Tagarchief: broers

Lezing Else-Marie van den Eerenbeemt

Deze lezing vond plaats in de kapel van de vrijzinnige geloofsgemeenschap aan de ’s Gravelandse weg in Hilversum op de dag van de nationale herdenking van de vliegramp met de MH17. Zij had er op televisie naar gekeken en het meest indrukwekkende er aan was het één voor een opnoemen van de 298 namen van de slachtoffers.

“Een naam is het eerste wat je van je ouders krijgt”… en zo komt van den Eerenbeemt op haar onderwerp; familierelaties. “Of je een naam krijgt waarmee je naar een voorouder vernoemd bent of een vreemde naam uit een ander land daar zitten al heel verschillende sferen achter”.

De boodschap van van den Eerenbeemt (afgekort: EM) moet wel zijn hoe belangrijk relaties voor ons mensen zijn en hoe we in die relaties moeten investeren. Wellicht een bekende boodschap, wij zijn immers sociale wezens, maar in deze individualistische maatschappij kan het niet vaak genoeg verteld worden. Een mens is geen mens zonder relaties. En het begint meteen bij de geboorte.

EM werkte vroeger in een huis waar baby’s van ongehuwde moeders geboren werden. Op één zaal lagen 30 baby’s. Je kon aan de gezichtjes zien welke baby’s de ‘afstandjes’ waren; de baby’s van wie de moeders afstand gedaan hadden en die het zonder de geur en de stem van hun moeder moesten doen.

Vaders hebben bij de geboorte een achterstand op moeders. Tegenwoordig proberen moderne vaders die achterstand al vroeg in te halen. Aanstaande vaders hebben het over: “Wij zijn zwanger”. Een vader had zelfs naar de huisarts gebeld met: “Onze vliezen zijn gebroken”. Deze vaders lukt het inhalen van de achterstand misschien wel.

Het woord vader betekent letterlijk: omheining! Een man had in therapie tegen EM gezegd: “Mijn vader was een los hek…” EM zei: “Hij heeft het in ieder geval geprobeerd”. “Ja”, zei de man: “Hij heeft het geprobeerd”. En zo werkt EM in haar therapieëen aan verbinding.

Ze ziet kinderen als grote verbinders. Zij sprak een moeder die gebroken had met haar moeder. Op een dag vroeg een van haar kinderen als cadeau voor haar verjaardag dat opa en oma op bezoek zouden komen want die had zij nog nooit gezien.

Een kind wil zijn ouders gelukkig maken. Kinderen proberen ouders te troosten. Maar hoe doe je dat als de ouders vechten? Kinderen blijven altijd trouw aan beide ouders en ze verdedigen hun beide ouders. Dit noemt EM het beginsel van de zijns-loyaliteit. Een kleuterjuf zei tegen een kind: “Jouw moeder kan geen klok kijken daarom kom je te laat”, en het kind zei: “Mijn moeder kan heel goed klokkijken”. De trouw van kinderen wordt in duizenden dossiers aangetoond. Een pleegkind die alles aan zijn pleegouders te danken had brak uiteindelijk toch met hen omdat hij de vernederende blik in hun ogen als het over zijn echte ouders ging had gezien.

EM spreekt over relationele ethiek: de ethiek van wat er tussen mensen gebeurt. Het geven en nemen. De liefde tussen mensen. En het allerergste is wanneer je geen betekenis hebt. Dan kun je depressief worden. Depressie ziet ze als een zwakke plek in de liefde. Die zwakke plekken zijn te vinden in relaties.

De partnerkeuze is iets magisch. Er valt een heleboel af te dingen op de tegenwoordige relatieadvertenties. Wat die ander allemaal wel niet moet kunnen! Wil die ander ook mee helpen zorgen voor een gehandicapt kind? Of voor een demente vader? Helaas zijn er tussen ouders met gehandicapte kinderen meer scheidingen. Kunnen we bij elkaar blijven als de ander kwetsbaar is? Als we dit kunnen hebben we het geheim van de langdurige liefde gevonden. Het gaat om diepte-investeringen in de liefde.

De loyaliteit van kinderen aan de ouders gaat het diepst maar ook de loyaliteit tussen broers en zussen is sterk. Een bekende uitspraak van EM is: “Broers en zussen zijn het merg van mijn bot”.

Binnenkort zal het weer Kerstmis zijn. En de Kerst ziet EM als één groot loyaliteitsconflikt. Ouders gaan op vakantie in het buitenland want ze willen de kinderen met Kerst niet tot last zijn. De Waddeneilanden zitten vol met kinderen met loyaliteitsconflikten. Het spannende aan tafel met Kerst is juist om te zien waar nou de trouw tussen mensen zit. Kunnen we dat niet meer verdragen?

