Categorie archief: Systeemtherapie

Esther Perel in Zomergasten

 

Heerlijk om een vakgenoot, systeemtherapeut, zo goed voor de dag te zien komen op TV. Het dagblad Trouw kopte met een recensie: De slotaflevering van Zomergasten was een openbaring. Esther Perel heeft een gave.

Inderdaad. Zo komen haar overwegingen over, als een openbaring! Esther Perel heeft zich het gedachtegoed van de systeemtherapie zo eigen gemaakt dat het overkomt alsof ze het heeft uitgevonden.

Maar Perel was nog lang geen relatietherapeut toen ze in 1981 bij Minuchin mocht meekijken bij zijn gezinstherapieën. Minuchin, de vader van de systeemtherapie. Van hem heeft ze veel geleerd. Dat weet zij ook.

Niet dat ik zou willen zeggen dat Perel geen gave heeft want daar ben ik het van harte met de journalist van Trouw eens. En die gave vindt, denk ik, vooral zijn oorsprong bij de opvoeding door haar ouders, twee getraumatiseerde Joodse mensen uit Polen, die ondanks alles haar een innemende hoeveelheid levendigheid, verbeeldingskracht en zelfvertrouwen hebben weten mee te geven. Daarnaast heeft ze van jongs af aan verschillende talen leren spreken.

Perel zegt: “Problemen leven niet ìn je maar in het ecosysteem”. Dit is een typisch systemische uitspraak. Dat we geneigd zijn om te denken dat problemen ìn ons leven, wordt volgens haar mede veroorzaakt door de psychoanalyse. We gingen diep graven in onze psyche en zijn ons zelf steeds meer gaan identificeren met onze problemen, maar we zijn meer dan dat. We zijn niet ons probleem. Perel: “We zijn elkaar voortdurend aan het maken.” Een andere manier om dit te zeggen is: “Het probleem zit niet tussen de oren maar tussen de neuzen.”

Om het probleem weer buiten je zelf te plaatsen biedt bijvoorbeeld de, uit de systeemtherapie voortgekomen, stroming van de narratieve therapie een stuk gereedschap. Ik doel op het zogenaamde externaliseren van het probleem zodat je het beter van verschillende kanten kunt bekijken. Daar hebben narratief therapeuten vele vragen voor bedacht. Om te beginnen geef je het probleem een naam met een hoofdletter. Stel dat het probleem Onzekerheid heet, dan vraag je bijvoorbeeld naar de bedoelingen, de bondgenoten en de manier van spreken van Onzekerheid.

Minuchin ontwikkelde weer andere gereedschappen. Zijn gezinstherapie valt onder de structurele systeemtherapie. Perel zocht een mooi fragment uit met hem. Minuchin noemt in het fragment ook nog even een belangrijke vertegenwoordiger van de narratieve stroming: Michael White .

Loskomen van je zekerheden

Perel heeft Minuchin zelf aan het werk gezien en herinnert zich dat hij gezinstherapie eens voorstelde als een biljartspel. Je moet strategisch denken. Als je het probleem van het gezin wil oplossen dan wil je bijvoorbeeld dat één van de ballen (één gezinslid) van positie verandert. Om dat voor elkaar te krijgen stoot je een andere bal in zijn richting waardoor de bal in beweging komt. Hoe de ballen na die eerste stoot op het laken liggen zal er heel anders uitzien. Veranderen van rollen en posities om het probleem op te lossen ofwel om verandering te creëren. Zo werkt structurele gezinstherapie.

Voordat Perel bovenstaand fragment van Minuchin liet zien benadrukte ze eerst dat we ons een weg moeten zien te banen uit onze eigen zekerheden, uit de verhalen waarin we vast zijn komen te zitten. Dit naar aanleiding van het eerste fragment van deze Zomergasten-avond, uit de film ‘I, Tonya’ waarin een moeder en dochter de confrontatie aan gaan. Het punt dat Perel wil maken is dat het verzekerd zijn van je eigen waarheid of zekerheid, de vijand van verandering is.

“Welcome to my office”, zegt ze nadat we gezien hebben hoe moeilijk het kan zijn om de waarheid van dochter Tonya te laten samenkomen met de waarheid van haar moeder. Ze willen een relatie met elkaar maar ze willen bij hun eigen waarheid blijven en die liggen ver uit elkaar. Perel zou zeggen: “Het doet me pijn om jullie zo te zien. Jullie moeten een weg zien te vinden uit je eigen waarheid, uit je eigen zekerheid.”

Het idee van het vastzitten in je eigen verhaal, zekerheden of waarheid en de kennis over hoe je daar uit los moet zien te komen en hoe dit helpt bij het opnieuw verbinden met mensen komt voort uit de stroming van de narratieve therapie. Het doel van de therapie is om samen een nieuw verhaal te kunnen maken.

Perel ziet heel veel mensen die ‘op zoek zijn’ naar verbinding met hun ouders. Wie waren/zijn zij nu echt? De moeder in de film gaf Tonya een keiharde opvoeding wat de dochter haar kwalijk neemt. De ‘waarheid’ van de dochter transformeert wanneer ze kan aanhoren dat deze moeder zelfs niet eens gezien werd door hààr moeder en dat zij met haar harde opvoeding vooral wilde voorkomen dat zij Tonya hetzelfde zou aandoen.

Het volgende fragment komt uit de documentaire: ‘My architect’. We zien opnieuw hoe vast we kunnen komen te zitten in onze zekerheden, in onze verhalen. Soms is een zekerheid of een verhaal zelfs een illusie. Een oudere vrouw houdt hier vast aan de illusie, haar waarheid, dat haar partner van haar hield en dat hij naar haar op weg was. Zij wil zich niet uit haar illusie bevrijden maar haar zoon, de maker van de documentaire, wil wel dat zij dit doet. Hij doet zijn best om zijn moeder op andere gedachten te brengen maar zij blijft vast houden aan haar romantische verhaal. Misschien is dit ook wel het beste in dit geval. Zij heeft geen behoefte aan verandering. Haar zoon wel maar hij laat haar uiteindelijk toch maar in haar waarheid.

Deze documentaire is in zijn geheel een mooi verslag van hoe een kind op zoek gaat naar verbinding met een ouder. In dit geval is een zoon op zoek naar zijn vader.

Het ritme van de liefdesrelatie: Harmonie – disharmonie – reparatie

Uit ‘The before trilogy’ die de fasen van een liefdesrelatie in beeld brengt toont Perel een fragment uit het laatste deel ‘Before midnight’. We zien hoe de man uiteindelijk de verbinding met de vrouw probeert te herstellen, hoe hij de disharmonie probeert te repareren. Dit is een herkenbaar ritme in liefdesrelaties: harmonie, disharmonie en reparatie. In dit fragment lijkt de reparatie van de man te gaan werken.

Partners die in therapie gaan komen meestal niet met de vraag: wat doe ìk fout? Meestal willen de partners het hebben over wat er fout is aan de ander. Ze zijn de experts van de fouten van de ander. Perel vraagt graag naar het begin van de relatie. Waarom vielen ze op elkaar? Wat vonden ze zo leuk aan elkaar? En het bijzondere is dat datgene waar we in het begin het meest op vallen, later de bron van het conflict wordt. Het paar zegt: “We waren aan het dromen maar nu voelt het als een desillusie.” Ze krijgen iets teveel van het goede van de ander.

Wat Perel aan de orde wil stellen is de hoeveelheid hoge verwachtingen die paren tegenwoordig van elkaar en de relatie hebben. Waar onze behoeften aan verbinding vroeger vervuld werden door de leden van een hele gemeenschap moet dit nu overgenomen worden door die ene partner.

Wat weten we eigenlijk over waar paren mee worstelen?

Perel heeft podcasts gemaakt van paren in therapie. Ze kwam op het idee om deze podcasts te maken toen ze een keer verbleef in een Italiaans dorp waar iedereen nog van elkaar wist wat voor ruzies er speelden tussen echtparen maar ook wanneer ze elkaar liefhadden. Deze gemeenschappen zijn zo goed als verdwenen. Het dorp is vervangen door Facebook en daar laten we alleen onze mooie kanten zien.

