dat jij je ook niet goed voelt over wat er aan de hand is”, waarmee de beschuldigende impact kleiner word omdat er erkend wordt dat de andere partner ook ergens mee zit. Of:

“Zitten we nu weer in de vicieuze cirkel waarbij jij je iets opgedrongen voelt en ik me verlaten voel?”, waarmee een beschuldiging vermeden wordt door het probleem bij de interactie te leggen.

Een klacht omzetten in een wens/droom

“Je denkt er nooit eens aan om mij overdag eens te bellen.” In een ‘dubbeling’ zegt de therapeut: “Ik zou het heel lief vinden als je me overdag eens belde”, of: “Ik wou dat ik meer in jouw gedachten was”.

“Je praat nooit eens over je gevoelens.” De ‘dubbeling’ van de therapeut (en dit is de zogenaamde John Gottman* droom): “Mijn hele leven heb ik mij een relatie voorgesteld als iets waarin mijn partner en ik intiem zouden zijn en vertrouwelingen die er elke dag weer naar uitkeken om ervaringen met elkaar te delen. Wat jammer dat we zulke verschillende ideeën hebben over wat we willen in een relatie.”

*John Gottman is een beroemde Amerikaanse relatie therapeut waar ik eerder een bericht over plaatste.

Een klacht omzetten in een angst/hechtingsangst

“Waarom ben je zo stil?” De ‘dubbeling’ van de therapeut: “Ik ben bang dat we zo’n echtpaar worden die niet praten met elkaar. Maak jij je daar ook wel eens zorgen over?” Of: “Ik maak mij zorgen dat we uit elkaar groeien.”

“Ik kan jou op geen enkele manier een plezier doen.” De ‘dubbeling’ van de therapeut: “Ik maak me zorgen dat ik jou niet blij kan maken. Ik ben bang dat ik jou kwijt raak. Ik ben bang dat ik niet beminnenswaardig ben.”

“Hoe kan het dat je altijd zoveel te vertellen hebt met je vrienden en niet met mij?” Hier volgt een ‘dubbeling’ met een ander kwetsbaar gevoel: “Ik schaam me er een beetje voor maar ik ben jaloers op hoeveel lol je had toen je met Jan praatte.”

“Moet je altijd iedereen’s dienstbode zijn?” De therapeut vervangt de klacht met een ander gevoel: “Het was natuurlijk goed dat je Janet hebt getroost over haar ontslag; maar het verwonderde me nogal hoe erg ik onze middagwandeling miste.”

Het 3e principe: Erkenningen geven bij het dubbelen

In een gevecht kunnen geen van beide partners erkenning geven aan wat de ander zegt waardoor het gevecht blijft doorgaan. In het voorbeeld hieronder blijft Tanja bij haar mening dat Rob te hard is tegen de kinderen en blijft Rob van mening dat Tanja te zacht is. Ze gaan hier een tijdje over door.

Om de impasse te doorbreken gaat de therapeut dubbelen en hij begint bij het geven van erkenning aan het punt van de ander. De therapeut dubbelt voor Tanja: “Ik weet dat jij vindt dat ik te toegeeflijk ben met de kinderen – en dat ben ik soms ook. Daar moet ik aan werken. Maar ik hoop dat ik jou duidelijk kan maken dat jij soms te streng bent.” De therapeut dubbelt voor Rob: “Ik weet dat jij vindt dat ik te hard ben tegen de kinderen en dat is ook zo en daar maak ik me zorgen over. Ik wil niet zo zijn als mijn vader. Ik hoop alleen dat ik jou duidelijk kan maken dat jij teveel in de andere richting doorschiet.

Als de therapeut denkt dat de partners beslist niet iets willen erkennen dan zou hij ook op de volgende manier erkenning kunnen geven aan de moeilijke positie waarin beide partners zitten: “(dubbelend voor Tanja) Het is hartverscheurend dat we het zo oneens zijn over iets dat voor ons beiden heel belangrijk is: het welzijn van onze kinderen.”