Een bekende typering is die van de Martha en de Maria van de familie. De Martha is degene die na het eten de afwas doet en de Maria is degene die bij vader op schoot zit. Wie zijn de favoriete kinderen van de familie? Ouders hebben hun voorkeuren maar zijn bang om dit toe te geven. EM noemt dit: familiefaalangst.

Kinderen blijven hun ouders verdedigen tegenover opmerkingen van buitenstaanders. Onze ouders hadden ons wel lief maar ze konden ons niet troosten. Onze ouders hadden ons wel lief maar ze konden ons grote gezin niet aan. De dood van ouders is ook op latere leeftijd een aardverschuiving voor kinderen. En als de ouder overlijdt is het heel belangrijk hoe de partner daarop reageert. EM vroeg aan een gescheiden vrouw wat nou het moeilijkste was in haar huwelijk. De vrouw zei: “Dat hij niet terugkwam van zijn golfvakantie toen mijn moeder begraven werd”. De kracht van de liefde zit hem in de zorg.

Er zijn witte en zwarte schapen in families. De zondebok uit de familie moet alle kwaad meenemen. Maar de uitgestoten kinderen of de kinderen die minder betekenis hebben in families komen vaak terug aan het ziekbed van een ouder, om alsnog betekenis te hebben.

Volgens EM zijn alle waarheden over ouders waar. Een moeder van zeven kinderen is zeven moeders.

“Ik heb papa het meeste liefde gegeven, dat weet ik zeker, en nu krijg ik niets,” en deze dochter huilt. Erkenning is wezenlijk, ook bij het verdelen van de erfenis. Een zus zegt tegen een andere zus: “Jij krijgt die armband want jij was altijd zo lief voor moeder”. Dat iemand ziet wat je betekent hebt is het belangrijkst. Mensen zijn niet hebberig, het gaat om de erkenning.

“Waarom trouwen die kinderen in een luchtballon”, vroeg een moeder; “waarom niet gewoon bij ons in de achtertuin…”. Maar de moderne rituelen moeten speciaal en bijzonder zijn. Zijn de relaties dit ook? Dat valt te bezien.


Na de lezing werden vragen beantwoord die de toehoorders op een velletje papier schreven en overhandigden.

Een vraag ging over een kind dat onterfd werd door de ouders. Onterven is een kind afstraffen. Wat doen de andere erfgenamen? Het kan goed gemaakt worden bij de rechter maar dan worden de kinderen schuldeiser van hun ouders in plaats van erfgenamen. Volgens EM is er in iedere familie tenminste één rechtvaardige!

Er was een vraag over het helen van breuken in families. Volgens EM is definitief breken onmogelijk. Ze nodigt eerst iedereen apart uit om ieders verhaal te horen. In therapie zoekt ze naar verbinding en rechtvaardigheid. Hoe dieper de kloof hoe sterker de brug. Ze gaat op zoek naar extra peilers voor de brug. Wie kan er verbindend werken? Een oom of tante, neef of nicht. Die nodigt ze erbij uit.

Een vraag over grootouders die hun kleinkinderen niet meer zien. Als die weggestreept worden uit het leven van een kind, wie kun je dan nog vertrouwen, vraagt EM zich af. Grootouders kunnen helend zijn als ouders gescheiden zijn. Kinderen van gescheiden ouders die contact hebben met hun grootouders zijn beter af heeft onderzoek uitgewezen.

Ze kwam nog even terug op de gespleten loyaliteit bij scheidingen. Het vervreemden van het kind van één van de ouders geeft veel ziektes. Eigenlijk is het kind dat een van de ouders moet afwijzen beide ouders kwijt. Het is een fundamenteel existentieel recht: het recht op beide ouders.

Er was een vraag (van ondergetekende) over favoriete kinderen. Ja het is zo: ouders hebben hun oogappeltjes. Dit gaat in tegen het idee van gelijke monniken, gelijke kappen maar volgens EM is het nu eenmaal zo dat liefde van elastiek is. Wij kinderen hebben twee verschillende ouders maar onze ouders hebben verschillende kinderen. We mogen onze favorieten hebben als het maar rechtvaardig blijft heb ik begrepen.

We lopen allemaal kwetsuren op maar we krijgen ook (veer)kracht mee. Die kracht en kwetsuren gaan inderdaad samen. Dat ouders het beter willen voor hun kinderen dan zij het zelf gehad hebben, daarin zit de kracht van generaties. En kracht krijg je door erkenning. Het ergste is wanneer je ontkent wordt in wat je te geven hebt.