Met de podcasts krijgen we een kijkje in de achterkamer, de huiskamer en de slaapkamer van een paar net zoals in dat Italiaanse dorp. Perel bood de paren in de podcasts gratis relatietherapie aan in ruil voor geluidsopnames van de gesprekken. Natuurlijk blijven deze paren anoniem maar hun stemmen zijn echt. Je kunt ze hier beluisteren: https://estherperel.com/podcast

Waar paren mee worstelen komt ook naar voren in een fragment uit de serie ‘The skin deep’. In deze serie beantwoorden paren vragen die op kaartjes staan. Terwijl ze om de beurt vragen stellen aan elkaar en deze beantwoorden, zitten ze tegen over elkaar en kijken ze elkaar aan.

De kaartjes die voor deze serie werden gebruikt zijn te koop en interviewer Janine Abbring haalde ze te voorschijn en trok een kaart uit de stapel voor Perel. De vraag die er op stond was: ‘If your mum were here, what would she tell me about you?’ Perel’s moeder zou over goede eigenschappen beginnen die ze niet tegen Perel zelf zou hebben verteld en de moeder van Abbring zou gezegd hebben dat ze goed borstplaat kon bereiden en dat ze niet zo stoer is als ze er uit ziet. Een leuk en persoonlijk moment in het interview.

Perel vindt het gebruik maken van deze kaartjes in therapie een goed idee omdat het een spel is. Je komt eigenlijk vanzelf op een meta-niveau.

Naar aanleiding van het ‘Skin Deep’ fragment heeft Perel het ook over de hoge verwachtingen die we tegenwoordig hebben van seksualiteit. Vroeger ging seks over reproductie en was het voor de vrouw een huwelijkse plicht. Nu willen we er van genieten en gaat seks over passie en verbinding. Dit zijn heel grote dingen. Dit verlangen we van seks voor het eerst in de geschiedenis van de mensheid.

In het fragment raapt de man het kaartje: ‘When did you last fake an orgasm?’ en we zien hoe kwetsbaar en machteloos de man is terwijl zijn vrouw hem probeert te antwoorden. Zìj kan een orgasme ‘faken’ maar hij niet. Hij voelt zich volgens Perel afgewezen, incompetent en hij moet er maar op vertrouwen dat zij de waarheid spreekt over het wel of niet hebben van een orgasme.

Emancipatie voor iedereen

Vrouwen kunnen angst hebben voor verkrachting maar mannen kunnen bang zijn om vernederd te worden. Voor mannen geldt nog steeds de rigide code dat ze moeten winnen, dat ze competitief moeten zijn enz. We hebben een grotere diversiteit nodig in dit soort codes, niet alleen voor mannen maar voor iedereen. We moeten allemaal emanciperen.

In het ‘Skin deep’ fragment zien we dat niet alleen de man macht heeft. De machtsdynamiek speelt in elke relatie. Wie heeft de macht en wanneer? Wat is het rollenspel van de macht in de relatie? Dit zijn belangrijke vragen.

Na de Lewinsky-affaire in de VS (1995) is Perel zich gaan afvragen hoe Amerikanen eigenlijk over partnerrelaties en seks denken. Drie keer scheiden vinden de meeste Amerikanen normaal maar ontrouw en overspel zijn taboe. Hoe kan dit? Perel: “Hoe mensen met seksualiteit omgaan geeft een venster op de cultuur.” Het hedonistische (alles kan en mag en we moeten genieten) staat hier tegenover het puriteinse (het mag niet). Het mag niet maar Amerikanen willen wel alle details weten van het overspel…

Bij je partner blijven als je bedrogen bent is de nieuwe schande in de VS. Bedrog is het voornaamste probleem geworden. Amerikanen zouden seksueel intelligenter moeten zijn. In de periode van de Lewinsky affaire is Perel seksuoloog geworden en schreef ze haar eerste boek: Erotische Intelligentie. In het engels: ‘Mating in captivity’.

Lewinsky heeft haar verhaal, haar waarheid getransformeerd. Eerst dacht Lewinsky dat de seks met Clinton gebaseerd was op wederzijdse instemming. Maar later veranderde haar verhaal, haar waarheid, in dat de seks nìet gebaseerd was op wederzijdse instemming. Zij was een jonge stagaire en Clinton was president. Perel: “Hoe komt een jong meisje tot een beslissing in het gezelschap van een president? Dit is Lewinsky zich gaan afvragen. Je ziet welk effect een ander verhaal of een andere waarheid heeft: Een andere blik op de gebeurtenissen verandert de beleving er van.”

#Metoo

Voor Perel is het Lewinsky verhaal geen ‘#metoo’ verhaal. ‘#Metoo’ wil ze met een genuanceerde blik bekijken. Daarom toont ze een fragment met de Franse feministische filosofe en historicus: Elisabeth Badinter.

Badinter, die ook een boek heeft geschreven over het moederschap: ‘De mythe van de moederliefde: geschiedenis van een gevoel’. Badinter, die zegt dat we vroeger vonden dat je iemand niet moest verlinken. Dat deed je niet. En dat lijkt veranderd met ‘#metoo’. Verlinken lijkt prijzenswaardig geworden. Daar heeft Badinter moeite mee. Het moet niet vals worden. Perel merkt op dat zich hier ook de kloof van de generaties toont.

Net als Badinter staat Perel positief tegenover de vrouwen en mannen die eerst in de schaduw stonden en die nu getuigen van de seksuele intimidatie en het misbruik dat hen is overkomen. Getuigen is iets anders dan verlinken.

We moeten een onderscheid maken tussen ‘power over’ en ‘power to’.

Je levendig willen voelen

Het volgende fragment komt uit de 9-urige documentaire van Claude Lanzmann: Shoah. De film bestaat voornamelijk uit interviews met zowel slachtoffers als daders en bezoeken aan plaatsen die van belang waren voor de Holocaust in Polen, waaronder drie vernietigingskampen. Hij geeft getuigenissen van geselecteerde overlevenden, ooggetuigen en Duitse daders, vaak heimelijk gefilmd met een verborgen camera. Perel laat een fragment zien met een kapper die in concentratiekamp Treblinka zat.

Volgens Perel doet deze filmmaker precies wat de kinderen van de concentratiekamp slachtoffers ook hebben moeten doen: vragen stellen. Lanzmann vraagt door, ook als de kapper niet meer verder kan vertellen. Welke vragen stel je? Wat wil je weten als kind? Perel heeft haar moeder ondermeer gevraagd: “Wat maakte dat je wilde blijven leven?” Haar moeder dacht dat er na de verschrikkingen iemand zou zijn die op haar wachtte, dat er iemand was aan wie ze haar belevingen zou moeten vertellen. Ze durfde haar moeder niet te vragen naar de pijn en haar ouders vertelden haar vooral de heroïsche verhalen. Maar ze heeft hieruit goed begrepen dat mensen zich heel graag levendig willen voelen al is het maar voor één minuut. “Sommige mensen komen uit het trauma maar leven niet.” Haar ouders wilden groot en levendig zijn. Ook mensen die in therapie gaan, zoeken naar het levendige.

“Je voelt het geluk als je betekenis hebt”.

We moeten niet zoeken naar geluk maar we moeten zoeken naar betekenis. De choreograaf Ohad Naharin maakte een dans ter gelegenheid van het 50 jarig bestaan van de staat Israël, die betekenis voor hem had. We zien in dit fragment delen van de dans en de protesten er tegen. Perel: “Dit is kunst die een protest is, die tegen de traditie ingaat.” Naharin wilde de dans niet veranderen toen er veel reacties kwamen van mensen die aanstoot namen aan de onderbroeken waarin de dansers gekleed waren. Perel staat achter hem en hecht er aan dat de kunst vernieuwing, transgressie teweeg brengt. Zowel in de kunst als in therapie moeten we kunnen zeggen: “Ik wil een oude orde verlaten, een grens oversteken, ik wil het anders.”