Het erkennen van de positie van de andere partner lost veel spanning op. Je erkent in het dubbelen namens een van de partners;

  1. de andere partner’s positie, reacties, strijd of manier van zijn door de ander te waarderen; “Je hebt gelijk in …”, door de ander te begrijpen; “Het is logisch dat je je … voelt”, of door zijn bestaan te erkennen; “Ik hoor wat je zegt ook al ben ik het er niet mee eens” of; “OK, dus jij vindt …”
  2. of de partner’s eigen positie, reactie, strijd of manier van zijn door zijn/haar twijfels te uiten over de zaak: “Ik weet niet zeker of dit klopt maar …”, over de manier waarop de zaak naar voren werd gebracht: “Ik ben kwaad dus misschien zeg ik dit niet op de goede manier” of “Dit klinkt misschien defensief en dat is het ook misschien”, over het onschuldige in de zaak: “Ik weet dat ik hier ook zelf een rol in speel” of “Ik kwam boos thuis en reageerde dit op jou af”  of over de rechtvaardigheid van het verwijt of de klacht: “Ik weet dat het niet eerlijk is om hier over te klagen want ik ben zelf ook niet perfect”.

Het positieve effect van het geven van een erkenning aan de ander wordt nog versterkt door erkenning te geven aan een kwetsbaar gevoel van de ander zoals in het volgende voorbeeld:

Het verwijt van Peter: “Ja, ik had een affaire. Maar het betekende niets. Ik heb keer op keer gezegd dat het mij spijt. Kunnen we nou niet eens naar de toekomst kijken in plaats van hier steeds weer op terug te komen?”

De vertaling van de therapeut: “Ik weet dat ik meer begrip moet hebben voor je, gezien mijn misstap. Ik begrijp dat het tijd kost om hier over heen te komen maar ik voel me er zò slecht over dat ik jou pijn heb gedaan en het is zò pijnlijk om te zien welk effect het op je heeft, dat ik er behoefte aan heb dat jij er nu al overheen bent. Ik weet dat dat niet redelijk is.”

Erkenningen geven bij het dubbelen – dus het standpunt van partner B uiteenzetten terwijl je spreekt voor partner A, stelt de therapeut in staat om:

  • De posities van beide partners tegelijk weer te geven – dubbel dubbelen
  • De waarschijnlijkheid dat de andere partner zal luisteren te verhogen. Mensen hebben het nodig om zich gehoord te voelen om te kunnen luisteren.
  • Om te gaan met sterke conflictsituaties waarin beide partners de behoefte hebben om in hun posities erkend te worden want anders kunnen ze niet stil zitten en zullen ze elkaar in de rede blijven vallen.
  • Een platform te creëren van waaruit met compassie beide posities begrepen kunnen worden.
  • Het gevecht om te zetten in iets wat meer op een gesprek lijkt waarbij het miskennen of negeren van wat de ander zegt getransformeerd wordt in een erkenning van op zijn minst één aspect van de positie van de ander.
  • Model te staan in de hoop dat de partners hun eigen versie van het dubbelen thuis zullen overnemen. Erkenning geven aan de positie van de ander is hèt ingrediënt van actief luisteren.

2006-01-26B

SPECIALE VRAGEN

Naast het dubbelen is er nog een belangrijke speciale interventie in de collaboratieve relatietherapie: de speciale vragen. Een van die speciale vragen is:

De ‘in welke mate – vraag’ of; de ‘in hoeverre – vraag’

Vaak stellen therapeuten vragen met een open einde zoals: Hoe voelt dit? of; Wat maakt dat je dat zei of dat deed? Maar het kan handig zijn om één stap verder te gaan en een vraag te stellen waarin al een antwoord gesuggereerd wordt waardoor het een soort ‘multiple choice’ vraag wordt: “Voel je je verdrietig, verward, boos of iets geheel anders?” ‘Multiple choice’ vragen stel je als therapeut:

  • om meer energie te stoppen in de situatie – om te vermijden of te voorkomen dat het moment inzakt omdat een van de partners geen antwoord kan geven op een open vraag zoals: “Hoe voelt dit?”
  • om het uithoren van een partner’s gedachten op gang te brengen of in de grondverf te zetten.
  • om mogelijkheden op te roepen waar geen van beide partners nog aan hebben gedacht.
  • om cliënten te beschermen tegen hun eigen zelfkritiek; het kan zijn dat iemand niet makkelijk zegt dat  h/zij boos is. Door te vragen: “Voel je je boos, pijn gedaan, verdrietig, onzeker, in de war of nog iets heel anders?” zeg je eigenlijk dat het begrijpelijk is dat iemand in deze situatie een van deze dingen voelt. “Kloppen een van deze gevoelens voor jou?”
  • om cliënten te beschermen tegen jou als ‘autoriteit’, omdat je verschillende mogelijkheden aandraagt zal de cliënt niet voelen dat hem/haar een gevoel aangepraat wordt.

