Tagarchief: identiteit

‘The Therapist’ on VICELAND

Kent u de internationale televisiezender VICELAND van het jongerenplatform VICE? In Nederland begonnen de uitzendingen van VICELAND begin dit jaar. Onlangs bekeek ik van het Amerikaanse station een aflevering van het programma ‘The Therapist’ met Katy Perry in de hoofdrol. Het programma is eigenlijk een opname van een echte therapiesessie waarin de vraag is: Wie zit er achter deze publieke persoon? Artiesten, sporters en andere beroemdheden gaan in gesprek met telkens dezelfde therapeut. De therapeut is Dr. Siri Sat Nam Singh. 

Kijk vooral zelf naar het gesprek met Katy Perry.


Hier volgt een samenvatting van het gesprek.

Katy Perry is een beroemde Amerikaanse popzangeres, liedjesschrijfster, gitariste en actrice. Ze groeide op in Santa Barbara in Californië in een conservatief gezin. Er werd haar verboden om naar pop- en rockmuziek te luisteren. Haar beide ouders, Mary Christine Perry en Maurice Keith Hudson zijn priesters. Haar eerste optredens als zangeres waren in de kerk. Toen heette ze nog Katheryn Elizabeth Hudson.

Voordat de echte sessie begint stelt ze Singh voor en vertelt ze dat ze de laatste 5 jaar in therapie is geweest en dat het haar leven heeft veranderd. Ze houdt net zoals de Belgische schrijfster Griet op de Beeck vorig jaar in het Nederlandse TV programma Zomergasten, een persoonlijk pleidooi voor therapie. Perry zegt blij te zijn dat ze ook deze ‘Therapist’ sessie gaat doen voor Viceland, al beseft ze dat haar kwetsbare kant, mogelijk nog onontdekte trauma’s publiekelijk naar voren kunnen komen. Terwijl ze dit zegt zit ze op het puntje van haar stoel.

Als ze achterover leunt is ze Katheryn Hudson, dan hoeft ze niet te zorgen voor de situatie, dan is ze meer zoals ze met haar zussen is, meer ontspannen, dan kan ze zich overgeven. Goed dat Singh dit opmerkt, op het puntje van de stoel is ze Katy, die iedereen kent wat fantastisch is en de façade en als ze achterover leunt is ze Katheryn, de achterkant van Katy. De meer menselijke kant.

Een van de archetypische manieren voor een vrouw om zich te presenteren is als priesteres of als godin. In Katy ziet Singh de Godin. Die kan anderen optillen, inspireren en geeft licht aan dingen die anderen niet zo gauw naar voren brengen. Katheryn noemt hij het Zelf en die is misschien een beetje ondergedoken. Misschien heeft Katheryn gevoelens die niet zo erkend zijn, niet zo tot uitdrukking komen, “niet ontwikkeld zijn”, voegt Perry toe. Maar welke gevoelens zijn dit?

Nadat ze iets meer vertelt over hoe ze als kind zo nieuwsgierig was als een kat en vaak het gevoel had dat ze iets misliep door de strenge opvoeding, zegt Singh dat hij zich bij het verhaal over haar kindertijd een beetje droevig begon te voelen en vraagt hij of dat kan kloppen. Ja, dat klopt en de tranen komen bij Perry op gang. Katheryn moest eigenlijk tegen haar ziel in gaan waardoor ze vervreemdde van zichzelf. Perry: “Katheryn houdt van groeien en leren. Ze vindt het niet leuk als mensen haar vastzetten in een soort tijdscapsule”. Ze verteld daarna dat ze onlangs haar haar kort geknipt en blond geverfd heeft en dat er fans zijn die dit niet leuk vinden. Zowel Katheryn als Katy willen niet vastgezet worden.

“Zo is de Godin in jou tot stand gekomen,” zegt Singh. “Die heb je gecreëerd met jouw nieuwsgierigheid. Daar mag je dankbaar en trots op zijn!” Perry zegt dat het moeilijk voor haar is om zich te verbinden met de Katheryn in haar want die is arm en Katy heeft ‘de formule’ ontdekt en is nu rijk. Ja, zegt Singh: “Katy krijgt alle aandacht. Waar we energie in stoppen dat ontwikkelt zich. Maar Katheryn zou wel eens net zo succesvol en ontwikkeld kunnen worden…”

Ze heeft het over hoe mensen gezien willen worden zoals de foto’s die ze op Instagram zetten maar: “Dat is niet het hoofd dat ’s avonds op hun kussen ligt, dàt is pas echte intimiteit. En dit doe ik ook; ik creëer ook een ding. Dit maakt het moeilijk om ècht jezelf te zijn.” Singh: “We willen allemaal een groot huis maar hoe zit het met de kwaliteit van de mensen die in dat huis leven? Stel dat je Katheryn aandacht zou geven hoe zou dat er dan uitzien?”