Soms moet je mèt iemand anders zijn om zèlf iemand anders te zijn

Om haar visie over ontrouw is Perel de laatste tijd erg bekend geworden. Ze schrijft er over in haar nieuwe boek: ‘Liefde in verhouding: een nieuw perspectief op trouw en ontrouw’. Haar eerste boek: ‘Erotische intelligentie’ gaat over het verlangen binnen de relatie en dit tweede boek gaat over het verlangen buiten de relatie.

Ontrouw is een taboe maar als Perel aan een publiek van zo’n 900 Italianen vraagt wie er te maken heeft gehad met ontrouw of wie er geboren is uit een buitenechtelijke relatie gaan er bijna 900 vingers de lucht in. We hebben de liefde en de passie binnen de relatie gebracht maar het bestaat zeker ook daar buiten. Misschien kunnen we het taboe aan de kant zetten.

In de ontrouw gaan we volgens Perel op zoek naar een nieuw ‘ik’, naar het levendige in ons en we zoeken het buiten de relatie. We willen iets doen wat we anders niet doen, we willen andere delen van onszelf leren kennen. Soms moet je mèt iemand anders zijn om zèlf iemand anders te zijn.

We weten veel over de bedrogene, het slachtoffer van de ontrouw maar niet over de bedrieger, de dader. Perel houdt zich bezig met de dader. Haar visie op ontrouw leidde begin dit jaar tot een bespreking van haar nieuwe en tweede boek in de NRC met de titel: ‘Je moet bijna wel vreemd gaan’.

“Om moderne ontrouw te begrijpen moet je echt het moderne huwelijk begrijpen. Onze individualistische samenleving veroorzaakt een paradox: de behoefte aan trouw neemt toe, maar de aantrekkingskracht van ontrouw ook.”

Doordat we emotioneel zo sterk afhankelijk zijn van onze partners, hebben buitenechtelijke verhoudingen meer dan ooit een verwoestende lading, stelt ze. “Maar in een cultuur die individuele voldoening eist en ons verleidt met de belofte van meer geluk, worden we meer dan ooit in de verleiding gebracht om af te dwalen.”

Het lijkt wel alsof we in een ‘double bind’ terecht zijn gekomen. Perel bedoelt natuurlijk niet dat we vreemd moeten gaan maar ze plaatst het verschijnsel ontrouw binnen een breder kader: “Overspel als een uitdrukking van de complexiteiten en de dilemma’s van liefde en verlangen in deze tijd”. Dit is denken in systemen.

Liefde in het internet tijdperk

Aan de hand van een fragment uit de film: ‘Newness’ toont Perel hoe jonge mensen romantische consumenten zijn geworden, op zoek naar een ‘soulmate’. We horen de jonge vrouw zeggen dat voor haar alles steeds nieuw moet zijn. We zien hoe we op ‘dating apps’ honderden potentiële partners onder onze vingertoppen hebben. Op zoek naar extase, naar transcendentie, naar vrijheid en nieuwigheid waarbij de ‘fear of missing out’ meespeelt. We zoeken in de relatie naar nieuwigheid maar tegelijk willen we verbinding en veiligheid. We willen in één persoon vinden wat we vroeger in een heel dorp vonden.

In deze film speelt Perel zelf een rol. Alsof ze nog niet beroemd genoeg is!

Ze heeft overigens niet veel op met beroemdheid. Wat ze het belangrijkst vindt is dat ze het in de ogen van haar kinderen als moeder aardig gedaan heeft.


Eerder publiceerde ik een serie van 7 artikelen op dit weblog over Minuchin’s werkwijze. Te beginnen bij: Minuchin’s gezinstherapie I.

Ook publiceerde ik eerder een verslag van een workshop die ik volgde bij Esther Perel: Erotische intelligentie

Meer over samen een nieuw verhaal maken en narratieve therapie op dit blog: Therapie is taal; het is samen een rijker verhaal maken.

Advertenties

1 reactie

Opgeslagen onder Psychotherapie, Systeemtherapie

Ons denken heeft aandacht nodig

Het meest interessante fragment waar VPRO TV zomergast Marleen Stikker mee kwam ging over David Bohm.

Hij was een Amerikaanse natuurkundige die een theorie rondom dialoog ontwikkelde. Het basisprincipe is dat een constructief (groeps)gesprek het doel heeft om tot een gezamenlijk begrip te komen, en niet te vervallen in een strijd om je eigen gedachten bevestigd te horen.

Druk op de link om het fragment te zien: Stikker laat dit zien omdat Bohm je anders laat denken over denken.

Hieronder een deel van een documentaire ‘Art Meets Science and Spirituality in a Changing Economy – From Fragmentation to Wholeness’ met David Bohm. Kunstenaars, wetenschappers, religieuze leiders en economen kwamen bij elkaar in Amsterdam in 1990 om het idee van een holistisch wereldbeeld te onderzoeken en wat de gevolgen daarvan zouden kunnen zijn voor de wereldeconomie.

Bohm beweert in dit fragment onder andere dat het verlangen van de mens om te wedijveren niet zozeer een zwakte is maar een vergissing.

 

 

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Filosofie, Psychologie, Psychologie en klimaat, Systeemtherapie

Ecologie is overal

‘Het gevoel dat er iets in jou zit, dat jij niet bent’. Dit is Freuds definitie van een depressie lees ik in een artikel van de filosoof Tomothy Morton die weet wat het is om depressief te zijn. Hij weet ook hoe het is om boos te zijn. Hij wil zich er mee verbinden.

In de manier waarop hij met zijn depressie en boosheid heeft leren omgaan ziet hij een manier van hoe we kunnen omgaan met het ecosysteem:

‘Wat is erop tegen om boos te zijn?’, vroeg de psychoanalyticus aan me. Zo had ik het nog nooit bekeken. Ik kwam de woede te boven, niet door het weg te werken, maar door het een plek te geven in een veel breder muziekstuk van menselijke emotie. Je valt niet samen met de woede, weet ik nu. Ik kan die woede daardoor toestaan en wie weet komt er nog iets moois uit. Ik denk dat de manier waarop we met depressie omgaan, leerzaam kan zijn voor de manier waarop we onszelf als ecologische wezens gedragen.’

Niet samenvallen met je woede kun je toepassen op je depressie, op je somberheid. Niet er mee samenvallen ofwel je er niet mee identificeren, het ook niet willen wegwerken maar het waarnemen, het bekijken. Het buiten jezelf plaatsen, het boze en sombere kunnen externaliseren.

Moet iedereen naar de eco-psycholoog om zichzelf en het ecosysteem gezond te maken? Het kan simpeler. Het enige dat we hoeven te doen is ons bewust te worden van de verbinding tussen onszelf en het systeem. Morton:

Stel jezelf voor, buiten een disco. Die disco is de biosfeer. Eigenlijk ben je nog steeds binnen, in die disco, maar op de een of manier heb je jezelf verleid te denken dat je buiten staat. De disco gaat door, vierentwintig uur per dag, zo’n disco is het. Onthoud dat je de disco nooit echt verlaten hebt, je hebt alleen het idee dat dat zo is. Je hoeft niets bijzonders te doen om die verbintenis weer te voelen. Die is er nog steeds, anders zou je allang dood zijn geweest. Ecologie is overal.

De Franse filosoof en socioloog Bruno Latour komt tot eenzelfde conclusie:  “We kunnen niets of niemand meer op afstand plaatsen. De dingen niet, de wereld niet, de natuur niet.” Alles en iedereen is met elkaar verbonden.

In het artikel: Hoe onze beschaving mensen ziek maakt, legt Morton uit dat andere wezens een deel van ons zijn en dat wij ons niet af kunnen scheiden van het ecosysteem dat naar de knoppen gaat. Morton geeft in het artikel ook een mooie definitie van het begrip: ‘gaslighting’ een vorm van manipulatie vanuit een narcistische afweer. Op dit weblog een eerder bericht hierover: De waarheid van Trump. Laat je niet ziek(er) maken!