De ‘in hoeverre – vraag’ is een soort meerkeuze vraag bestaande uit twee delen. Het stelt je als therapeut in staat om:

A. Onderscheid te maken

  • “In hoeverre is dit nieuwe informatie of zijn het dingen die je al wist?”
  • “In hoeverre heb je het nodig dat hij hoort hoe jij je voelt en in hoeverre is het belangrijk dat h/zij veranderd?”
  • “In hoeverre is dit een grap en in hoeverre meen je dit echt?”

B. Ambivalentie te normaliseren. Door de aard van de de vraag wordt het algemeen menselijk, normaal en begrijpelijk om ogenschijnlijk verschillende – zelfs tegenstrijdige – gevoelens ergens over te hebben.

  • “In hoeverre ben je blij met deze hulp en in hoeverre heb je er een hekel aan?”
  • “In hoeverre was het een opluchting om dit er allemaal uit te gooien en in hoeverre maakte je dit nog meer van streek?”

C. Om aandacht te vragen voor een boodschap die verloren kan gaan door de aanvallende manier van spreken

  • “In hoeverre zie je zijn commentaar puur als een aanval en in hoeverre denk je dat er iets inzit?”
  • “In hoeverre maakt wat zij zegt jou boos en in hoeverre heb je er nog andere gevoelens over?”

D. Om te onderzoeken zonder vooroordelen

  • “In hoeverre ben je ontroerd door wat hij zegt en in hoeverre ontroert het je niet?”
  • “In hoeverre ben je het met haar eens dat jouw boosheid op haar te maken heeft met de gevoelens die jij hebt tegenover je moeder en in hoeverre denk je dat het er niets mee te maken heeft?”

E. Om een controversieel punt aan te snijden – iets dat iemand zou kunnen ervaren als een verwijt of als bedreigend – breng je het controversiële punt samen met een goedaardig alternatief naar voren

  • Wat je zou kunnen vragen maar wat te hard kan klinken is: “Zeg jij nu dat de relatie voorbij is?” Samen met een goedaardig alternatief klinkt het zo: “In hoeverre denk je dat de relatie voorbij is en in hoeverre denk je dat er nog een kans is?”
  • Wat je zou willen vragen is misschien: “Ben jij nu boos?” Dit zou kunnen klinken als: “Je houdt mij niet voor de gek. Diep van binnen ben je boos.” Samen met een goedaardig alternatief is de vraag: “In hoeverre zit in wat je daarnet zei een gevoel van pijn en in hoeverre zit er een gevoel van boosheid in?”
  • Wat je misschien wil vragen is: “Is jouw boosheid op je dochter op een of andere manier verbonden met je gevoelens over jouw moeder?” Dit zou begrepen kunnen worden als: “Jouw boosheid op je dochter is misplaatst.” Samen met een goedaardig alternatief is de vraag: “In hoeverre zie jij je boosheid als iets wat iedereen zou voelen in jouw positie en in hoeverre zie je het als een iets waar jij speciaal gevoelig voor bent?”

Je hoeft niet altijd de woorden ‘in hoeverre’ te gebruiken. Hier nog wat andere soorten ‘in hoeverre – vragen’:

  • “In welk opzicht ben je blij met wat hij zegt en in hoeverre maakt het je van streek?”
  • “Voel je je aangemoedigd door wat we ontdekt hebben of juist ontmoedigd?”
  • “Is het A dat …. of is het B dat ….?”
  • “Moeten we het hebben over jullie seksuele relatie of is dat iets waar je hier niet over wil praten, of op zijn minst niet vandaag?”
  • “Hoe vaak …, en hoe vaak ….