“Katheryn is iemand met vreemde interesses en die gek doet en er niets om geeft wat anderen van haar denken. Ze is een hork, een ‘nerd’, iemand die als kind wilde spelen met haar nichtjes maar niet wist hoe dat moest. Tot voor kort wist ik zelfs niet eens wat een omhelzing was. Ik dacht dat omhelzingen seksueel waren omdat de ander dan jouw borsten voelt. Nu pas begrijp ik dat het bij een omhelzing om verbinden gaat.”

Singh: “Misschien stopte Katheryn met groeien omdat alle fantasieën uit de kindertijd in Katy gingen zitten en een ‘bigger than life personality’ creëerden… Hoe oud is Katheryn eigenlijk? Perry: “Ze is 11!” Perry realiseert zich dat ze op die leeftijd een professional werd. Ouder dan 11 is Katheryn dus niet geworden. Singh: “Hoe zou ze eruit zien als ze 21 zou zijn?” Perry zinkt nog dieper in haar stoel en hangt over de leuning en roept alsof ze laveloos is:”Laten we nog een wijntje nemen!”

Singh vraagt naar haar ervaringen met het ‘daten’ van jongens en nadat Perry er iets over vertelt stelt hij voor dat Katheryn misschien iets ouder is dan 11 want ze heeft al gedate. Perry: “Maar ik heb nog niemand gevonden waarmee ik een kind wil.” Singh: “Is het OK dat Katheryn nog wat tijd nodig heeft om zich te ontwikkelen, misschien om de ‘hork’ te laten zien?” Perry roept lachend uit dat dat inderdaad is wat ze wil, de ‘hork’ in zichzelf laten zien.

Ze heeft een duidelijk idee over wat voor soort man ze als partner wil. Het moet iemand zijn die liefde heeft voor muziek. iemand met humor, intelligentie (zodat ze kan leren), iemand die spiritueel is en iemand waarmee ze over dit alles kan praten. Ze heeft al eens een relatie gehad maar ze was er nog niet klaar voor om samen te groeien. Singh vraagt haar hoe ze zich aan een date zou voorstellen als ze Katheryn was. Daar moet ze om lachen maar ze vraagt zich meteen af waarom ze eigenlijk lacht. Singh oppert dat dit misschien komt omdat ze het nog nooit gedaan heeft waarna ze opnieuw moet huilen…

Hij denkt dat er vast wel een man is die aan haar wensen voldoet en hij voegt er aan toe dat hij denkt dat het ook een sterk iemand moet zijn. Daar is Perry het mee eens, het moet iemand zijn die net als zij ook diep gegaan is. Singh: “Ja, iemand die krachtig is maar ook 21 en emotioneel gezien nog niet helemaal klaar is met zijn ontwikkeling, net zoals jijzelf.” Dan kunnen ze samen verder groeien.

Perry denkt dat er mensen zullen zijn die over haar oordelen maar ze beseft ook dat ze geen controle heeft over wat de mensen denken. Ze wil authentiek zijn. Singh zegt dat authenticiteit soms verdoofd wordt met verdovende middelen en vraagt of Perry daar ervaring mee heeft. En dat heeft ze. Ze heeft teveel alcohol gedronken en daar ook  een lied over geschreven: ‘Dance with the devil’. Ze kan niet goed tegen alcohol weet ze en ze moet in balans blijven voor het werk dat ze doet. Maar soms heeft ze een pauze nodig, vooral als ze ergens is waar ze niet wil zijn.

“Je kunt authenticiteit verdoven met drugs maar je kun ook agressief worden wanneer je niet authentiek kunt zijn”, legt Singh uit. Perry kan wel eens boos worden als ze het opgespaard heeft. Ze doet aan yoga en meditatie. Dat helpt. En ze is in therapie gegaan met haar ouders. Dat helpt ook. “We kunnen het er nu over eens worden dat we het oneens zijn en toch van elkaar houden”, zegt ze. Ze is erg dankbaar voor het gereedschap dat deze therapie haar heeft gegeven.