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Filosofie, Psychiatrie, Psychologie en klimaat, Psychotherapie, Systeemtherapie

Maak ruimte voor je verdriet

KIJK EN LUISTER: ROAD TO NOWHERE

Deze video vond ik bij een artikel uit Brainwash: Psychiater Dirk de Wachter: Maak ruimte voor je verdriet.

Hier heb ik niets aan toe te voegen. Bezoekers van mijn blog weten allang dat de Wachter mijn favoriete psychiater is. Hij is net als ik een systeemdenker. Fijn dat hij zegt dat hij een onnozelaar is tussen de onnozelaars, dat hij ook zoekend is. Zo voel ik dat ook.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Psychiatrie, Systeemtherapie

Kernimpasse in partnerrelaties

De kwetsbaarheidscirkel van Michele Scheinkman en Mona Fishbane

Deze cirkel geeft de kernimpasse van een paar weer. Met de woorden van de beroemde relatietherapeut Susan Johnson zou je deze afbeelding kunnen zien als een grafische weergave van een destructieve dans die de relatie heeft overgenomen; een dans waar beide partners onder lijden.

Er zijn zes belangrijke stappen om uit de kernimpasse te komen ofwel om uit de destructieve dans te stappen. Deze stappen zijn bedacht door de Amerikaanse psychotherapeut Michele Scheinkman en de klinisch psycholoog Mona Fishbane.  Ze helpen om te komen van reactiviteit naar intimiteit. Reactieve patronen zijn destructief en staan intimiteit in de weg.

1. Herkenning van de overlevingspositie/strategie: Het moment leren herkennen waarop je je bedreigd gaat voelen in de relatie en je de overlevingspositie inneemt. Nodig is het om bewust te worden van de kwetsbaarheden en behoeften waardoor je die positie in neemt en in de verdediging of de aanval schiet. 

2. Leren te praten òver je overlevingspositie in plaats van automatisch vanuit die positie te reageren en te handelen. Leren praten òver je kwetsbaarheden en leren uiten van behoeften (hechtingsbehoeften) in plaats van defensief of agressief (reactief) te reageren.

3. Empathisch leren zijn voor de kwetsbaarheden, gevoelens en behoeften van de ander. Soms wordt empathisch zijn geblokkeerd door de sekserol. 

Als een vrouw geleerd heeft om zich in anderen in te leven ten koste van zichzelf kan ze bang zijn om zichzelf te verliezen op momenten dat ze zich inleeft in haar partner. Of ze kan zich te sterk inleven, zich teveel identificeren of zich juist terugtrekken om haar grenzen te beschermen. En zo kan ze niet empathisch zijn. 

Mannen hebben vaak als jongen geleerd om actief problemen op te lossen. Ze benaderen dan de pijn of de zorgen van hun partner misschien eerder met adviezen of relativeringen dan met empathie of louter luisteren. Als hun adviezen niet in goede aarde vallen, zoals vaak gebeurt, dan kan een man zich schuldig of boos voelen over het feit dat hij zijn partner niet gelukkig kan maken. En als hij daarover gefrustreerd is, is hij nòg minder in staat om empathie op te brengen.

Het opbreken van de kwetsbaarheidscirkel houdt meestal in dat sekserollen en verwachtingen, die de empathie en de openheid van de partners tegenover elkaar beperken, worden vastgesteld en aangepakt.

4. Onderzoeken wat de overlap is tussen de huidige impasse in de relatie en soortgelijke ervaringen in het verleden. Heeft iemand zich al eens eerder zo gevoeld? Misschien in het gezin van afkomst of in eerdere relaties? Doet het gedrag van je partner denken aan anderen? Aan het gedrag van je vader, moeder, broer of zus? Bij onthullingen over het verleden is het belangrijk dat er respect is voor elkaars kwetsbaarheid.

5. Beseffen dat, al lijkt de huidige situatie op het verleden, de overlevingsstrategie niet past bij de huidige situatie. Inzien dat de overlevingsstrategie of het defensieve/agressieve gedrag het probleem alleen maar in stand houdt. De kernimpasse van het paar gaat met dit inzicht niet langer alleen over de partners zelf. Het is complexer en de impasse wordt een verhaal over verschillende generaties. Het paar krijgt een ruimere visie op basis van een bredere context.

6. Nieuwe technieken leren om te voorkomen dat verhitte momenten tot een impasse leiden. Zoals:

– Bewustwording van het ‘hier en nu’ en met de gewoonlijke reactie enkele minuten te wachten zodat je zelf de baas wordt over je verdediging in plaats van andersom. Dit is een keuzemoment: een tweesprong. Beide partners bedenken zelf een paar concrete alternatieve reacties die zij op momenten van onderlinge spanning kunnen inzetten.

– Het trekken van nieuwe ‘zenuwbanen’: Het paar gaat nieuwe ‘neurologische’ kabels trekken want ze banen nieuwe wegen van reacties en keuzes. De nieuwe reacties doen aanvankelijk aan als kunstmatig, als een techniek maar uiteindelijk zal het nieuwe gedrag geïntegreerd raken in de identiteit van de partners en hun relatie.


Het vermogen van het paar om de oude dans te herkennen en eruit te stappen maakt het mogelijk om snel in te grijpen en beter gefundeerde keuzes te maken die overeenstemmen met een breder relationeel repertoire. Susan Johnson spreekt over het herdefiniëren van de relatie als een bron van veiligheid en troost.

De kwetsbaarheidscirkel kan ook gebruikt worden bij relatieproblemen tussen ouders en hun adolescente kinderen. Volgens Johnson moeten adolescente kinderen soms eerst nog de band met de ouder aangaan voordat ze daadwerkelijk de ouder kunnen los laten en hun eigen weg kunnen gaan.

Scheinkman wijst ook op het belang van een ‘meer lagen’ aanpak in het werken met paren. Er zijn 5 lagen waar de relatietherapeut aandacht voor kan hebben. De lagen van de interactie, die van de cultuur, de organisatie, de laag van het intrapsychische en die van het intergenerationele. Het bewustzijn van deze lagen kan dienen als een soort ‘landkaart’, een houvast voor de therapeut.

Veel voorkomende hechtings-angsten en -behoeften

Behoefte om geaccepteerd te worden, aan nabijheid, om belangrijk gevonden te worden, om je geliefd te voelen, behoefte dat jouw partner jouw goede eigenschappen benoemt en waardeert en de behoefte aan waardering in het algemeen.

Angst om genegeerd te worden, om verlaten te worden, om een mislukkeling te zijn, om niet geaccepteerd of niet gewaardeerd te worden, om je niet geliefd te weten of te voelen en de angst om gecontroleerd te worden.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Systeemtherapie

Leren met reflecterende teams, deel 2

Voor de tweede keer deed ik mee aan een groepssupervisie waarin gewerkt werd met reflecterende teams. Ook deze keer had psychotherapeut Monique Schirris de leiding.

De vorige keer, ongeveer een jaar geleden, leerde ik dat we ons als hulpverleners in de GGZ niet alleen hoeven te voelen. Zelfs niet wanneer je zoals ik een eigen praktijk en niet dagelijks een team om je heen hebt. We dragen het werk met elkaar en we mogen een collega vragen om mee te kijken.

Therapie gaat ook over jouw eigen geschiedenis

Deze keer werd nog duidelijker dat deze vorm van supervisie ons ook uitnodigt om voorbij de casuïstiek te gaan. Wat roept de casus bij ons op? Dat kan soms vrij heftig zijn. Hierover konden we in alle veiligheid ervaringen en ideeën uitwisselen.

Mijn leervraag voor de dag was: wat kan ik gebruiken om in het contact met cliënten nog transparanter te zijn en wat heb ik nodig om nog meer te kunnen verdragen en op te kunnen vangen dan ik nu doe? Want ik merk dat ik af en toe dicht klap. Dan ga ik druk doen, adviseren of het hebben over iets waar het in de kern niet om gaat. Eigenlijk kijk ik weg. Ik wil meer leren over hoe ik op een therapeutische manier gebruik kan maken van wat er bij mij opgeroepen wordt als ik dichtklap.