Een vraag over ‘het lege nest syndroom’. Dit bestaat nauwelijks meer. Kinderen blijven nog lang thuis. Het probleem is nu eerder: Hoe krijgen we de kinderen de deur uit. We zijn van een bevels-huishouding naar een onderhandelings-huishouding gegaan. Begrenzingen tussen ouders en kinderen zijn vager geworden. Vooral kinderen van gescheiden ouders blijven rond hun ouders cirkelen. Laatst was EM bij iemand thuis voor een vergadering en hoorde ze een zoon van boven roepen: “Mam, mam, mijn condoom is gesprongen!”


Een zeer inspirerende lezing over een serieus onderwerp waarbij af en toe enorm gelachen kon worden. Als toegift liet EM nog de Grand Partita van Mozart horen. Dit is een compositie waarin verschillende familieleden vertolkt door verschillende muziekinstrumenten en melodieën te horen zijn. Mozart had grote problemen in de relatie met zijn vader. Hulde aan EM en aan Mozart.

 

 

Advertenties

1 reactie

Opgeslagen onder Systeemtherapie

Vreemdelingenhaat in slecht functionerende familie

Naast vreemdelingenhaat, ook homohaat, en onderling voor elkaar zeer weinig plaats voor liefde of genegenheid. Hooguit kunnen deze twee broers en zus met elkaar in een onbedaarlijke slappe lachbui uitbarsten over de stommiteit of het ongeluk van een ander. Of kunnen ze zich in angst aan elkaar vastklampen. Zij zijn in bij elkaar gekomen omdat zij net hun jongste broer hebben gecremeerd.

Ik heb het over het toneelstuk Wolfshuilen van Judith de Rijke, zeer goed gespeeld door Toneelgroep Maastricht, gisteravond in theater Ins Blau in Leiden gezien. Bravo!

Ik kan mij enigszins vinden in de opmerking die Tuur Devens maakt aan het eind van zijn recensie in de Theaterkrant, dat hij na afloop nog steeds niet weet wat hij eigenlijk gezien heeft. Maar ik zie er toch meer in dan hij. Hij komt tot de conclusie dat Wolfshuilen weinig meer is dan familiegekrijs. Zo zou je het inderdaad kunnen zien. Veel gekrijs, ‘gehuil’. Maar in een gesprek na afloop met enkele andere toeschouwers kwam ik hier op uit: slecht functionerende gezinnen lijken een kweekvijver te zijn voor haat.

Het is inderdaad een beetje jammer wanneer een toeschouwer aan het eind in verwarring is over wat hij nu eigenlijk gezien heeft en wanneer enkele gebeurtenissen in een plot niet helemaal duidelijk zijn (zoals in veel thrillers volgens mij ook het geval is) maar De Rijke snijdt met Wolfshuilen toch een belangrijk thema aan. Wolfshuilen is een soort thriller. En verward zijn de personages zelf ook. Verward en vervreemd.

Ik zie een overeenkomst tussen Wolfshuilen en het recente onderzoek van de socioloog, psychotherapeut Abram de Swaan naar plegers van massamoorden. De Swaan deed zijn onderzoek mede naar aanleiding van een vraag van de psycholoog Nico Frijda: Hoe kan het toch dat sommige mensen een ander, die ze niet eens kennen, zo enorm kunnen haten? De Swaan komt tot de conclusie dat een gebrek aan empathie een grote rol speelt in wat massamoordenaars en hun volgelingen aanzet tot agressie en geweld. De Rijke lijkt iets dergelijks ook te zeggen met Wolfshuilen.

Zoals Vincent Kouters terecht opmerkt in zijn recensie over De Rijke:

Ze wil mensen tonen, die zich laten regeren door hun angsten. Kleinzielige lieden, die maar één manier kennen om hun demonen te lijf te gaan: alles afreageren op anderen. Het liefst op vreemdelingen.

De ondertitel van Wolfshuilen is: Een fatale familie. Tot liefde en empathie zijn de familieleden dus nauwelijks  in staat. Zelfs de hond (een Rotweiler) van een van de broers heeft bindingsangst. Hij stinkt zo erg dat je niet dichtbij hem wil komen. De boodschap die er van uit gaat voor mij is: ‘Laat je niet gek maken.’

Maar er ìs helaas wel veel gekte. In deze familie, in andere families en zelfs binnen de GGZ waar families geestelijke heling zouden moeten kunnen vinden. Maar de GGZ is helaas zelf een neurotische knutselfabriek geworden.

De broers, zus, zwager en schoonzus in het stuk doen gekke dingen zoals pillen slikken, slapen in een anti-krabpak, hyperventileren, dissociëren, enz. Uit angst, uit stress, vanwege oude onverwerkte pijn. Hun vader heeft hen vroeger in het gareel geslagen, hun moeder lag de hele tijd in bed. Een van de broers zegt tegen zijn schoonzus: “voor mij ben jij best welkom in onze familie, maar ik zou het je niet aanraden”.

