Tagarchief: partnerrelaties

Broers en zussen relaties in de volwassen fase

Dit bericht is voor het grootste deel een samenvatting en vertaling uit: Betty Carter en Monica McGoldrick. Chapter 9. Siblings through the life cycle. The expanded family life cycle. Individual and social perspectives.


In de periode van het volwassen worden, wordt de broer/zus relatie opnieuw belangrijk. Jong-volwassenen zijn bezig het opbouwen van een eigen leven. De competitie kan dan erg sterk zijn: Wiens man en kinderen zijn het meest succesvol? Wie gaat naar de beste school? Wiens leven is het meest gelukkig?

Het beeld dat ieder over de ander heeft is gekleurd door de vroegere rivaliteiten. Een jongste broer die een succesvol manager is geworden kan defensief reageren op zijn oudste zus door herinneringen aan haar bazigheid. De oudste zus kan nog steeds irritaties hebben over het brutale en onverantwoordelijke gedrag van de jongste broer en ziet zichzelf terugvallen in het oude patroon en hem raad geven.

Een jongere zus die zich gebruikt of gedomineerd heeft gevoeld door haar oudere broer kan zich later in haar leven nog ongemakkelijk voelen als ze, eenmaal volwassen samen met hem aan tafel moet zitten tijdens een Kerstdiner. Zelfs al zijn er geen grote ruzies kan een Kerstdiner voor iedereen ongemakkelijk zijn. De ouders die ook aan tafel zitten kunnen de oude patronen nog eens versterken.

Gezinstherapeuten kunnen veel doen ten gunste van iedereen als ze oude patronen aan de kaak stellen.

Zussen kunnen door hun huwelijk terechtkomen in een ander sociaal milieu. De sociaal-economische context van het gezin wordt vaak bepaald door de echtgenoot. Ierse en Afrikaanse Amerikanen leggen meer nadruk op de vriendschap tussen broers en zussen dan Scandinavische en Joodse Amerikanen. De zussen-band wordt in het algemeen meer bepaald door een wederzijds gevoelde verantwoordelijkheid voor de familie dan door gemeenschappelijke interesses.

Broer/zus positie en de huwelijksrelatie

Over het algemeen zijn huwelijken tussen een oudste en een jongste gemakkelijker dan een huwelijk tussen twee oudsten. Ideaal gezien is dan de oudste partner een oudste broer en de jongste partner een jongste zus. Maar het is geen garantie voor een gelukkig huwelijk.

Het is gunstig voor een huwelijk als je een broer/zus gehad hebt van de andere sekse. Het moeizaamst zou kunnen zijn een huwelijk tussen een jongste zus van veel oudere zussen met een jongste broer van veel oudere broers. Beiden hebben geen ervaring met de andere sekse en ze zijn beide de ‘verwende’ jongste die wacht op de ander die zorgt.

Huwelijken tussen twee enigst kinderen zou ook moeilijk kunnen zijn. Een huwelijk tussen twee middelste kinderen zou het meest flexibel kunnen zijn.

Echtgenoten kunnen druk uitoefenen op zussen om minder close te zijn met elkaar. Zwagers en schoonzussen zouden het positieve in broer/zus relaties kunnen inbrengen maar vaak werkt het niet zo. Schoonzussen hebben wel een toekomst samen maar niet een verleden.

Schoonzussen die trouwen in een familie met alleen broers hebben waarschijnlijk de meeste kans om positieve relaties in de nieuwe familie te ontwikkelen. De vrouw van een jongste broer van alleen oudere zussen heeft het waarschijnlijk het moeilijkst want hij is mogelijk als een prins behandeld.