Het dichtklappen verbergen kan ik zó goed dat ik het soms zelfs niet eens in de gaten heb! Vele uren later besef ik dat ik ergens blokkeerde. Maar waarom blokkeerde ik eigenlijk? Daar kom ik vaak wel achter en dan neem ik me meestal voor om er iets mee te doen in een volgende sessie. Toch zou ik graag leren hoe ik nog beter gebruik maak van wat er bij mij opgeroepen wordt en het liefst in het hier en nu. Leren om nog echter te zijn en nog meer te kunnen verdragen houdt denk ik nooit op.

Wat voor verhaal maak je er van?

Als ‘warming-up’ keken we enkele minuten in stilte naar een schilderij. Ik zag vier vrouwen en een man en een klein roeibootje. Ze zijn dun gekleed. Het lijkt een zwoele zomeravond. De lucht is zwart. Een van de vrouwen staat naast het bootje tot haar middel naakt in het water. Een ander hangt met haar benen over de rand. Ik vraag me af: Voelt die man dat hij de enige man is? Alle vijf lijken alleen te zijn met hun gedachten. Toch zitten en staan ze dicht bij elkaar. Enkelen lijken in de verte te turen naar de oever. Weten ze nog hoe ze thuis moeten komen?

Dit is het begin van een verhaal. Mijn waarnemingen, mijn verhaal.

Na dit stilstaan deelden we onze waarnemingen en verhalen met elkaar. En wat blijkt? We zien allemaal iets anders en maken een eigen verhaal. Ik meende bijvoorbeeld dat het om een vriendengroep ging en mijn buurvrouw dacht dat de vijf mensen op het schilderij broers en zussen waren. Op mij maakten ze een wat verloren indruk en een ander dacht dat ze aan het mijmeren waren. Er waren verschillen in de verhalen maar ook overeenkomsten. Meerderen zagen bijvoorbeeld dat er weinig verbinding leek te zijn tussen deze mensen op het schilderij.

Uit het delen van de verschillende verhalen leidden we af dat je in het luisteren naar het verhaal van de ander, jouw eigen verhaal even parkeert. Niet altijd makkelijk om je eigen verhaal te parkeren. Ik was blij dat ik als eerste mijn verhaal mocht vertellen. We merkten op dat je je kunt verbazen over hoe anders het verhaal van de ander is. We merkten dat we met een bepaalde bril op kijken. Wanneer je denkt dat het broers en zussen zijn, stel je andere vragen dan wanneer je denkt dat het een groep vrienden is. Het ligt er maar aan wat je bezighoudt. Als de hechtingstheorie je bezig houdt gaat je verhaal over autonomie en relatie en vraag je je misschien af wie in het gezelschap zich eenzaam voelt. Als je net een boek aan het lezen bent over een zoektocht zie je in het schilderij vijf zoekende mensen. We merkten ook dat we elkaar leerden kennen door elkaars verhalen.

Door deze ‘warming-up’ leerden we dat het nogal een verschil kan uitmaken welke therapeut de cliënt voor zich krijgt. Wat ziet jouw therapeut, welke bril heeft h/zij op?


Hierna gaan we aan de slag met de reflecterende teams. De supervisor luistert naar de leervraag van een van ons: de supervisant. Een team daaromheen bespreekt met elkaar over wat hen raakt. Een team daar weer buiten bedenkt waar het verhaal hen aan doet denken en komt met een metafoor. Een laatste team komt luisterend naar dit alles met een advies: wat zou de supervisant kunnen doen.

Een stel dat heel veel praat

De supervisant loopt vast in de behandeling van dit paar. Als ze in haar agenda ziet dat ze weer komen ziet ze er tegen op. Ze heeft onzekerheden en twijfels. Gevoelens worden overstemd. Wat haar raakt is het verdrietige verleden van dit paar. Een van hen is gescheiden en de ander heeft een partner verloren na een langdurige ziekte. Ze hebben beide twee kinderen en vormen een samengesteld gezin. De sessies met dit paar voelen zwaar en de behandelaar komt niet over een drempel, ze komt niet door een deur van woorden. Ze hoopt eigenlijk dat ze deze deur op een kier kan krijgen. Als de supervisor haar vraagt om zich een beeld te vormen van het verhaal van dit stel, maakt zij dan ook een deel uit van dit beeld? Staat zij zelf ook op het schilderij? ‘Nee’, zegt ze; ‘ik ben toeschouwer, ik zie mezelf niet op het schilderij staan.’

Het eerste reflecterende team gaat in op de deur van woorden. Als die open gaat komt er ruimte. Het paar blijft naar therapie toekomen. Wat halen deze mensen bij de therapeut? Misschien vind de supervisant het spannend om zelf ook op het schilderij te staan? Wat het team raakt is dat de behandelaar overspoeld lijkt te worden door het verdrietige verhaal van het overlijden van de vorige partner (een moeder van twee kinderen). Moet ze eerlijk zeggen dat zij het moeilijk aan zou kunnen als dit haar zou overkomen? Een zelfonthulling doen? Open zijn over het parallelproces? Geeft het idee om zich zelf op het schilderij te zien staan haar een machteloos gevoel? Dit alles zou men zich in het reflecterende team goed voor kunnen stellen.

Het tweede reflecterende team ziet in het verhaal rond deze leervraag een bootje dat maar wat voort dobbert. Een lied komt op in iemands hoofd: ‘The answer my friend is blowing in the wind’. In plaats van één enkel schilderij te maken van dit verhaal ziet iemand een drieluik voor zich: Een schilderij over het verdrietige verleden, maar ook een van het heden en een van de toekomst. Misschien durft de therapeut wel in het schilderij te springen met een parachute. Een zachte landing. Misschien kan de therapeut minder bevreesd zijn voor een regenbui van tranen. Laat de regen van tranen maar komen.

Het derde adviserende reflecterende team, waar ik zelf in zat, adviseerde om met een zelfonthulling te komen. Misschien zou die kunnen gaan over dat ze er tegenop ziet als zij het paar weer in de agenda ziet staan. Ze zou misschien kunnen onthullen dat ze zich af vraagt of zij hen kan bieden wat zij nodig hebben. Misschien zou ze kunnen zeggen dat ze het gevoel heeft dat er veel verdriet is. Maar dat het daar meestal niet over gaat.

Wat heeft de supervisant/therapeut hier aan gehad? Zij voelt zowel verdriet over de overleden partner als over de scheiding en is er bang voor. Ze wil dit wel inbrengen maar zegt er dan bij: ‘Het verhaal van het verdriet hoeft niet te lang te duren…’ ‘Maar waarom niet?’, vraagt de supervisor. Het is alsof ze het paar meteen gerust willen stellen. Dat het geen twintig sessies over het verdriet hoeft te gaan…

Misschien is het nodig om zelf eerst eens wat langer stil te staan bij de aarzeling om de zelfonthulling te doen. Wat heeft de behandelaar zelf nodig om met het paar bij het gevoel stil te kunnen staan? Zou ze kunnen vragen: ‘Mag ik bij jullie op het schilderij komen staan?’ Is het een idee om de kinderen er bij uit te nodigen? Kunnen ze als gezin een drieluik schilderen over verleden, heden en toekomst? Zo zou de therapeut weer wat meer leiding in handen krijgen en zou er ruimte kunnen komen voor andere verhalen, bijvoorbeeld die van de kinderen. Ook krijgt ze meer stemmen in de kamer als ze een lege stoel zou neer zetten. Zou ze daar de overleden moeder op durven zetten? Wat zou die zeggen?

We komen tot de conclusie dat het werken aan de casus op deze manier met de reflecterende teams helpt bij het vertragen en bij het onderscheiden van de lagen van het voelen, reflecteren en handelen.