Singh brengt het onderwerp terug naar authentiek kunnen zijn of in-authentiek zijn. Hij vraagt of ze ooit met haar carrière heeft willen stoppen. Perry heeft hier een lied over geschreven: ‘By the grace of God’. Door een lied te schrijven verwerkt ze dingen waar ze mee zit. Dit lied betekent veel voor haar en terwijl ze dit zegt huilt ze. Singh merkt op dat ze nu authentiek is en dat hij aan het begin van het gesprek verdrietigheid voelde en dat dit er nu uit komt. Dit is echt.

Hij vindt authenticiteit een belangrijk onderwerp en wil er nog iets meer over uitleggen. Niet authentiek zijn kan in lichamelijke symptomen tot uiting komen. Lichamelijke symptomen kunnen de sleutel voor een genezingsproces zijn: “Als je er voor kiest om niet authentiek te zijn dan ga je je authenticiteit verdoven met drugs, je gaat het tot uitdrukking brengen in agressie of juist internaliseren en depressief worden of je gaat lichamelijke symptomen ontwikkelen. Dit moet je allemaal niet willen. Beter is het om schaamte, verdriet, pijn, liefde, vreugde er allemaal te laten zijn. Om er voor uit te komen wie je bent.

Perry: “Katy treedt op bij de ‘superbowl’ (de finale van American ‘football’, sport hoogtepunt van het jaar in de VS) en Catherine wil in de zandbak spelen”. “Ja”, zegt Singh: “Dat zou ze moeten doen!” Hij vraagt: “Wat deden je nichtjes waar jij niet mee spelen kon?” Perry: “Zij zetten een tutu op hun hoofd, ze deden malle dingen. Ik ben zo dankbaar voor de gezinstherapie want nu heb ik zin om met mijn familie op vakantie te gaan. We verschillen maar we kunnen nu luisteren naar elkaar. Mensen moet niet tégen elkaar praten maar mèt elkaar.”

Singh vindt ook dat we de verschillen moeten leren waarderen in plaats van ze te evalueren. Er zijn zoveel verschillende fenomenen in de cultuur en in de natuur die naast elkaar bestaan. Dat geldt ook voor mensen, je hoeft alleen maar met mensen te zijn, getuige te zijn zonder te oordelen. “Het lijkt alsof sommige regels in jouw familie afgebroken zijn, alsof ze meer open worden, een open systeem”. Perry beaamt dit en vertelt dat er gevoelens leefden die beangstigend waren maar dat ze als gezin op een helende reis zijn waar ze dankbaar voor is. Haar gezinstherapeut vroeg of ze gelijk wilden krijgen of geliefd wilden zijn. Perry kiest voor geliefd zijn: “Mensen die niet om mij geven, daar kan ik niets aan veranderen. Het spijt haar als ze verkeerd is overgekomen maar ze wil niemand beschadigen, ‘God bless them on their journey’ “.

Singh komt terug op de rigiditeit en het oordelen dat er niet alleen in het gezin van Perry was maar dat er helaas nog veel is overal. Hij is nieuwsgierig naar wat zij eigenlijk deed tegen de principes van de ouders in. Perry vertelt dat er bij hun in de kerk een lied gezongen werd waar ze veel van hield: ‘Come as you are’ van Crystal Lewis. Maar de kerk deed eigenlijk meer aan oordelen dan aan liefde en daarom voelde het voor haar niet altijd veilig. Ze denkt dat haar moeder dit nu beter begrijpt. Niet ‘het laatste oordeel’ maar ‘kom zoals je bent’.

Perry: “Ik probeer met mijn hart te leven, maar mijn hart is langzaam, te langzaam”. Singh: “Waarom zeg je dat”? Perry: “Mijn hoofd gaat over tijd en strategie maar dat is soms vreemd voor mij en gaat tegen mijn hart of mijn intuïtie in. Soms neem ik verkeerde beslissingen”. Singh kent meditaties waarmee je je intuïtie kunt ontwikkelen.

Het gesprek loopt ten einde en het is de vraag of Katy en Katheryn nu iets meer geïntegreerd zijn. Perry zegt dat ze het in deze therapiesessie voor Katheryn heeft opgenomen en dat kan Singh beamen. Perry eindigt met een grap: “Je krijgt nu twee voor de prijs van een!” En Singh voelt haar extase.