En dan kun je altijd nog toevoegen: “Of geen van deze beiden?” “Of iets geheel anders?”


 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

1 reactie

Opgeslagen onder Systeemtherapie

Hoop borrelt op voor sleur-huwelijk

Zo vertaal ik voorlopig de titel van de film ‘Hope springs’ van David Frankel met Meryl Streep, Tommy Lee Jones en Steve Carell.

Een fijne film voor wanneer je wèl of niet een relatieprobleem hebt. Want in het laatste geval geeft het toch iets om over na te denken. Er wordt geweldig in geacteerd, de dialogen zijn goed geschreven, er zit een prettig tempo in en de karakters en de verhaallijn zijn geloofwaardig.

Een vrouw is zich bewust geworden van de leegte in haar huwelijk van 31 jaar. Ze slapen al jaren in gescheiden slaapkamers. Hij werkt bij de belastingen, zij in een kledingzaak. Ze hebben geen vecht-huwelijk maar een ‘sleur-huwelijk’. Zij is vastbesloten er iets aan te doen en boekt een week ‘intensieve therapie’ voor haar en haar man bij een therapeut voor 3000 dollar in de staat Maine. Zij betaalt het van haar spaargeld. Haar man wil niet mee, laat haar alleen vertrekken maar op het laatste moment …

Het grootste deel van de film speelt zich af in het vissersplaatsje Great Hope Springs aan de oostkust, bij de therapeut in de kamer, bij de kruidenier, in hun motel, in een lokaal café, aan de kust, op straat, in een romantische hotelkamer. De therapie en het verblijf van een week in Maine maakt dat ze dichter bij elkaar komen maar als ze terug thuis zijn lijkt het alsof de sleur het weer overneemt. Toch blijkt dat de therapie ervoor heeft gezorgd dat er diep van binnen een verlangen is ontstaan naar elkaar. En haar droom wordt uiteindelijk werkelijkheid. Zonder vals sentiment maar op een vrolijke, realistische en waardige manier.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Systeemtherapie

Een gezonde relatie

Het gezonde ‘relatie-huis’ van Gottman

Zijn theorie over de gezonde relatie is gebaseerd op vele jaren wetenschappelijk onderzoek waarin relaties, ook goed werkende relaties, langdurig zijn gevolgd.

Gottman maakt vaak gebruik van het woord ‘affect’. Je zou het kunnen vertalen in: lading, neiging, eigenschap. Partners die door de tijd heen stabiel en relatief gelukkig blijven worden door hem ‘meesters in het huwelijk’ genoemd.

De belangrijkste conclusies van Gottman’s onderzoek

– De meeste conflicten in partnerrelaties zijn niet op te lossen, maar zijn levenslang en gebaseerd op blijvende verschillen in de persoonlijkheid. Soms kunnen eeuwigdurende conflicten op een destructieve manier vast komen te zitten maar ze kunnen ook evolueren tot constructieve dialogen. Veel partners kennen het eeuwigdurend conflict wel.

– Het vastlopen van een conflict komt niet zozeer door negatieve affecten op zich, maar door escalaties van negatieve affecten op vier extreme manieren: 1. Kritiek, 2. In de verdediging gaan, 3. Minachting en 4. een Muur opwerpen.

– Bij partners die vroeg scheiden ontbreekt tijdens een conflict de aanwezigheid van een combinatie van zowel negatieve als positieve affecten. Gedurende een conflict zijn positieve affecten dus van belang.

– De meesters in het huwelijk beginnen een conflict voorzichtig, accepteren de invloed die de andere partner heeft en sluiten compromissen. Ze hebben tijdens een conflict ook neutrale interactie, ze hebben humor, tonen affectie en zijn fysiek niet heel erg opgewonden.

– Het gebruiken van fysieke kalmering en verzachting tegenover fysieke opwinding zorgt voor een verbetering van de interactie.

– Het fundament voor een dialoog over zo’n eeuwigdurend conflict zit hem in het omgaan met de existentiële kern van het conflict: ‘de dromen binnen het conflict’.

– Het bouwen aan positiviteit binnen een relatie, zowel tijdens een conflict als wanneer er geen conflict is, moet gebaseerd zijn op het verbeteren van de vriendschap, de intimiteit en het genieten van positieve affecten zoals: speelsheid, lol, humor, verkenningen, avontuur, romantiek, passie en goede seks.

– In vriendschappen werken processen waarbij positieve sentimenten overheersen en deze processen bepalen hoe effectief het repareren van conflicten en andere betreurenswaardige incidenten verloopt.

– Een gedeeld systeem van betekenissen zorgt voor stabiliteit en geluk in een relatie.

Zeven commandosystemen en zeven niveaus van relatietherapie

Het gezonde ‘relatie huis’ van Gottman is hiërarchisch opgebouwd en bestaat uit zeven niveau’s en wordt versterkt door zeven ‘commando systemen’. Deze emotionele commando systemen komen voort uit onderzoek bij zoogdieren (Panksepp). Ze worden bij alle zoogdieren gevonden en werken op zichzelf of samen en in dienst van elkaar. De variatie waarmee ieder individu deze systemen bezit geeft kleur aan relaties. Ze bepalen samen met omgevingsfactoren de houding, de waarden en gevoelens van een individu over het uiten van verschillende emoties, ofwel ze bepalen de meta-emoties.

Bij veel partners in relatietherapie vindt Gottman een foute afstemming van deze meta-emoties: Er zijn dus twee mensen in therapie die heel verschillend denken over het uiten van gevoelens. Bij die afstemming wil de therapeut hen helpen en ook wil de therapeut helpen bij het vermeerderen van positieve affecten.

De zeven affectieve commando systemen hebben de volgende namen:

1. De Schildwacht, wiens primaire affect angst is. Waakzaamheid voor gevaar en bezig zijn met gevoelens van zekerheid en veiligheid.

2. De Nestbouwer, die bezig is met gevoelens van verbinding, affectie, liefde en met de tegenovergestelde emoties van scheidingsangst/paniek, rouw, verdriet, bedroefdheid en verlies.

3. De Onderzoeker met primaire affecten van nieuwsgierigheid, het plezier in leren en avontuur.

4. De Opperbevelhebber met primaire affecten van boosheid, vijandigheid, woede, dominantie, controle, status en met de tegenovergestelde affecten van onderdanigheid en hulpeloosheid.

5. De Sensuele persoon met de affecten van lust, sensualiteit en seks.

6. De Grappenmaker met affecten zoals spel, humor, lol, amusement, lachen en plezier.

7. De Energiekeizer die bezig is met het managen van lichamelijke behoeften zoals energie, voedsel, warmte en onderdak.

En dan nu de zeven niveau’s van het gezonde ‘relatie huis’, waarop de partnerrelatie therapie van Gottman gebaseerd is

1. Bouw aan ‘liefdesplattegronden’: een plattegrond voor de innerlijke wereld van je partner. Bouw daar aan door open vragen te stellen.

2. Bouw aan een systeem van verzotheid en bewondering voor elkaar door uitdrukking te geven aan affectie op alledaagse momenten.

3. Wendt je toe in plaats van af wanneer een partner een verzoek tot emotionele verbinding doet.

4. Laat positieve sentimenten overheersen. Wanneer positieve sentimenten overheersen vat je neutrale of negatieve acties van je partner niet te persoonlijk op. Als negatieve sentimenten overheersen worden zelfs neutrale daden als negatief waargenomen. Wanneer de eerste drie niveau’s niet werken gaan negatieve sentimenten overheersen.

5. Benader het hanteren van een conflict tweeledig: enerzijds presenteer je een klacht op een zachtaardige manier, accepteer je de invloed van de ander, zorg je voor fysieke kalmering en ben je bereid tot compromis; en anderzijds bouw je een dialoog op met het eeuwigdurende conflict waarbij je de existentiële dromen achter het conflict onderzoekt.

6. Honoreer de levensdromen van de ander.

7. Bouw aan een gedeeld systeem van betekenissen door het vestigen van formele en informele verbindingsrituelen, door de levensrollen van de partner te ondersteunen, door het scheppen van gedeelde doelen, waarden en ideeën over symbolen.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Systeemtherapie