Ik neem er vooral van mee dat we als therapeuten ruimte mogen maken voor de aarzeling om een zelfonthulling te doen. Mijn dichtklappen leidde al tot reflectie over het waarom: wat raakte mij? En nu voeg ik daaraan toe de aarzeling over een mogelijke zelfonthulling? Door de aarzeling serieus te nemen kan ik op zoek gaan naar de juiste woorden om de zelfonthulling te doen. Of niet te doen. In het reflecteren over de aarzeling kan ik tot een weloverwogen plan komen. Mogelijk vraag ik om mandaat om het over de meer pijnlijke kanten van de hulpvraag te hebben.

Dat we voorzichtig zijn en aarzelen met het doen van zelfonthullingen is begrijpelijk. Wij therapeuten nodigen cliënten uit om te voelen maar durven we het zelf? We hebben tijd nodig. Vertragen en verdragen is de kunst.

Mag je het voelen van een heftig verlies moeilijk vinden? Ja! Waar het om gaat is: Hoe ga je er mee om? Kun je er samen bij stil staan?

Dit alles herinnert aan het filmpje van Brené Brown waarin ze het heeft over empathie en het onderscheid maakt met sympathie. Ruimte creëren voor empathie is een kunst.

Zelfonthulling is altijd ten dienste van de therapie en als therapeut blijf je verantwoordelijk en in de leidende positie. Als je niet weet hoe en wat te onthullen dan praat je maar even mee of stuur je het gesprek in een andere richting. Je kunt er altijd later op terugkomen.


Het reddeloze gezin

Deze supervisant valt in herhaling met dit gezin. Steeds helpt zij hen op de kant tot ze opnieuw in een wak stappen. Ze blijft maar adviseren en deelt haar innerlijke dialoog niet met deze mensen. De drie kinderen hebben veel ruzie met elkaar en ze luisteren niet naar de ouders. De meeste zorgen heeft de therapeut over de moeder maar ook over het middelste kind dat dyslexie heeft. Haar innerlijke dialoog gaat ongeveer zo: ‘Zien jullie dan niet dat er met jullie gespeeld wordt en dat ik jullie steeds weer de kant op trek’. Ze voelt zich boos worden op de ouders en ze voelt machteloosheid over dat de ouders het middelste kind de schuld blijven geven.

Het eerste reflecterende team wordt geraakt door het willen redden en de gevoelens van machteloosheid. De therapeut denkt: ‘Zien jullie mij niet?’. Misschien is dat het thema van deze casus: Je wel/niet gezien voelen. Deze therapeut voelt zich niet gezien. Dat is wat hen raakt.

Het tweede reflecterende team komt met de metafoor van een winderige dag waarop een sjaal voor moeders ogen geblazen wordt, wat haar verblindt.

Het derde team komt met het advies om op een dieper niveau naast moeder te gaan staan en het gezien worden of niet gezien worden te bespreken. Ook wordt geadviseerd om naar de unieke uitzondering te vragen. Op welke momenten weet dit gezin zichzelf wel te redden uit een wak?

Wat neemt de supervisant hier van mee? Het verblindt zijn van de moeder en de therapeut wil inderdaad dieper ingaan met de ouders over wat/wie niet gezien wordt. Waar raakt de moeder precies door van de kook? Door wie is zij zelf niet gezien?

Pot met pieren*

Wat we vandaag leerden is om aandacht te hebben voor verschillende waarnemingen en te belichten wat je eerder niet zag. Meerstemmigheid helpt daar bij. Er komt ruimte voor nieuwe perspectieven, voor nieuwe beelden die veel bij kunnen dragen. Het horen van wat een verhaal bij een ander losmaakt, maakt onze eigen gedachten losser.

In plaats van in een pot met pieren te blijven staren en steeds meer pieren te zien gaan we op zoek naar meerstemmigheid, nieuwe vragen en ‘unieke uitkomsten’ (wanneer gaat het anders?). Ook mijn dichtklappen kan via reflectie leiden tot nieuwe vragen en op deze manier heel waardevol blijken.

We leerden om ons af te vragen wat we zelf van onze eigen thema’s in kunnen brengen. We leerden hoe we van een dominant thema kunnen en durven afstappen.

We leerden dat het waardevol is om te aarzelen over een zelfonthulling. We leerden over het tempo in de therapie. We leerden om stil te staan bij hoe we in een gesprek zitten. Een thema zoals ‘je gezien of gehoord voelen’ inbrengen werkt vertragend en het uit elkaar halen van de verschillende lagen van reflectie werkt ook zo.

Ik hoorde iemand zeggen: ‘Waar de breuk is, is ook de bron’. Een hoopgevende one-liner die mij deed denken aan een regel van de Perzische dichter Rumi: ‘In alles zit een barst, zo valt het licht naar binnen.’ Misschien sloegen we vandaag een barst in de pot met pieren. Dan kunnen die alvast terug de aarde in.


* ‘A can of worms’. Uit de Collins Idioms Dictionary:

A can of worms is a situation or subject that is very complicated, difficult or unpleasant to deal with or discuss. ‘Now we have uncovered a can of worms in which there has not only been shameful abuse of power, but a failure of moral authority of the worst kind.’
You can also use the expression ‘to open a can of worms’, meaning to start dealing with or discussing something so complicated, difficult or unpleasant that it would be better not to deal with or discuss it at all. Whenever a company connects its network to the Internet, it opens a can of worms in security terms. Many people worry that by uncovering the cause of their unhappiness they might be opening a can of worms that they can’t then deal with.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Psychotherapie, Systeemtherapie

Relatietherapie in de Correspondent

Enkele jaren geleden bezocht ik een workshop van de Belgisch-Amerikaanse relatietherapeut Esther Perel en schreef er over in dit bericht: Erotische intelligentie. Nu een artikel over Perel’s therapieën in De Correspondent van Nina Polak met illustraties van Kent Rogowski onder de titel: Niets is slechter voor je relatie dan dat je elkaar kent.

Perel houdt een pleidooi voor de systeemtherapie: de therapie waarin problemen niet verklaard worden vanuit het individu maar vanuit het systeem van interactiepatronen waarin het individu leeft en is opgegroeid. Een mooie regel uit het interview dat Polak heeft met Perel: “Wie met een erectiestoornis aankomt, loopt zo de kans dat het binnen afzienbare tijd over zijn moeder gaat.” Nina Polak:

Het moderne idee van een goede relatie is dat je partner je anker, je beste vriend én je vurige geliefde is. Maar je moet juist niet alles van elkaar weten, vindt de wereldberoemde relatietherapeut Esther Perel. Hij of zij moet je nog kunnen verrassen, desnoods door vreemd te gaan.

‘Speak to me in French…’

Helemaal aan het einde van een aflevering van de relatietherapiepodcast Where Should We Begin horen we het een vrouw fluisteren tegen haar man, Scott. Het is het teken waarop de geremde Scott zijn zwoele en onverschrokken Franse alterego Jean Claude mag laten verschijnen.

Jean Claude hoeft maar een paar Franse woorden uit te spreken of zijn vrouw (haar naam wordt niet genoemd) begint opgewonden te giechelen. In het dagelijks leven moet ze niets hebben van de onzekere avances van Scott, maar zodra hij in Jean Claude verandert…

Het stel zit op de bank bij de Belgisch-Amerikaanse relatietherapeut Esther Perel. Ze zijn gelukkig met elkaar, er is liefde te over, maar seks hebben ze zelden. ‘Het is alsof ik mijn broer kus,’ zo vat Scotts vrouw de problematiek samen.

Perel (1958), met haar decennialange ervaring als relatietherapeut, voelt onmiddellijk aan dat er iets moet worden doorbroken in deze dynamiek. Ze nodigt de vrouw uit om haar ogen gesloten te houden gedurende de sessie en ze moedigde Scott aan om Frans te praten – comme Jean Claude.

Als het verlangen verdwenen is

Het is de bedoeling dat de vrouw haar man op een nieuwe manier ziet, legt Perel de luisteraar uit. We hebben de neiging te blijven hangen in de rollen die we spelen, in de manier waarop we onszelf en elkaar zien. Een stel dat al zo lang bij elkaar is, kan elkaars teksten dromen. Rollenspel kan helpen om uit dat nauwe perspectief te stappen.