Dat er veel verdriet in Kate Perry zat heeft deze therapeut heel goed vanaf het begin aangevoeld. Ik vind het mooi dat Singh daar meteen mee kwam. Verder waardeer ik dat hij graag uit wilde leggen wat er met je kan gebeuren als je jouw authenticiteit onderdrukt. Als ik een fan was dan zou ik benieuwd zijn naar een volgend optreden van Kate Perry om te zien of ze ook iets meer Katheryn laat zien op het podium. Mooi vond ik ook dat de grotere context van het materialisme en de religie meegenomen werden in de sessie. En fijn om te horen dat de gezinstherapie haar verbinding met haar familie zo veel goed deed: “We kunnen het er nu over eens worden dat we het oneens zijn en toch van elkaar houden”. Dat zouden meer mensen moeten doen.

Kortom, de moeite van het bekijken waard. The Therapist. Ben benieuwd of er ook een Nederlandse versie komt.

Advertenties

1 reactie

Opgeslagen onder Psychotherapie

Radicalisering tegen gaan…

… of moeten we juist radicaler worden?

Een cabaretier als Sadettin Kirmiziyüz zoekt op deze vraag antwoord. Het bijwonen van zijn laatste voorstelling ‘De radicalisering van Sedettin K’, zou opgenomen moeten worden in een pakket geestelijke gezondheidszorg voor allochtone jongeren die er over fantaseren om met een zelfmoordvest te gaan rondlopen, dacht ik meteen. En inderdaad: op zijn website vond ik een educatief programma: Hoe radicaal ben jij?

Het is een quiz die veel bewustwording op gang brengt, er worden goede vragen gesteld om over van gedachten te wisselen en je kunt ondertussen kijken naar heldere korte filmpjes over verschillende radicalen uit de geschiedenis zoals Gandhi, Mohammed Ali en Aletta Jacobs.

De quiz is met een aantal docenten en leerlingen getest in verschillende steden en zeer goed ontvangen. Leerling: “Weet je wat gek is, bij ‘radicaal’ dacht ik meteen aan de Islam. En ik ben zelf Moslim! Maar nu heb ik een bredere blik. Ik wist dat allemaal niet, van Aletta Jacobs en zo.” Een andere leerling zei: “Als ik 1 tip mag geven: goed promoten zodat iedereen dit gaat doen.”

Ik heb de voorstelling ‘De radicalisering van Sadettin K’, niet gezien maar dat die een belangrijke identiteits-ontwikkelende en emotie-regulerende functie heeft twijfel ik niet aan.

SK-mettekst-725x1024

In De Groene Amsterdammer stond een bespreking door Hassan Bahara:

Vaak is radicalisering de uitkomst van een worsteling met identiteit. Geradicaliseerde Syrië-gangers kunnen erover meepraten. Die hebben een lange weg afgelegd waarin ze hun islamitische identiteit in harmonie hebben proberen te brengen met hun Nederlandse identiteit. Als dat niet lukt – door gepercipieerde islamo­fobie of achterstelling – barsten ze uit elkaar van frustratie.

Ja natuurlijk identiteitsontwikkeling! Een belangrijk psychologisch proces. En er wordt te vaak van uit gegaan dat dit een ontwikkeling is die zich binnen het individu afspeelt. Maar identeitsontwikkeling vindt plaats in dialoog met een systeem: met onze maatschappij, onze ‘global community’. Psychotherapeut Paul Verhaeghe schrijft hier mooi over.

Hoe kunnen we op de identiteitsontwikkelingen van radicaliserende moslim jongeren een positieve invloed uitoefenen? Dat is de uitdaging! Ik denk dat Sadettin Kirmiziyüz deze uitdaging met hart en ziel is aangegaan. Uit de bespreking in de Groene:

Kirmiziyüz is een seculiere moslim, hij zal niet met een zelfmoordvest in Syrië eindigen, maar in zijn worsteling met zijn Turkse en Nederlandse identiteit resoneert een frustratie die Syrië-gangers zullen herkennen.

Het ontwikkelen van frustratietolerantie is net zoals identiteitsontwikkeling een belangrijk psychologisch fenomeen. Dit te ontwikkelen is niet altijd gemakkelijk. Kirmiziyüz zegt zelf pas woedend te zijn geworden na de aanslagen in Parijs. De Groene:

Bij die woede kwam nog een hele lading sarcasme. En bedankt, hè, dacht hij toen de Kouachi-­broers in januari een bloedbad aanrichtten op de redactie van Charlie Hebdo. Bedankt, dacht Kirmiziyüz, het gaat jullie gewoon lukken om bevolkingsgroepen tegen elkaar op te zetten. En bedankt, hè, dacht hij op 13 november toen het bloed weer door de Parijse straten stroomde. Hoe kon hij na dit alles hier niet een voorstelling over maken? Maar dan wel een die putte uit walging en woede. ‘Ik durf nu veel meer’, zegt Kirmiziyüz, ‘want ik ben ook veel bozer.’

Zijn woede gaat alle kanten op. Richting hypocriete moslims die stelling nemen tegen genocide als de Israeli’s Gaza bombarderen maar die geen stelling nemen als de Islamitische Staat (ISIS) een moordcampagne begint tegen de yezidi’s (een Koerdisch-talige bevolkingsgroep die niet moslim is en woont in het grensgebied van Irak en Syrië), maar zijn woede is ook gericht op zichzelf en zijn publiek. Hij kan boos zijn op zichzelf omdat hij in vroegere voorstellingen zelf grappen maakte ten koste van zijn eigen familieleden. Toen speelde hij nog de knuffel-allochtoon.

Maar hij vind het eigenlijk niet zo leuk meer als de Volkskrant een interview met hem plaatst met de kop: ‘Creatief met Turk’.

Om zelfvertrouwen te ontwikkelen heeft hij zijn onzekerheden over een positieve vorm van discriminatie moeten overwinnen. Hij dacht dat hij toegelaten was op de Toneelschool en daarna subsidies had gekregen om voorstellingen te maken omdat hij Turk was en niet omdat hij talent had. Maar hij heeft ook de directe vorm van discriminatie en racisme ervaren. Ook van vrienden. Pijnlijk. Die pijn wordt voelbaar in zijn laatste voorstelling en het publiek gaat zich schuldig voelen. We zijn allemaal medeplichtig.

Een anekdote uit zijn voorstelling:

‘Ik ga vanavond naar Turkmenistan’, whatsappt een vriend hem. Een vergissing, het berichtje was voor iemand anders bedoeld. De vriend zou bij Kirmiziyüz gamen en wilde iemand anders daarvan op de hoogte brengen. Een pijnlijke manier om erachter te komen dat zijn vrienden hem zulke vernederende bijnamen geven. Normaal had Kirmiziyüz de eerste stap genomen om de angel uit deze ongemakkelijke toestand te halen. Deze keer besluit hij het niet te pikken. ‘Hé man’, appt hij terug. ‘Ik geloof dat ik vanavond toch maar niet ga gamen. Dag.’

Sadettin vraagt zich af wie hij is; de knuffel-allochtoon of de boze allochtoon. Hij wil in ieder geval niet meer iedereen ‘pleasen’. Als cabaretier is hij radicaler en robuuster aan het worden.

Op zijn website Troubleman vraagt hij zich af waarom hij zelf nooit is geradicaliseerd:

Die vraag brengt hem naar Syrië, de Schilderswijk, zijn jeugd, zijn familieleden, maar ook naar rechtse blogs zoals Nederland mijn Vaderland. Hij beweegt zich tussen het perspectief van de radicale Syrië-ganger en dat van afvallige moslim die wordt verstoten door zijn eigen gemeenschap, maar tegelijkertijd wordt omarmd door het Westen. Die tweestrijd toont pijnlijke twijfels en ogenschijnlijk onoverbrugbare dilemma’s, maar ook de eenzaamheid en leegte achter de grap.


Aankomende Syrië-gangers kom ik in mijn praktijk niet direct tegen maar ik kom wel jonge en soms ook oudere allochtone cliënten tegen die worstelen met hun identiteit. Ik denk aan een briljante en toch ook onzekere student met een vader uit een Afrikaans land, ik denk aan een leidinggevende professional uit het Caribisch gebied die voortdurend op de rand van een burn-out zat, ik denk aan een moeder en tevens professional uit Zuid-Amerika die korte tijd werkloos was en veel eerdere verliezen in haar leven niet verwerkt had en ik denk aan een minder begaafd puber meisje uit een Arabisch land die in het speciaal onderwijs terechtgekomen was en veel conflicten had. Zij was moslim maar vond haar uiterlijk en jongens veel belangrijker dan het geloof.  Maar ze zei wel dat een mede allochtoon zoals Ali B ‘verkaast’ was. Een woord dat ik van haar leerde. ‘Verkaast’, een ander woord voor tè geïntegreerd en een mogelijke uitkomst van een identitficatieproces. Misschien betekent het zelfs wel: ‘niet radicaal genoeg’ zijn.

Mijn allochtone cliënten hebben vragen over hun identiteit die voortvloeien uit hun donkere huidskleur, hun eigen migratie of die van hun ouders. Ze ondervinden allen het racisme van dag tot dag. Het is natuurlijk belangrijk om hen in hun zoektocht naar verbinding met zichzelf en anderen te steunen maar vooral om zich daarbij niet een slachtoffer-positie te laten opdringen of deze bewust en onbewust in te nemen en om op het spoor te komen van hun eigen kracht en die van hun relaties. Daarnaast wordt gewerkt aan de verwerking van allerlei vormen van trauma en verlies.


Ik denk dat Sadettin Kirmiziyüz met zijn kunst veel preventief gezondheidszorg werk doet waarmee zowel persoonlijk als maatschappelijk lijden voorkomen kan worden. Namelijk door een radicaal standpunt in te nemen tegen racisme want racisme maakt mensen ziek.

Misschien hier nog een tip voor hem bij het reguleren van zijn woede:

Constructieve woede is boosheid geuit ín contact met de ander. Hij gaat de ontmoeting echt aan, maakt oogcontact, is levendig en sluit mensen in. Destructieve woede is boosheid geuit uít contact met de ander. Hij schuwt de echte ontmoeting, vermijdt oogcontact, gaat in trance en sluit mensen uit.

 

2 reacties

Opgeslagen onder Persoonlijk en politiek, Psychologie, Psychologie, proza en poëzie

Identiteit is niet aangeboren

Vandaag heb ik het nieuwe boek Identiteit van de Belgische psychotherapeut Paul Verhaeghe aangeschaft.

Het boek heeft zowel in Nederland als in België al veel lezers gevonden en terecht. Verhaeghe onderzoekt hoe wij als individuen onder invloed van onze neoliberale maatschappij veranderd zijn. Hier een bespreking van het boek op de site van Grenzeloos, de site voor alternatieve socialistische politiek.

Een andere bespreking van Identiteit op de VPRO Boeken site.

En een interview met Verhaeghe naar aanleiding van de publicatie van zijn boek hier.

Verhaeghe neemt afstand van de oude opvatting dat identiteit aangeboren zou zijn en vervolgens tot ontwikkeling komt. ‘Identiteit is in essentie een constructie van de omgeving’. Bij de vorming ervan wordt de mens voortdurend heen en weer geslingerd: enerzijds zoeken we aansluiting bij anderen, anderzijds streven we naar onafhankelijkheid. De mens is pas in balans als er een evenwicht tussen die twee uitersten is.

Volgens Verhaeghe komen mensen met andere psychische klachten bij de psychiater dan voorheen. De problemen zijn steeds vaker aan sociaal-economische omstandigheden gekoppeld. De werkvloer is de voornaamste broedplaats voor depressies en angsten geworden. De mens is zijn naaste omgeving steeds meer als concurrent gaan zien. Afgunst en hebzucht veroorzaken stress, onrust en onbehagen. De mens is niet in staat om voortdurend de concurrentiestrijd aan te gaan.

Over Paul Verhaeghe, die ADHD boerenbedrog durft te noemen, heb ik eerder geschreven onder de titel: Psycho-sociale problemen krijgen de naam van een stoornis.

Hebben we nog de tijd in de GGZ?

Verhaeghe is niet de enige Belgische psychotherapeut die een ode brengt aan de klassieke therapeut die zich geduldig inspant om een verhouding met de cliënt op te bouwen en hem helpt woorden te vinden voor wat voordien alleen maar lijfelijk voelbaar was.

De Belgische psychiater Dirk de Wachter die sprak op het laatste congres van de Nederlandse Vereniging voor Gezins- en Relatietherapie heeft soortgelijke ideeën. Hij stelt onze cultuur voor als een ‘speedboat’ waar steeds meer mensen uitvallen. Hoe sneller de boot hoe meer er uitvallen. “En dan komen de roeiboten, de psychiaters, om de mensen uit het water te vissen. Maar met mijn roeiboot kan ik die speedboat niet bijhhouden”, zegt De Wachter. En dan zegt de overheid: “We gaan bezuinigen op roeiboten”…

De ideeën van Verhaeghe en De Wachter doen mij denken aan een mooie uitspraak van de Nederlandse filosoof Hans Achterhuis: “We leven in een hoge snelheidstijd maar we hebben trage vragen”.

Nu nog de tijd vinden om het boek te lezen…

2 reacties

Opgeslagen onder Persoonlijk en politiek, Psychotherapie