Tijdens mijn opleiding leerde ik van de transculturele systeemtherapeut Nel Jessurun dat in een huwelijk van twee oudsten beide partners dominant zijn maar dat beide denken dat ze niet serieus worden genomen door de andere partner. Twee oudsten kunnen een strijd om de macht krijgen. In een huwelijk met twee jongsten is er geen strijd om de macht maar strijd om de aandacht. Jongsten moeten vaak leren zichzelf serieus te nemen. Er is voor jongsten gezorgd, ze zijn klein gehouden. In een huwelijk kunnen ze in een strijd komen van: ‘Als jij het niet doet, doe ik het ook niet’. In een huwelijk met middelsten zouden goede compromissen gesloten kunnen worden. Maar middelsten kunnen ook berekenend zijn, een beetje van twee walletjes eten. Middelste kinderen kunnen in hun gezin van herkomst ook vermangeld worden tussen de anderen en/of hebberig worden. Ook volgens Jessurun zijn de meest succesvolle relaties die waar getrouwd is in dezelfde configuratie als in het gezin van herkomst omdat er dan sprake is van een herhaling van patronen en oplossingen. Zoals een huwelijk tussen bijvoorbeeld een oudste broer en een jongste zus.

Broer/zus relaties in het latere leven

In het midden van het leven komen broers en zussen vaak bij elkaar. Door een scheiding, een zieke ouder, een sterfgeval worden prioriteiten vaak helder en wordt er opnieuw gedefinieerd welke relaties in het leven het belangrijkst zijn.

Oppervlakkige relaties kunnen op dit punt ook geheel breken onder de druk of onder de pijn die de verwijdering veroorzaakte. Maar broers en zussen kunnen juist ook ‘closer’ worden op deze momenten.

Broer/zus relaties kunnen in het latere leven zeer belangrijk worden. Maar als negatieve gevoelens doorzetten kan de zorg voor een zieke ouder, oude gevoelens van jaloezie en verwijten naar boven brengen.

Als de laatst overgebleven ouder dood gaat krijgen de broer/zus relaties voor het eerst een vrijwillig karakter. Als de ouders nog leven horen ze van en over elkaar primair vanwege hun relatie met de ouders. Onopgeloste problemen kunnen bij het ziek worden en overlijden van de ouders naar boven komen in de vorm van conflicten over de laatste zorg, de begrafenis of de erfenis.

Omdat zussen een belangrijke rol spelen in het onderhouden van de emotionele relaties richten zij zich vaak met hun teleurstellingen op elkaar of op de schoonzussen en blijven de broers buiten schot want broers zijn vaak met zachte hand behandeld en van hen wordt minder verwacht ten aanzien van emotionele en fysieke steun. Een vaak gehoord excuus is dat broers het te druk hebben met hun werk.

Na de dood van de ouders

Vanaf nu is de relatie een eigen keuze: broers en zussen zijn voor het eerst echt onafhankelijk. Dit is de tijd waarin de vervreemding van elkaar volledig kan worden, zeker wanneer oude rivaliteiten doorzetten. Men kan het oneens blijven over: Wie had meer moeten zorgen voor de ouders? Van wie werd het meest gehouden? Sterke gevoelens laaien op door onopgeloste onderwerpen.

Hoe beter de relaties zijn hoe minder een trauma in de familie leidt tot verwijdering. Zussen kunnen tegen het eind van het leven een belangrijke steun voor elkaar worden. Weduwen richten zich eerder op hun zus dan op hun kinderen.

De gedeelde unieke geschiedenis die broers en zussen hebben en de herinneringen daaraan kunnen op allerlei momenten opgeroepen worden. Dit herinneren kan in het latere leven belangrijk worden. Het helpt om gebeurtenissen en relaties te waarderen, ze te verhelderen en ze in een rijper perspectief te plaatsen. Zo kan het herinneren een belangrijke bron worden voor troost en trots. Vooral voor zussen is dit belangrijk omdat ze veel waarde hechten aan de emotionele kwaliteit van menselijke verhoudingen.

Het is bewezen dat oudere vrouwen die een goede relatie met hun zus hebben ook meer contact blijven onderhouden met anderen. Margeret Mead (1972):

Sisters draw closer together and often in old age, they become each other’s chosen and most happy companions. In addition to their shared memories of childhood and their relationships to each others children, they share memories of the same house, the same homemaking style and the same small prejudices about housekeeping.

Speciaal als we ouder worden zijn het de details van de herinneringen die ons bij elkaar houden.

Advertenties

12 reacties

Opgeslagen onder Systeemtherapie