Perel ziet veel stellen zoals Scott en zijn vrouw, mensen in langdurige relaties die van elkaar houden, maar niet (meer) naar elkaar verlangen. Het is haar expertise om dat verlangen nieuw leven in te blazen.

Daarbij draait het niet om speeltjes, lingerie en ingeplande dates. Goede seks is ook geen kwestie van vaker. Seks is überhaupt een te nauwe definitie als het gaat om een bevredigend liefdesleven, schrijft Perel in haar eerste boek, Mating in Captivity: Unlocking Erotic Intelligence.

Seks is een te nauwe definitie als het gaat om een bevredigend liefdesleven, schrijft Perel. Veel meer draait het om wat ze ‘erotische intelligentie’ noemt – het vermogen om seksualiteit te cultiveren in onze verbeelding – die alles te maken heeft met de wezenlijk menselijke behoefte aan autonomie en avontuur, vernieuwing en speelsheid.

Behoeftes die onlosmakelijk verbonden zijn met onze bredere ontwikkeling als mens en die in moderne relaties vaak op gespannen voet staan met die andere wezenlijke verlangens: verbondenheid, veiligheid, huiselijkheid.

Die tegenstelling tussen huiselijkheid en erotische energie staat centraal in al het werk van Esther Perel.

In haar nieuwe boek The State of Affairs: Rethinking Infidelity neemt ze het controversiële standpunt in dat vreemdgaan niet altijd een kwestie is van zwakte en verraad. Het hoeft ook niet altijd het einde van een relatie te betekenen. Integendeel, een affaire kan een uitgebluste relatie een nieuwe impuls geven.

Liefde is rommelig

Perels TED-talk The Secret to Desire in Long-term Relationships, is 11 miljoen keer bekeken, haar boeken zijn internationale bestsellers en haar podcast wordt in 180 landen beluisterd. Ze spreekt negen talen en werkt over de hele wereld met stellen uit verschillende culturen. ‘Een culturele hybride’ noemt ze zichzelf.

Engels spreekt ze met een Frans accent, dat onmiskenbaar deel uitmaakt van haar allure. Als ze halverwege de sessie met Scott en zijn vrouw Non, Je Ne Regrette Rien van Edith Piaf begint te zingen, is het ijs definitief gesmolten.

Tegen mij spreekt ze Nederlands, met een even onweerstaanbare Vlaamse tongval – moeiteloos, niet bang om fouten te maken. Ze zit tegenover me in de lobby van het Ambassade Hotel, klein, gewikkeld in een grote sjaal, die ze halverwege het gesprek zal hebben afgegooid om op het puntje van haar stoel te gaan zitten, wijdbeens, geestdriftig gebarend en met twinkelende ogen.

Ze houdt van concrete antwoorden, zegt ze. Tegelijkertijd wantrouwt ze de Amerikaanse hang naar simplificatie, efficiënte oplossingen en snelle oordelen – liefde is rommelig. Hoor je haar aan het werk (in haar podcast, bijvoorbeeld), dan zoekt ze zo snel mogelijk de nuance op.

Wat je gezin met je seksleven te maken heeft

Wie met een erectiestoornis aankomt, loopt zo de kans dat het binnen afzienbare tijd over zijn moeder gaat. De eerste plaats waar je over liefde en relaties leert, is immers je oorspronkelijke gezin.

Perels eigen ouders hebben haar visie onmiskenbaar gevormd, schrijft ze in Mating in Captivity. Ze groeide op in Antwerpen in een Joods gezin. Haar ouders overleefden de concentratiekampen en hielden daar een enorme levenslust en een ijzeren wil aan over om van elke dag het beste te maken. Ze cultiveerden vreugde.

Perel voelde aan dat ze een diep begrip hadden van erotiek in de breedste zin van het woord, zoals ze die in haar boek gebruikt: levenslust, een weg naar vrijheid.

‘Als je een partner kiest, kies je een verhaal. Een nieuw verhaal geeft hoop en een gevoel van nieuwe mogelijkheden. ’Uit wat voor familie je komt is cruciaal voor de verhalen die je jezelf vertelt, denkt Perel. Zoals Scott, die, zo blijkt tijdens de sessie, zichzelf als kind van een claimende moeder een leven lang heeft verteld dat hij geen seksueel persoon is.

Om zulke ingesleten verhalen draait het in Perels therapie – herkennen wat ze zijn en proberen ze te veranderen. ‘We leven in verhalen,’ zegt ze, ‘verhalen bepalen in hoge mate onze ervaring. Als je een partner kiest, kies je een verhaal. Een nieuw verhaal geeft hoop en een gevoel van nieuwe mogelijkheden.’

Zijn er verhalen die ze steeds ziet terugkeren? ‘Ik zal altijd verlaten worden,’ somt ze op, ‘men gaat nooit van me houden, ik ben niet waardevol… de meeste verhalen hebben te maken met zelfwaardering, onze behoefte om te hechten en onze angst om verlaten te worden.’

Hoe een ideaalbeeld in de weg kan zitten

Maar het zijn niet alleen onze ouders aan wie we verhalen overhouden. Wat de maatschappij en de cultuur voorschrijven speelt ook een rol. ‘Als het over relaties gaat,’ zegt Perel, ‘is een veelgehoord verhaal dat iemand zich eenzaam voelt in een relatie, terwijl het moderne ideaalbeeld van een relatie is dat je je nooit eenzaam zal voelen.’

‘Ook rond seks bestaan allerlei actuele verhalen. Vroeger had je seks om acht kinderen te krijgen, inmiddels draait het om genieten en je verbonden voelen en dat moet dus ook zo zijn. ‘Ik hou van je, maar ik verlang niet meer naar je’ behoort nu dan ook tot de meest gehoorde probleemverhalen.’

Beloftes, verwachtingen. De moderne ‘ideologie van liefde’, schrijft voor dat een partner tegelijkertijd je anker, je beste vriend én je vurige geliefde moet zijn. Dat is een enorme last voor één persoon, vindt Perel – bovendien zijn het vaak tegenstrijdige verlangens.

We hebben tegenwoordig haast religieuze verwachtingen van de liefde; teleurstelling is bijna onvermijdelijk.

‘Ik hou van je, maar ik verlang niet meer naar je’ behoort nu dan ook tot de meest gehoorde probleemverhalen. ’‘Vorig jaar heb ik een aantal huwelijken bezocht om de geloften te registreren,’ zegt Perel. ‘Het is ongelooflijk wat mensen elkaar beloven!’

‘Ik beloof je trouw, respect en zelfontplooiing,’ citeert ze in haar boek een bruid. ‘Ik zal niet alleen je successen vieren, maar zal des te meer van je houden vanwege je mislukkingen.’

‘Wat een opgave,’ verzucht de therapeut, ‘hoe meer ze opsommen, hoe meer ik me afvraag of die lijst hun huwelijksreis zal overleven.’ Ze is dan ook begonnen met het coachen van jonge stellen in het opstellen van hun huwelijksgeloften.

‘Begin gewoon maar eens met zeggen: ik ga je heel vaak teleurstellen, en soms ga ik daar zelfs verantwoordelijkheid voor nemen.’

Kun je verlangen naar wat je al kent?

De veeleisende, hedendaagse mens wil in één relatie dus zowel veiligheid en intimiteit als spanning en avontuur, zowel een partner die braaf de afwas doet, als een hete Jean Claude.

Perels analyse van die tegenstrijdigheid laat zich behalve als zelfhulp ook goed lezen als culturele geschiedenis en cultuurkritiek.

Ze citeert even soepel de Franse filosoof Michel Foucault als Marge Simpson – ‘passie is voor buitenlanders en tieners’ – en ze schetst een breed, erudiet kader om onze huidige, westerse omgang met de liefde historisch in te plaatsen.

Zo wijst ze erop dat intimiteit, zoals we dat vandaag kennen – praten, praten, praten – pas een vereiste werd toen het schaarser begon te worden door maatschappelijke verschuivingen. ‘Intimiteit,’ schrijft Perel, ‘is het tegengif bij uitstek geworden voor levens die steeds geïsoleerder zijn.’