Er is in Wolfshuilen slechts op een paar momenten ruimte voor iets liefs, iets aardigs, een engelachtig personage. Zij zingt een prachtig lied met echo: “nur der Wind weiss wie einsam wir sind”.

Wolfshuilen door Toneelgroep Maastricht maakt de gekte die tot haat en geweld leidt op een persoonlijke, indringende en intrigerende wijze voelbaar. Voer voor psychologen.

Unknown

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Persoonlijk en politiek, Psychologie, proza en poëzie, Systeemtherapie

Vechten in het gezin

Op het moment probeer ik een (v)echtscheidend ouderpaar met twee vechtende kinderen te begeleiden. Een broer en een zus.

Ik doe moeite om de vader bij de begeleiding betrokken te houden. Hij heeft de kinderen wel eens geslagen, vooral zijn oudste zoon. Hij zegt dat hij geen gezag heeft over zijn kinderen en dat dit de schuld is van zijn vrouw. De moeder kan de bemoeienissen van haar man niet uitstaan. Hun strijd heeft een lange en ingewikkelde geschiedenis.

Een mooie regel over slaan en ik weet niet van wie die is: Met de hand die slaat zou je willen strelen en daar zit hem de pijn…

Zowel kinderen als de ouders hebben pijn van het vechten maar kunnen er niet mee stoppen. Misschien is de pijn die er zou zijn wanneer ze zouden ophouden met vechten nog veel erger. Pijn over het verlies van hoop op een veilig en gelukkig gezin en ook de angst voor alle veranderingen zijn niet te verdragen. Ze zitten vast in het gevecht. Het is erg moeilijk om hier uit te komen.

We proberen samen na te denken over hoe de interacties in het gezin werken. We leggen de coalities bloot. De kinderen gaan naar huis met het voornemen om een week geen ‘bondjes’ aan te gaan met hun vader, hun moeder of met hun veel jongere zusje van vier die ook onderdeel van de strijd is geworden. Ze gaan oefenen met nieuw gedrag. Ze proberen op een andere manier met elkaar om te gaan. Maar het is erg moeilijk.

5425359-broer-en-zus-start-een-gevecht-met-elkaar

Dan hoor ik dat de scheidingsaanvraag verandert van een gezamenlijke in een eenzijdige aanvraag. Dit kan omdat de partners niet uit Nederland komen en in sommige andere landen eenzijdige scheidingsaanvragen nog mogelijk zijn. Bij een eenzijdige aanvraag wordt de schuldvraag gesteld. De rechter kan een schuldige van de scheiding aanwijzen. Maar bij het zoeken naar een schuldige heeft niemand baat. Dit soort scheidingen zorgt voor veel onrust in het leven van de kinderen. In Nederland kan dit al niet meer sinds 1971 hoor ik van een advocaat.

In de laatste sessie met de moeder en de twee kinderen bleven de kinderen elkaar aanvallen. Een sfeer van rustig nadenken werd niet meer bereikt. De moeder probeerde hen te laten stoppen met vechten. Zij ziet er moe en somber uit. Elke volgende keer dat ik haar zie, zijn er grijze haren bijgekomen.

‘Wat is de goede reden om door te gaan met vechten?’, vraag ik aan de kinderen. Het meisje zegt dat ze anders in een slecht daglicht wordt geplaatst door haar broer. Zij moet zich verdedigen tegen zijn beschuldigingen. Zij heeft het gevoel dat haar moeder aan zijn kant staat. De jongen zegt dat zijn zus anders de baas over hem wordt. Goede redenen… daar halen we hun wensen en waarden uit. Graag in een goed daglicht staan. Graag zelf de baas zijn. Maar hoe stoppen ze met vechten als hun ouders er zelf niet mee kunnen stoppen?

In het gedicht hieronder wordt misschien wel de pijn van deze twee vechtende kinderen verwoord. De pijn die onder al hun gevechten doorstroomt.

Dat ik van mijn vader hou,
Doet mijn moeder soms verdriet.
En dat ik van mijn moeder hou,
Dat weet mijn vader niet.
Zo draag ik mijn geheimen mee.
En loop van hier naar daar.
Nog altijd hou ik van die twee,
Die hielden van elkaar.

Willem Wilmink

 

2 reacties

Opgeslagen onder Psychologie, proza en poëzie, Systeemtherapie

Broederliefde bij gorilla’s

Kesho (13 jr) en Alf (9 jr), twee broers, laaglandgorilla’s werden onlangs weer bij elkaar gebracht in het safaripark van Wiltshire in Engeland nadat ze elkaar drie jaar niet gezien hadden. Dit stond in de Huffington Post. De twee  herkenden elkaar meteen en lieten er geen twijfel over bestaan dat zij hun relatie wilden voortzetten. Ze omhelsden elkaar en schudden handen toen ze elkaar weer zagen.

Kesho weegt 485 en Alf 242 pound. Ze zijn geboren in Dublin Zoo en werden van elkaar gescheiden toen Kesho naar een andere dierentuin werd gebracht om deel te nemen aan een fokprogramma. Kesho bleek overigens onvruchtbaar.

Ze zijn nu weer samen in Wiltshire met hun jongere broer Evindi (6 jr).

De dierenverzorgers in Dublin waren er eerst niet zo zeker van dat de twee broers elkaar nog zouden kennen en ze waren bezorgd geweest of Kesho wel gediend zou zijn van het speelse karakter van zijn jongere broer Alf.

De voorzitter van de Ape Alliance, Ian Redmond zei: “Wat je ziet is precies wat je denkt: Twee intelligente sociale dieren, die gescheiden waren en blij zijn om elkaar weer te zien en te kunnen spelen met elkaar. Het is fijn om weer samen te zijn met iemand waar je het goed mee hebt gehad. Gorilla geluk!”

De gorilla’s van de lage landen van Centraal Afrika zijn een bedreigde diersoort. De grootste bedreigingen vormen de jacht en het Ebola virus volgens de IUNC (International Union for the Conservation of Nature).

Gorilla’s zijn op chimpansees na het meest verwant aan mensen. Op dit weblog zijn meerdere artikelen te vinden over relaties tussen broers en zussen bij mensen.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Dierengedrag, Psychologie

Broers en zussen ruzies

Op 6 april 2010 verscheen in Science Daily * een artikel over communicatie tussen broers en zussen. Onderzoekers van de Universiteit van Missouri hebben aangetoond dat vooral ruzies tussen broers en zussen die gaan over de persoonlijke ruimte, de kwaliteit van hun relatie aantast. Het gaat bijvoorbeeld over spullen van elkaar lenen zonder het te vragen of rondhangen bij oudere broers en zussen als die hun vrienden op bezoek hebben. Dit soort conflicten beschadigen het vertrouwen en de communicatie. Voor het onderzoek werden broers en zussen geïnterviewd tussen de 8 en 20 jaar. Dit is de eerste keer dat niet alleen jongere maar ook ook oudere broer-zus relaties onderzocht werden.

Conflicten rond gelijkheid of rechtvaardigheid zoals over wie er aan de beurt is of over wie ergens voor verantwoordelijk is, hebben geen negatieve invloed, bleek uit het onderzoek.
Verder bleek dat adolescente broers en zussen vaker conflicten over persoonlijke ruimte meldden, waaruit de conclusie getrokken werd dat zij er meer gevoelig voor zijn omdat zij bezig zijn met zich af te scheiden van de familie.

Geadviseerd wordt door de onderzoekers dat ouders grenzen opstellen rond de persoonlijke ruimte; dat ze regels maken rond het respecteren van de privacy, persoonlijke ruimte en eigendommen. Maar ouders moeten een stapje terug doen op het moment dat broers en zussen conflicten hebben omdat het ook nodig is dat zij leren onderhandelen.

Door dit onderzoek dacht ik weer aan de Amerikaanse gezinstherapeuten Carter en McGoldrick** die ook over de relaties tussen broers en zussen geschreven hebben. Een vertaling en samenvatting hiervan zijn te vinden op dit blog in verschillende artikelen bijv. hier.

Kennis over broer/zus relaties zijn voor de therapie belangrijk en therapeuten zouden zich er meer in moeten verdiepen volgens McColdrick. Een sessie met een broer of zus kan een keerpunt worden in de therapie. Onrechtvaardigheden kunnen voorzichtig uitgedaagd worden en oplossing van conflicten kunnen aangemoedigd worden.

 Tot slot een mooi citaat *** over een zussen relatie:

My dearest friend and bitterest rival, my mirror and opposite, my confidante and betrayer, my student and teacher, my reference point and counterpoint, my support and dependent, my daughter and mother, my subordinate, my superior and scariest still, my equal. My sister is someone who lives out another part of myself, freeing me or limiting me to my role, which is by defenition ‘not her.’

* Dit onderzoek is gepubliceerd in Child Development onder de naam: “Who said you could wear my sweater?” De leiding was in handen van Nicole Campione-Barr.

** Chapter 9. Siblings through the life cycle. Uit: The expanded family life cycle. Individual and social perspectives.

*** E. Fishel: ‘Sisters: Shared Histories, Lifelong Ties’.

2 reacties

Opgeslagen onder Psychologie, Psychotherapie, Systeemtherapie

Broers en zussen verschillen

Deze blogpost is een samenvatting en vertaling uit: ‘Siblings through the life cycle. The expanded family life cycle. Individual and social perspectives. Chapter 9’. Van de Amerikaanse gezinstherapeuten Betty Carter en Monica McGoldrick.

Verschillen in leeftijd 

Hoe dichter bij elkaar in leeftijd, hoe meer tijd broers en zussen met elkaar doorbrengen, zeker als ze van hetzelfde geslacht zijn. Hoe dichter bij elkaar in leeftijd, hoe groter de strijd om de zorg en aandacht van de ouders kan zijn.

Vooral de jongere heeft een grote behoefte om zich te onderscheiden van de oudere om een niche voor zichzelf te creëren.

Voor tweelingen is het de grootste uitdaging om een eigen identiteit te ontwikkelen.

Sekseverschillen

Zussen hebben de meest close relaties. Ze geven elkaar emotionele veiligheid. Hoe meer zussen een vrouw heeft hoe meer belang ze hecht aan sociale relaties en aan het helpen van anderen. Een sterke zussen band is goed voor het zelfbeeld van een vrouw.

Uitzonderingen daargelaten worden er van broers meer maatschappelijke prestaties verwacht (of toegestaan) dan van zussen. Oudste zonen hebben een duidelijk gevoel van hun voorrecht als oudste. Oudste dochters zijn ambivalent en kunnen zich schuldig voelen over de verantwoordelijkheden die hun rol met zich meebrengt. Wàt ze ook doen, ze hebben het gevoel dat het niet goed genoeg is en ze kunnen niet ophouden met hun pogingen om alles in de familie goed te laten verlopen. Zij zijn degenen die het netwerk bij elkaar houden, met Kerst en met Pasen en die voor de zieke gezinsleden zorgen en van de meeste rouw getuigen als een familielid doodgaat.

Zussen doen meer aan het zorgen en aan de intimiteit in de familie maar ze krijgen typisch minder eer dan de broers. Relaties tussen broers lijken meer gekenmerkt te worden door rivaliteit, competitie, ambivalentie en jaloezie.

Het is belangrijk om te kijken naar hoe de man-vrouw rollen in een cultuur, de broer-zus relaties beïnvloeden. Bijvoorbeeld: Ierse en Afrikaans-Amerikaanse families beschermen hun zoons teveel en beschermen hun dochters te weinig.

Effecten van de plaats in de rij

Oudste kinderen zijn vaak de over-verantwoordelijke en consciëntieuze types. Het zijn vaak goede leiders want ze hebben er ervaring in. Ze zijn vaak serieus en hebben een missie in hun leven. Door de sterke identificatie met de ouders zijn ze vaak conservatief zelfs al leiden ze anderen een nieuwe wereld in. Hoewel ze zelf-kritisch zijn kunnen zij kritiek van anderen slecht verdragen.

Oudste dochters krijgen de rol van leider en verantwoordelijke maar ze krijgen er niet de privileges bij die oudste zonen krijgen en ze ontwikkelen niet de versterkte zelfwaardering die oudste zonen ontwikkelen. Meer over de oudste positie: hier.

Middelste kinderen lopen het risico om de weg kwijt te raken in het gezin, vooral als er sprake is van dezelfde sekse. Maar ze kunnen zich ook tot goede onderhandelaars ontwikkelen omdat ze meer zacht en gelijkmoedig zijn dan de oudste en minder zelfzuchtig dan de jongste.

De jongste kinderen zijn waarschijnlijk de meeste rebelse. De voetstappen van de ouders worden al gevolgd door de oudsten en de jongsten moeten dus hun eigen niche zien te vinden om te overleven; een Darwiniaans principe. Ze zijn minder consciëntieus en meer sociaal.

Een middelste zus ervaart minder druk om de verantwoording te dragen maar moet wel harder haar best doen om haar eigen stempel te drukken want ze heeft geen speciale rol. Ze moet rennen om haar oudere zus bij te houden en weg rennen van de jongste die haar lijkt in te halen (Fishel, 1979).

Een jongste heeft vaak een gevoel van speciaal te zijn zodat er ruimte is voor het ontwikkelen van een zelfgenoegzame houding. Dit komt vooral voor in grotere gezinnen. Jongste kinderen kunnen opmerkelijk creatief zijn maar ze kunnen ook verwend zijn of in zich zelf gekeerd. Het gevoel dat ze op bepaalde dingen recht hebben kan leiden tot frustratie en teleurstelling.

De jongste kan een poos het enige kind zijn als de ouderen uit huis zijn. Dit kan een gelegenheid zijn om te genieten van de aandacht van de ouders maar het kan ook een gevoel geven van verlaten te zijn.

Een jongste zus wordt vaak verwend, vooral als ze oudere broers heeft. Als ze uit een groot gezin komt kan ze gefrustreerd raken omdat ze altijd op haar beurt moet wachten. Het kan zijn dat de ouders geen energie meer over hebben voor haar. Ze kan rancuneus worden als de ouderen de baas over haar speelden en ze nooit helemaal serieus werd genomen. Als ze het enige meisje is kan ze de prinses worden en toch ook de dienaar worden of misschien de vertrouwenspersoon van de oudere broers en later, als de ouders dat niet meer kunnen, kan zij degene worden die de familie bij elkaar houdt.

Net als middelste kinderen kan het enige kind zowel oudste als jongste eigenschappen hebben. Voor hen is het een uitdaging om op te kunnen schieten met leeftijdsgenoten.

 

2 reacties

Opgeslagen onder Opvoedkunde, Psychologie, Psychotherapie, Systeemtherapie

Broers en zussen relaties in de volwassen fase

Dit bericht is voor het grootste deel een samenvatting en vertaling uit: Betty Carter en Monica McGoldrick. Chapter 9. Siblings through the life cycle. The expanded family life cycle. Individual and social perspectives.


In de periode van het volwassen worden, wordt de broer/zus relatie opnieuw belangrijk. Jong-volwassenen zijn bezig het opbouwen van een eigen leven. De competitie kan dan erg sterk zijn: Wiens man en kinderen zijn het meest succesvol? Wie gaat naar de beste school? Wiens leven is het meest gelukkig?

Het beeld dat ieder over de ander heeft is gekleurd door de vroegere rivaliteiten. Een jongste broer die een succesvol manager is geworden kan defensief reageren op zijn oudste zus door herinneringen aan haar bazigheid. De oudste zus kan nog steeds irritaties hebben over het brutale en onverantwoordelijke gedrag van de jongste broer en ziet zichzelf terugvallen in het oude patroon en hem raad geven.

Een jongere zus die zich gebruikt of gedomineerd heeft gevoeld door haar oudere broer kan zich later in haar leven nog ongemakkelijk voelen als ze, eenmaal volwassen samen met hem aan tafel moet zitten tijdens een Kerstdiner. Zelfs al zijn er geen grote ruzies kan een Kerstdiner voor iedereen ongemakkelijk zijn. De ouders die ook aan tafel zitten kunnen de oude patronen nog eens versterken.

Gezinstherapeuten kunnen veel doen ten gunste van iedereen als ze oude patronen aan de kaak stellen.

Zussen kunnen door hun huwelijk terechtkomen in een ander sociaal milieu. De sociaal-economische context van het gezin wordt vaak bepaald door de echtgenoot. Ierse en Afrikaanse Amerikanen leggen meer nadruk op de vriendschap tussen broers en zussen dan Scandinavische en Joodse Amerikanen. De zussen-band wordt in het algemeen meer bepaald door een wederzijds gevoelde verantwoordelijkheid voor de familie dan door gemeenschappelijke interesses.

Broer/zus positie en de huwelijksrelatie

Over het algemeen zijn huwelijken tussen een oudste en een jongste gemakkelijker dan een huwelijk tussen twee oudsten. Ideaal gezien is dan de oudste partner een oudste broer en de jongste partner een jongste zus. Maar het is geen garantie voor een gelukkig huwelijk.

Het is gunstig voor een huwelijk als je een broer/zus gehad hebt van de andere sekse. Het moeizaamst zou kunnen zijn een huwelijk tussen een jongste zus van veel oudere zussen met een jongste broer van veel oudere broers. Beiden hebben geen ervaring met de andere sekse en ze zijn beide de ‘verwende’ jongste die wacht op de ander die zorgt.

Huwelijken tussen twee enigst kinderen zou ook moeilijk kunnen zijn. Een huwelijk tussen twee middelste kinderen zou het meest flexibel kunnen zijn.

Echtgenoten kunnen druk uitoefenen op zussen om minder close te zijn met elkaar. Zwagers en schoonzussen zouden het positieve in broer/zus relaties kunnen inbrengen maar vaak werkt het niet zo. Schoonzussen hebben wel een toekomst samen maar niet een verleden.

Schoonzussen die trouwen in een familie met alleen broers hebben waarschijnlijk de meeste kans om positieve relaties in de nieuwe familie te ontwikkelen. De vrouw van een jongste broer van alleen oudere zussen heeft het waarschijnlijk het moeilijkst want hij is mogelijk als een prins behandeld.

Tijdens mijn opleiding leerde ik van de transculturele systeemtherapeut Nel Jessurun dat in een huwelijk van twee oudsten beide partners dominant zijn maar dat beide denken dat ze niet serieus worden genomen door de andere partner. Twee oudsten kunnen een strijd om de macht krijgen. In een huwelijk met twee jongsten is er geen strijd om de macht maar strijd om de aandacht. Jongsten moeten vaak leren zichzelf serieus te nemen. Er is voor jongsten gezorgd, ze zijn klein gehouden. In een huwelijk kunnen ze in een strijd komen van: ‘Als jij het niet doet, doe ik het ook niet’. In een huwelijk met middelsten zouden goede compromissen gesloten kunnen worden. Maar middelsten kunnen ook berekenend zijn, een beetje van twee walletjes eten. Middelste kinderen kunnen in hun gezin van herkomst ook vermangeld worden tussen de anderen en/of hebberig worden. Ook volgens Jessurun zijn de meest succesvolle relaties die waar getrouwd is in dezelfde configuratie als in het gezin van herkomst omdat er dan sprake is van een herhaling van patronen en oplossingen. Zoals een huwelijk tussen bijvoorbeeld een oudste broer en een jongste zus.

Broer/zus relaties in het latere leven

In het midden van het leven komen broers en zussen vaak bij elkaar. Door een scheiding, een zieke ouder, een sterfgeval worden prioriteiten vaak helder en wordt er opnieuw gedefinieerd welke relaties in het leven het belangrijkst zijn.

Oppervlakkige relaties kunnen op dit punt ook geheel breken onder de druk of onder de pijn die de verwijdering veroorzaakte. Maar broers en zussen kunnen juist ook ‘closer’ worden op deze momenten.

Broer/zus relaties kunnen in het latere leven zeer belangrijk worden. Maar als negatieve gevoelens doorzetten kan de zorg voor een zieke ouder, oude gevoelens van jaloezie en verwijten naar boven brengen.

Als de laatst overgebleven ouder dood gaat krijgen de broer/zus relaties voor het eerst een vrijwillig karakter. Als de ouders nog leven horen ze van en over elkaar primair vanwege hun relatie met de ouders. Onopgeloste problemen kunnen bij het ziek worden en overlijden van de ouders naar boven komen in de vorm van conflicten over de laatste zorg, de begrafenis of de erfenis.

Omdat zussen een belangrijke rol spelen in het onderhouden van de emotionele relaties richten zij zich vaak met hun teleurstellingen op elkaar of op de schoonzussen en blijven de broers buiten schot want broers zijn vaak met zachte hand behandeld en van hen wordt minder verwacht ten aanzien van emotionele en fysieke steun. Een vaak gehoord excuus is dat broers het te druk hebben met hun werk.

Na de dood van de ouders

Vanaf nu is de relatie een eigen keuze: broers en zussen zijn voor het eerst echt onafhankelijk. Dit is de tijd waarin de vervreemding van elkaar volledig kan worden, zeker wanneer oude rivaliteiten doorzetten. Men kan het oneens blijven over: Wie had meer moeten zorgen voor de ouders? Van wie werd het meest gehouden? Sterke gevoelens laaien op door onopgeloste onderwerpen.

Hoe beter de relaties zijn hoe minder een trauma in de familie leidt tot verwijdering. Zussen kunnen tegen het eind van het leven een belangrijke steun voor elkaar worden. Weduwen richten zich eerder op hun zus dan op hun kinderen.

De gedeelde unieke geschiedenis die broers en zussen hebben en de herinneringen daaraan kunnen op allerlei momenten opgeroepen worden. Dit herinneren kan in het latere leven belangrijk worden. Het helpt om gebeurtenissen en relaties te waarderen, ze te verhelderen en ze in een rijper perspectief te plaatsen. Zo kan het herinneren een belangrijke bron worden voor troost en trots. Vooral voor zussen is dit belangrijk omdat ze veel waarde hechten aan de emotionele kwaliteit van menselijke verhoudingen.

Het is bewezen dat oudere vrouwen die een goede relatie met hun zus hebben ook meer contact blijven onderhouden met anderen. Margeret Mead (1972):

Sisters draw closer together and often in old age, they become each other’s chosen and most happy companions. In addition to their shared memories of childhood and their relationships to each others children, they share memories of the same house, the same homemaking style and the same small prejudices about housekeeping.

Speciaal als we ouder worden zijn het de details van de herinneringen die ons bij elkaar houden.

10 reacties

Opgeslagen onder Systeemtherapie