Tagarchief: leren

Manier van denken bij het leren: geloven in groei

Een getalenteerde maar bij vlagen erg onzekere internationale student maakte mij onlangs attent op een paar interessante filmpjes. Later vond ik er nog een paar bij.

De student was er achter gekomen dat hij last had van een ‘fixed mindset’. Dit is een manier van denken waarbij je bij het leren en studeren denkt in vastgelegde resultaten, waaronder cijfers en waarbij je je teveel zorgen maakt over hoe je beoordeeld wordt door anderen. Met een vaste ‘mindset’ heb je een idee van jezelf dat je iets kunt of niet kunt – waarbij er weinig ruimte is om te leren en te groeien. Het is ook het idee alsof hetgeen jij presteert een deel van jouw persoonlijkheid is en dat idee – dat we falen als persoon wanneer we een fout maken – veroorzaakt een heel vervelend gevoel.

In het eerste filmpje (11 minuten) legt Stanford professor in de psychologie Carol Dweck zorgvuldig uit hoe nadelig deze manier van denken werkt en komt ze met een alternatief waarvan ze vind dat het tot een van de mensenrechten zou moeten behoren: de ‘growth mindset’.

Met de ‘growth mindset’ is de student geneigd om de strijd aan te binden als hij zich vergist heeft, de fout te verwerken en te corrigeren en met de ‘fixed mindset’ krijgt de student vooral een gevoel dat hij gefaald heeft. Hij zal zich dan eerder voornemen om bij een volgende test te frauderen of hij zal geneigd zijn om neer te kijken op studenten die minder hoog scoorden dan hij. Hij zal zich geobsedeerd gaan bezig houden met cijfers.

Door de ‘growth mindset’ krijgen we naast meer energie om inspanningen te leveren ook meer gelijkheid, meer kansen voor kinderen uit lagere milieus.

The power of yet

Hier nog een geanimeerde versie van Dweck’s uiteenzetting (10 minuten).

Hoe meer we onze kinderen prijzen om hoe goed ze ergens in zijn of om hoe slim ze zijn, hoe onzekerder we hen maken. We denken dat dit prijzen goed is voor hun zelfvertrouwen maar het tegenovergestelde wordt bereikt. Het prijzen zet hen in de ‘fixed mindset’ waardoor ze hun zelfvertrouwen verliezen als dingen moeilijk worden en waardoor ze bang worden voor uitdagingen.

Hier een filmpje waarin dit mooi duidelijk gemaakt wordt.

Een en ander doet me denken aan wat ik leerde tijdens mijn pedagogie studie (jaren ’70) over intrinsieke en extrinsieke motivatie.

‘Mindset affects all of us’

In het volgende filmpje; ‘The power of belief’ wordt verwezen naar de ideeën van professor Dweck. De presentator is Eduardo Briceno, mede oprichter van Mindset Works. Hij haalt in het filmpje (10 minuten) de schaak- en vechtsport kampioen Joshua Waitzkin aan die zegt dat hij zijn succes te danken heeft aan het verliezen van een van zijn eerste wedstrijden. Volgens Waitzkin wordt een mens bijzonder breekbaar zodra hij gelooft dat hij zijn succes te danken heeft aan een soort van aangeboren aanleg. Je moet niet geloven dat je bijzonder bent of slimmer. Je moet er in geloven dat je kunt groeien en dat je dààrdoor kunt slagen.

Het is belangrijk dat het prijzen van kinderen en leerlingen proces-gerelateerd is en niet talent-gerelateerd. Zoals Waitzkin zegt: “Als we winnen omdat we een ‘winner’ zijn dan moeten we wel een ‘loser’ zijn als we verliezen.”

De sleutel voor succes is dus de ‘growth mindset’ die ten grondslag ligt aan de nodige inspanning, focus en veerkracht. Met deze manier van denken kunnen we ons makkelijker richten op wat we nog kunnen leren.

Managers met ‘fixed mindsets’ houden niet van kritiek en zijn minder goede begeleiders van werknemers. Een op groei gerichte manier van denken kan grote sociale problemen oplossen. We kunnen onze ‘fixed ideas’ veranderen. In een onderzoek werden een groep Palestijnen en een groep Israëliërs geleerd dat een manier van denken kan veranderen waarna ze meer bereid waren om te onderhandelen en aan vrede te werken.

The power of belief


Eerder op dit blog schreef ik over positieve en negatieve gevoelens bij het leren.

2 reacties

Opgeslagen onder Opvoedkunde, Persoonlijk en politiek, Psychologie

Positieve en negatieve gevoelens bij het leren

‘Leerproblemen? Laat je oppeppen door je computer’.

Onder deze titel beveelt Marilse Eerkens van De Correspondent het volgende artikel aan uit de Hechinger Report, een Amerikaanse website voor onafhankelijk onderwijsnieuws: ‘Computer tutors that can read students’ emotions’ van Annie Murphy Paul. Uit de Correspondent:

Leerlingen die moeite hebben met leren, doen er bijna altijd goed aan om een bijlesleraar in te schakelen, zo blijkt uit onderzoek. De verklaring daarvoor lijkt logisch: de leerling krijgt de lesstof nu meer ‘op maat’ aangeboden. Maar recent onderzoek laat zien dat er nóg een verklaring is voor het feit dat die individuele aandacht zo goed werkt: bijlesleraren zijn meer dan de helft van hun tijd kwijt met het reguleren van de emoties van hun leerlingen. En het lijkt erop dat die ‘emotieregulatie’ minstens zo veel bijdraagt aan het leersucces. Experimenten met digitale bijlesleraren – computers die emoties kunnen ‘lezen’ en feedback op maat geven – bevestigen deze theorie en geven nog meer inzicht in de rol van verschillende positieve en negatieve emoties die bij leren komen kijken.

Deze introductie van Marilse Eerkens maakte mij nieuwsgierig. Welke emoties zijn dit? En hoe worden ze gereguleerd? Hier volgt een samenvatting van het artikel uit de Hechinger Report.

Basis-emoties zoals boosheid, walging, angst, blijdschap, bedroefdheid en verbazing zijn niet zozeer de emoties die bij het leren horen. De zogenaamde ‘academische’ emoties zijn: nieuwsgierigheid, genot, stromen, verbinding, verwarring, frustratie en verveling.

Emoties zoals deze zijn te herkennen aan de houding waarmee leerlingen in hun stoel zitten, aan de druk waarmee ze op hun muis klikken en zijn af te lezen aan sensoren die op de huid van een hand of arm vastgeplakt zijn. Daarmee kun je meten of een leerling opgewonden en nieuwsgierig is of juist angstig en gefrustreerd. Ook camera’s kunnen gezichtsuitdrukkingen analyseren en microfoons kunnen toonhoogte en amplitude van de stem van een leerling meten. Een ‘affect-gevoelig’ computerprogramma kan op deze manier informatie verzamelen over de emotionele toestand van een leerling terwijl die studeert. Dit is de eerste stap.

De volgende stap is dat de computer op die gevoelens reageert en wel op een manier die het leren stimuleert. Net zoals een bijles-leraar dat doet. Er is een bijles-computerprogramma ontwikkeld met een avatar die emoties spiegelt, een avatar die glimlacht wanneer de leerling glimlacht, zodat de leerling zich begrepen en ondersteund voelt. Als de leerling negatieve emoties uit, bijvoorbeeld frustratie dan biedt het programma een verbale geruststelling zoals: “Soms ben ik ook gefrustreerd wanneer ik deze wiskunde problemen probeer op te lossen”. Hierna komt de avatar met een, volgens de onderzoekers zeer belangrijke, positieve wending zoals: “Aan de andere kant, belangrijker dan de oplossing van de som, is de inspanning die jij doet en dat je er rekening mee houdt dat iedereen die het probeert wiskunde kan.”

Deze technologie is alleen nog te vinden in een wetenschappelijk laboratorium. Nieuwe bewijzen worden geïntegreerd met gegevens uit meer conventioneel onderzoek naar het leren en studeren. Het experimenteren met ‘affect-gevoelige’ computers bevestigt dat negatieve emoties zoals angst en frustratie cognitieve energiebronnen kunnen verbruiken waardoor er minder overblijft voor de leertaak. Positieve emoties zoals nieuwsgierigheid en verbazing, versterken de energie voor het leren.

Een gevoel van verwarring helpt het leren

Positieve emoties bevorderen het aannemen van ‘mastery goals’ – het willen leren op zich – terwijl negatieve emoties het aannemen van ‘performance goals’ – het willen behalen van een goed cijfer of score – bevorderen. Positieve gevoelens leiden tot flexibele, creatieve en holistische manieren van oplossen terwijl negatieve gevoelens leiden tot gedetailleerd en analytisch denken.

Het aannemen van ‘mastery goals’ zou je denk ik kunnen zien als een vorm van intrinsieke motivatie en het aannemen van ‘performance goals’ leidt meer tot de zogenaamde extrinsieke motivatie. In het huidige onderwijs en in onze prestatie-maatschappij is de aandacht voor deze laatste vorm van motivatie dominant. Het gaat volgens mij tegenwoordig te veel om het resultaat in plaats van dat het gaat om plezier in het leren. Meer over intrinsieke en extrinsieke motivatie hier.

Positieve gevoelens komen het leren ten goede maar onderzoekers hebben ook gevonden dat leren op een diep niveau ook altijd samengaat met enkele negatieve emoties. Die negatieve emoties concentreren zich op het moment dat een leerling worstelt met het begrijpen van nieuwe denkwijzen. In feite laten leerlingen de laagste niveaus van plezier zien op momenten dat ze het meeste leren. Een gevoel van verwarring blijkt de beste voorspeller te zijn voor het leren.

Negatieve en positieve emoties volgen elkaar op een voorspelbare manier op. Eerst voelen leerlingen zich op zijn slechtst op het moment dat ze een strijd hebben met het cognitief uit balans zijn, een toestand van verwarring, waarna ze zich beter gaan voelen als ze het materiaal beter begrijpen.

Voor leerlingen die steeds weer opnieuw mislukkingen ervaren terwijl ze vooruit proberen te komen leidt verwarring echter tot frustratie en vervolgens tot afhaken en verveling. Deze leerling heeft een bijlesleraar nodig.

Computers maken nu een inhaalslag op hetgeen goede leraren altijd al deden: Gevoelens deel uit laten maken van de les.

5 reacties

Opgeslagen onder Psychologie