We streven er in relaties naar om emotioneel zo dicht mogelijk bij onze geliefden te zijn, ze door en door te kennen en de afstand die er bestaat te overbruggen.

Perel gelooft erin dat veel koppels, in die zucht naar intimiteit en zekerheid, liefde verwarren met samensmelten. Dat is een slecht voorteken voor je seksleven.

Wat als je de ander te goed kent?

Zo spreken Scott en zijn vrouw vloeiend het typisch Amerikaanse therapiejargon, waarin ze elkaar haarfijn kunnen uitleggen wat ze voelen en wat hun trauma’s zijn, maar in die diepe nabijheid schuilt geen erotiek.

Pas als zijn vrouw ontdekt dat Scott ook nog een andere, onbekende kant heeft – in de vorm van een potige, mysterieuze Fransman – is haar interesse gewekt.

‘Om je hartstocht voor een ander te behouden,’ schrijft Perel, ‘moet er wel nog iets te overbruggen zijn. Erotiek vereist twee partijen. Het bloeit in de ruimte tussen jezelf en de ander. Om echt met iemand samen te kunnen zijn, moet je die ruimte en de bijbehorende onzekerheid kunnen tolereren.’

‘Een van de problemen van een langdurige relatie,’ legt Perel mij uit, ‘is dat je het idee kunt krijgen dat je alles van de ander al weet. En heel dikwijls is ontrouw de eerste keer dat je je realiseert dat je je partner toch niet zo goed kent als je dacht.’

Wat overspel voor je relatie kan doen

Dat overspel kan vernietigend zijn en zeer traumatisch, maar Perels nieuwe boek The State of Affairs moet aantonen dat het ook mogelijkheden biedt – zonder het overigens goed te keuren.

‘Ik heb gemerkt,’ zei ze eerder al in een TED-talk over ontrouw, ‘dat veel koppels na een affaire een nieuwe orde vinden en gesprekken hebben met een diepgang en een openheid die ze al jaren niet meer kenden. Partners die hun lust verloren hadden, merkten ineens dat ze weer begonnen te verlangen naar hun geliefde.’

Vooral de realisatie die uit een affaire kan voortkomen dat er altijd een deel van je partner zal zijn dat een mysterie voor je blijft, is waardevol – niet in de minste plaats voor je seksleven.

Wars van dogmatisme

Mysterie, ‘de actieve omgang met het onbekende’ is dus belangrijk. ‘Wat me het meest motiveert,’ antwoordt Perel wanneer ik haar vraag of ze iets wil veranderen aan de wereld, ‘is het bestrijden van rigiditeit, van gevestigde ideeën en vooroordelen. Boven alles ben ik anti-dogmatisch, ik loop rood aan als mensen beweren dat zij de enige waarheid kennen.’

Neem #MeToo: in de VS wil iedereen van haar weten wat haar standpunt is. Het vermoeit haar dat je, voordat je er überhaupt iets over mag zeggen, éérst een volledige disclaimer moet geven met waar je allemaal voor en tegen bent. ‘Ik ben meer geïnteresseerd in wat we kunnen doen aan de status quo die #MeToo heeft blootgelegd,’ zegt ze.

Wat kunnen we eraan doen? ‘Een nieuw gesprek tussen mannen en vrouwen, dat wil ik faciliteren. Momenteel organiseer ik workshops waarbij mannen aan het woord komen.’

‘Vrouwen zijn er ook, maar die luisteren. Waarover denk je dat die mannen spreken? Niet over hun macht, maar over hun onzekerheid. Dat is het gesprek wat nodig is: de vraag waarom de man zijn onzekerheid probeert op te lossen door op ongepaste manieren zijn macht te laten gelden.’

Haar werk is feministisch, zeker, maar ze is er niet expliciet over. Perel: ’Ik ben een van de weinige relatietherapeuten die ook door veel mannen gelezen en beluisterd worden. Omdat ik niet oordeel, waarschijnlijk, compassie heb voor hun situatie en bovendien niet denk dat het leven van vrouwen in het Westen per se altijd slechter is dan dat van mannen.’

Waarom geen school voor relaties?

Dat betekent niet dat mannen in Perels praktijk niet aangepakt worden met de haar typerende combinatie van scherpzinnigheid, humor en tough love. ‘Ik vraag het aan bijna alle mannen: tell me something, wanneer is de laatste keer dat je iets leerde over hoe je een goede minnaar kunt zijn? Was het iets anders dan porno?’

‘En vertel me, als je een huis koopt, een nieuwe auto, een aandelenpakket, doe je dan niet eerst uitgebreid onderzoek? Hoe denk je dat je zo zonder onderzoek een relatie kunt overleven? En dan zeg ik: ik zie je over twee weken en dan wil ik dat je minstens drie dingen hebt geleerd over hoe je in een relatie wil zijn.’

Perel: ‘We leren onszelf alles, maar het is nooit bij iemand opgekomen om een school voor relaties te beginnen. Dat heeft er onder meer mee te maken dat relaties eeuwenlang gedefinieerd werden door plicht en regels. Je deed wat je moest doen en niemand vroeg of je dat graag deed.’

Daartoe in verhouding kenmerkt onze tijd zich door grote verwarring. ‘We hebben zo veel vrijheid, keuzes en onzekerheid dat we ons voortdurend moeten afvragen: wat geloof ik, wat wil ik, wat moet ik doen, wat is belangrijk, wie ben ik? Als je geen regels hebt en relaties zo instabiel zijn, heb je alleen gesprekken. Mijn rol is om mensen die gesprekken te helpen voeren.’

Perel heeft naast haar therapiepraktijk, haar boeken en haar podcast sinds kort ook een trainingsplatform voor relatietherapeuten, Sessions. ‘Maar denk niet dat ik daar de “methode Perel” onderwijs,’ zegt ze, haar antidogmatisme nogmaals benadrukkend. ‘Ik pretendeer niet dat ik de enige juiste manier heb.’

‘Sessions is meer een gecureerde salon waar mensen met elkaar in discussie kunnen. Elke maand interview ik iemand van wie ik veel geleerd heb. Dat zijn mensen die verschillende scholen binnen de psychologie aanhangen. Als ik dus al een model hanteer, dan is het een nieuw model: inclusief, multicultureel en multidisciplinair.’

Meer kunst dan harde wetenschap

Kritiek op haar werk komt dan ook vooral van minder vrijzinnige collega’s die wel degelijk één school aanhangen. Vooral in de hoek van de behoorlijk dominante hechtingstheorie heeft ze in het verleden veel weerstand opgeroepen.

Beroemde relatietherapeuten uit die traditie, zoals de Amerikaanse Sue Johnson, bestrijden bijvoorbeeld Perels claim dat ook mensen in gezonde, hechte relaties soms vreemdgaan.

Daarmee is niet gezegd dat de hechtingstheorie geen rol speelt in het werk van Perel. Ze gebruikt wat ze bruikbaar vindt. Maar het probleem, zegt ze, is dat de hechtingstheorie, die gaat over veiligheid en geborgenheid, tekortschiet op het gebied van seks. ‘Ik werk dikwijls met mensen die perfect gehecht zijn, en toch geen seks hebben.’

Andere critici, vooral uit de hoek van de even alomtegenwoordige neurowetenschappen, menen dat er bar weinig klinisch bewijs bestaat voor wat Perel beweert. De therapeut antwoordt daarop laconiek dat er momenteel verschillende mensen promoveren op haar werk. Maar het lijkt haar er vooral niet zo veel toe te doen.

Wanneer ik Perel dan ook vraag hoe ze bijvoorbeeld zo snel besluit dat ze iemand als Scott simpelweg Frans moet laten praten, zegt ze: ‘meisje, het is gewoon intuïtie, gevoel, ervaring. Wat ik doe lijkt meer op pottenbakken dan op harde wetenschap. Het is een ambacht, een kunst.’

2 reacties

Opgeslagen onder Systeemtherapie

%d bloggers liken dit: