Categorie archief: Psychologie en klimaat

Ecologie is overal

‘Het gevoel dat er iets in jou zit, dat jij niet bent’. Dit is Freuds definitie van een depressie lees ik in een artikel van de filosoof Tomothy Morton die weet wat het is om depressief te zijn. Hij weet ook hoe het is om boos te zijn. Hij wil zich er mee verbinden.

In de manier waarop hij met zijn depressie en boosheid heeft leren omgaan ziet hij een manier van hoe we kunnen omgaan met het ecosysteem:

‘Wat is erop tegen om boos te zijn?’, vroeg de psychoanalyticus aan me. Zo had ik het nog nooit bekeken. Ik kwam de woede te boven, niet door het weg te werken, maar door het een plek te geven in een veel breder muziekstuk van menselijke emotie. Je valt niet samen met de woede, weet ik nu. Ik kan die woede daardoor toestaan en wie weet komt er nog iets moois uit. Ik denk dat de manier waarop we met depressie omgaan, leerzaam kan zijn voor de manier waarop we onszelf als ecologische wezens gedragen.’

Niet samenvallen met je woede kun je toepassen op je depressie, op je somberheid. Niet er mee samenvallen ofwel je er niet mee identificeren, het ook niet willen wegwerken maar het waarnemen, het bekijken. Het buiten jezelf plaatsen, het boze en sombere kunnen externaliseren.

Moet iedereen naar de eco-psycholoog om zichzelf en het ecosysteem gezond te maken? Het kan simpeler. Het enige dat we hoeven te doen is ons bewust te worden van de verbinding tussen onszelf en het systeem. Morton:

Stel jezelf voor, buiten een disco. Die disco is de biosfeer. Eigenlijk ben je nog steeds binnen, in die disco, maar op de een of manier heb je jezelf verleid te denken dat je buiten staat. De disco gaat door, vierentwintig uur per dag, zo’n disco is het. Onthoud dat je de disco nooit echt verlaten hebt, je hebt alleen het idee dat dat zo is. Je hoeft niets bijzonders te doen om die verbintenis weer te voelen. Die is er nog steeds, anders zou je allang dood zijn geweest. Ecologie is overal.

De Franse filosoof en socioloog Bruno Latour komt tot eenzelfde conclusie:  “We kunnen niets of niemand meer op afstand plaatsen. De dingen niet, de wereld niet, de natuur niet.” Alles en iedereen is met elkaar verbonden.

In het artikel: Hoe onze beschaving mensen ziek maakt, legt Morton uit dat andere wezens een deel van ons zijn en dat wij ons niet af kunnen scheiden van het ecosysteem dat naar de knoppen gaat. Morton geeft in het artikel ook een mooie definitie van het begrip: ‘gaslighting’ een vorm van manipulatie vanuit een narcistische afweer. Op dit weblog een eerder bericht hierover: De waarheid van Trump. Laat je niet ziek(er) maken!

Advertenties

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Filosofie, Psychiatrie, Psychologie en klimaat, Psychotherapie, Systeemtherapie

Wat de psychologie kan bijdragen aan het tegengaan van de klimaatopwarming

De gevolgen van de opwarming zijn enorm en volgens veel deskundigen niet meer terug te draaien. Integendeel, de gevolgen zoals hittegolven, overstromingen, afname van landbouw en van biodiversiteit, enz. zullen steeds erger worden. Omdat dit alles zijn oorsprong vindt in menselijk gedrag is het niet vreemd om je af te vragen of de psychologie oplossingen heeft.

Een recent artikel van een interdisciplinaire groep professoren uit Nederland, Duitsland en de VS komt met enkele antwoorden.

Klimaatopwarming is volgens de geleerden een sociaal probleem, een conflict tussen het eigen belang op de korte termijn en het collectieve belang op de lange termijn. Professor psychologie Paul van Lange, van de Vrije Universiteit: “In het bestrijden van klimaatopwarming is een perspectief op lange termijn voor een brede groep essentieel waarbij de overtuiging dat de opwarming ècht is, versterkt moet worden.”

Overheden moeten vooral concrete informatie verstrekken, informatie op maat die relevant is voor lokale autoriteiten. Professor marketing en internationale bedrijfskunde Jeff Joireman, van de Washington State University: “Overstromingen zijn concrete problemen voor mensen in laaggelegen landen, terwijl hittegolven meer een probleem zijn voor mensen in warme landen.”

Maar hoe breng je het perspectief van de lange termijn aan de man?

Je kunt benadrukken dat het onze eigen kinderen zijn die de problemen het hoofd moeten bieden. De Duitse emeritus professor evolutie-biologie, Manfred Milinski van het Max Planck Instituut benadrukt het belang van het wijzen op familieverbanden: “Kinderen moeten betrokken worden bij campagnes die het bewustzijn van de betekenis van klimaatopwarming voor de toekomst vergroten. Kinderen zijn kwetsbaar en dit besef brengt de behoefte van volwassenen om te zorgen en te beschermen, in beweging.

Van Lange voegt hier aan toe: “Het is verstandig om relatief minder geïnteresseerde mensen bij de discussie over de opwarming uit te nodigen en om advies en expertise te vragen – speciaal wanneer het gaat om infrastructuur en stadsplanning – omdat gebleken is dat minder geïnteresseerde (emotioneel betrokken) mensen juist meer geneigd zijn om op de lange termijn te denken.”

Een laatste aanbeveling gaat over onze politieke leiders. De verdragen die zij sluiten hebben over het algemeen weinig succes. Hoe komt dat? Van Lange en Milinski: “Politieke leiders hebben een wantrouwende en competitieve manier van denken. Ze staan tegenover elkaar en worden gesteund door hun kiezers. De competitieve manier van denken moet anders gericht worden: politieke leiders moeten gaan wedijveren om de beste reputatie op het gebied van zorg voor de aarde in plaats van dat ze wedijveren om wie de meeste kiezers krijgt. Het instellen van een prijs voor de meest duurzame stad zou bijvoorbeeld burgemeesters kunnen helpen bij een beleid van meer openbaar vervoer en minder auto’s.

Dit alles was te lezen in: Science Daily. ‘Current Directions in Psychological Science, 2018’

Lees hier over ’s werelds groenste gemeente.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Psychologie en klimaat

Verslaafd

Leuke cartoon van Anabella Meijer – kanai.nl

 

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Persoonlijk en politiek, Psychologie en klimaat

Opwarming van de aarde is een systemisch probleem

Milieujournalist Richard Heinberg is op de systeemtheoretische toer net als ik zelf als therapeut. Hij wordt geciteerd in de laatste nieuwsbrief van Jelmer Mommers*, dè milieuman van De Correspondent en beide journalisten bevinden zich in goed gezelschap. Een klein stukje uit Mommers nieuwsbrief:

‘We must restrain ourselves,’ schrijft Heinberg, ‘like an alcoholic foreswearing booze. That requires honesty and soul-searching.’ Op De Correspondent hebben denkers als Naomi Klein en paus Franciscus dat eerder ook bepleit.

Zoals u weet gaat het bij ‘soul-searching’ om een diepe en noodzakelijke beschouwing van onze emoties, motieven en de juistheid van ons handelen. Wij zullen volgens Heinberg net zoals de alcoholist moeten gaan matigen willen we prettig kunnen blijven leven op deze planeet.

Heinberg heeft een manifest geschreven: ‘There is no app for that’. Hij is Senior Fellow van het Post Carbon Institute en wordt in het algemeen beschouwd als een van de voornaamste bepleiters van de noodzaak om af te stappen van fossiele brandstoffen.

Ook Mommers vraagt zich af hoe wij opnieuw kunnen leven binnen de draagkracht van de aarde. Een deel van het antwoord is voor hem onvermijdelijk nl. dat de rijkste consumenten hun impact moeten verkleinen. Maar ook de gemiddelde Nederlander vervuilt en verbruikt alsof er 3,6 aardes zijn, stelt Babette Porcelijn in haar boek: De verborgen impact.

Het probleem is dat we het grootste deel van de impact die we veroorzaken niet zien. En bij het leren waarnemen en het matigen is de ‘soul-searching’ dus nodig.

Ik besloot om eens diep in het artikel van Heinberg te duiken en vooral ook om het filmpje te bekijken dat bij het artikel en het manifest hoort. In 2 minuten krijg je een uitleg over welke rol de technologie heeft gespeeld en in de toekomst nog spelen kan bij het oplossen van problemen. Mooi gemaakt en indrukwekkend!

Wat wij niet zien is dat we voorbij gaan aan onszelf

De kern van het ecologische probleem zit ‘m volgens Heinberg niet in de opwarming van de aarde zelf. Het probleem zit ‘m in de ‘overshoot’, ‘het voorbij gaan aan’, ‘het voorbijstreven van’ waar wij als mensen mee bezig zijn, waarbij de opwarming van de aarde een symptoom is.

Het voorbij gaan aan onze diepere trauma’s, onze werkelijke behoeften en gevoelens is ook in psychologisch opzicht natuurlijk een van de grootste oorzaken van allerlei problemen, denk aan stress, depressie, angst, ‘burn out’, enz. Andere oorzaken van psychische symptomen zitten volgens systeemdenkers o.a. in de manier waarop we met elkaar omgaan. Ook daar staan we vaak niet bij stil en streven we aan voorbij.

‘Overshoot’, het voorbijstreven, is volgens Heinberg een systemisch probleem en dat zit zo: De laatste anderhalve eeuw hebben de enorme hoeveelheden goedkope energie uit de fossiele industrie, de groei, de productie en de consumptie mogelijk gemaakt wat leidde tot overbevolking, vervuiling, verlies van de natuurlijke leefomgeving en verlies van biodiversiteit. Het systeem van de mensheid breidde zich enorm uit en ging ondertussen voorbij aan de lange termijn vermogens van onze aarde. We hebben de ecologische systemen waar we afhankelijk van zijn, van streek gemaakt.

Zolang we deze systemische onbalans niet echt begrijpen en aanpakken zullen symptomatische oplossingen zoals het tegengaan van vervuiling, het redden van bedreigde diersoorten en het voeden van een groeiende bevolking met genetisch gemodificeerde gewassen, niet meer zijn dan een reeks eindeloze pleisters op de wonden die te weinig effect hebben.

De milieubeweging van de jaren ’70 van de vorige eeuw profiteerde nog van het denken in systemen. Deze manier van denken was toen in de mode en de wetenschap die de wisselwerking tussen organismen en hun omgeving bestudeerde, de ecologie, was op zichzelf een systemische wetenschap. Alle vooraanstaande ecologen zagen het milieu, de maatschappij en de mensheid als ten diepste met elkaar verbonden.

Maar naarmate de opwarming van de aarde als onderwerp is gaan domineren, lijken de systemische verbanden te zijn vervaagd. Opwarming en ecologische problemen zoals overbevolking, vervuiling, uitsterven van soorten, verlies van gezonde bouwgrond en schoon drinkwater worden nu veel meer als los van elkaar bekeken. Waarom is dit?

Zijn klimaatwetenschappers gaan denken dat het denken in systemen te moeilijk is voor beleidsmakers? Denken ze dat ze het niet kunnen maken om te zeggen dat ons hele economische systeem moet veranderen? Is het misschien gemakkelijker om te zeggen dat er een probleem is met vervuiling en dat daar technische oplossingen voor zijn? Is het misschien gemakkelijker om de daarmee samenhangende problemen (overbevolking, biodiversiteit, enz.) dan maar op de achtergrond te plaatsen?

Beleidsmakers en industriëlen blijven liever in dezelfde ‘mind-set’

Het antwoord op deze vragen moet wel ‘ja’ zijn. Als klimaatverandering namelijk gezien wordt als een losstaand probleem waar een technische oplossing voor is, dan kunnen beleidsmakers en economen op de voor hen bekende terreinen blijven opereren. Ze hoeven hun ‘mind-set’ niet te veranderen. Technologische oplossingen als zonne-pannelen, windmolens, kernenergie, batterijen, elektrische auto’s, en als alles faalt het beïnvloeden van de kracht van de zon via atmosferische aerosolen, vereisen een zelfde manier van denken als financieel investeren of industrieel produceren. Systemisch denken is daarvoor niet vereist.

Men hoeft dan niet in te zien hoe menselijke systemen werken op het systeem aarde. Het enige waar de beleidsmakers zich dan mee bezig hoeven houden is het transplanteren van investeringen, het geven van bepaalde opdrachten aan andere ingenieurs en beleid maken zodanig dat de nieuwe banen in de groene industrie compenseren voor het verlies van banen in de fossiele industrie.

Deze ‘techno-fix’ strategie veronderstelt dat we op een zeker moment in de toekomst in staat zullen zijn om een systeemverandering te installeren en dat het probleem van de opwarming en alle andere symptomatische crises opgevangen kunnen worden met een of andere techniek. Deze manier van denken komt beleidsmakers en investeerders bekend voor. Iedereen houdt van techniek. Techniek lost bijna alle problemen op: ziektes, voedseltekorten, vervoer, enz. enz. Waarom zou techniek niet ook de opwarming van de aarde kunnen oplossen?

Technologische oplossingen zijn te oppervlakkig en de technocraat is allergisch voor vermindering van groei

Heinberg heeft zich maandenlang samen met wetenschappers beziggehouden met technische oplossingen. Hun conclusie is dat kernenergie te duur en te riskant is en dat zon- en wind energie – als zij een grote hoeveelheid van het totale gebruik aan elektriciteit voor haar rekening wil nemen – drie grote strategische problemen moeten oplossen: de overtollige productie van energie, de opslag van energie en de aanpassing aan de vraag. Tegelijkertijd moeten de industriële landen ten aanzien van het gebruik van energie geheel overstappen op elektriciteit.

Deze energietransitie wordt een enorme onderneming, ongekend in zijn vereisten ten aanzien van het investeren en het vervangen. Als je de grootte van de transitie goed beschouwd dan zie je niet hoe onze huidige energieproductie gehandhaafd kan blijven.

De grootste horde die dus genomen moet worden is de schaal! Alleen als de enorme hoeveelheid energie die de mensheid nu gebruikt, aangepakt wordt is de kans op een weg naar een post-carboon tijdperk geloofwaardig.

Het verminderen van energiegebruik betekent een vermindering van industrie, van fabricage, van transport, van afval, enz. enz. En dàt is een systemische interventie. Een interventie waar de ecologen van de jaren ’70 in de vorige eeuw toe opriepen: “Reduce, re-use and recycle”. Ook de bevolkingsaanwas moet verminderen. En hier raken we aan de kern van het probleem en juist voor de interventie van het verminderen, het matigen, zijn technocraten, industriëlen en investeerders op een kwaadaardige manier allergisch.

Het ecologische betoog is in essentie een moreel betoog

Elke systeemdenker die begrijpt wat ‘voorbij gaan aan en voorbijstreven’ betekent en die ‘consuminderen’ voorschrijft als behandeling, is in feite bezig met de behandeling van verslavingsgedrag. Onze maatschappij is verslaafd aan groei en dat heeft verschrikkelijke gevolgen voor de planeet en als gevolg daar weer van, voor ons zelf. We moeten ons collectieve en ons individuele gedrag veranderen en iets opgeven waar we afhankelijk van zijn: de macht over onze omgeving. We moeten leren matigen net als de alcoholist en daar is eerlijkheid en ‘soul-searching’ voor nodig.

De milieubeweging kwam in de jaren ’70 nog wèl met het morele betoog en het werkte tot op zekere hoogte. De bezorgdheid over de snelle bevolkingsgroei bijvoorbeeld leidde in de hele wereld tot geboortebeperking. Bezorgdheid over biodiversiteit en vervuiling van lucht en water leidde tot regulering.  Maar het was niet genoeg.

Sommige milieu theoretici, de eco-modernisten hebben het morele gevecht laten vallen. Hun rechtvaardiging daarvoor is dat mensen een blijmoedige toekomst-visie willen en niet een die om opoffering vraagt. Alleen de techniek biedt hoop denken zij nu.

Het punt van Heinberg is dat zelfs als een moreel betoog van milieuactivisten faalt, de techniek ons niet gaat redden. Volgens hem zal zèlfs een reusachtige investering in de nieuwe technologie ons niet redden of het nu om kernenergie of om zonne-energie gaat. Techniek biedt geen hoop.

Het goede nieuws

De morele milieubeweging is tekortgeschoten omdat het niet in staat was om het kernprincipe van de industriële maatschappij te veranderen. Dat kernprincipe is: het voluit gaan voor groei ten koste van alles. Het kern-principe is het geloof in ‘groei-isme’. Als we hier niet overheen komen betekent dit niet alleen het falen van de milieubeweging maar ook het falen van de beschaving.

Het goede nieuws is echter dat systemische veranderingsprocessen fractaal van aard zijn. Dit houdt in dat systemische verandering handeling vereist op verschillende niveau’s tegelijk. We kunnen op individueel zowel als op gemeenschappelijk niveau in actie komen. Op individueel niveau kunnen we ons gedrag bijstellen. We hoeven niet te wachten op een catharsis op globaal of nationaal niveau. Zelfs als onze individuele pogingen de consumptiemaatschappij niet redt dan kunnen ze in ieder geval een zaadje planten van een mensheid die waardig is om te overleven.

En het andere goede nieuws is dat als wij mensen er voor kiezen om te minderen zowel in aantal als in consumptie dat dan de technologie ons kan ondersteunen. Techniek kan onze voortgang bij het minderen begeleiden, ook simpele technische middelen kunnen helpen en sommige technologie kan ons zelfs helpen bij het herstel van ecosystemen. Maar het zijn niet de machines die de belangrijkste keuzes zullen maken en ons op een duurzame weg zullen zetten. Dat zal een systemische verandering die geleid wordt door een moreel ontwaken wèl doen. En dat is niet alleen onze enige hoop, het is de enige hoop die we ooit gehad hebben.

Over het matigen van de grote verschillen tussen arm en rijk 

Graag voeg ik aan Heinberg’s artikel en systemische analyse van de milieuproblematiek iets toe. Wat ik mis in zijn pleidooi is dat het vooral de rijken en de rijke landen zijn die reusachtige hoeveelheden fossiele energie gebruiken en dat het vooral de rijke landen zijn die moeten matigen. Jelmer Mommers van De Correspondent benoemt dit wèl expliciet.

Ook in een volgende nieuwsbrief van Mommers* is bijvoorbeeld te lezen dat de Guardian- columnist George Monbiot heel duidelijk het kapitalistische systeem aanwijst. Echt praten over klimaatontwrichting is het hele systeem waarin we leven ter discussie stellen. Monbiot:

‘It is to challenge the very basis of capitalism; to inform us that our lives are dominated by a system that cannot be sustained – a system that is destined, if it is not replaced, to destroy everything.’

Naomi Klein heeft het over het roofkapitalisme dat mens, dier en klimaat vermorzelt en over het ‘ecocidale’ kapitalisme, het kapitalisme dat de natuurlijke omgeving verwoest. Lees vooral haar verslag van het inspirerende verzet tegen de oliepijpleiding bij het indiaanse reservaat Standing Rock in Noord-Amerika: Een jaar na Standing Rock is het verzet tegen Donald Trump springlevend.

Uit de serie Faces of Standing Rock van fotograaf Mico Toledo

Verbetering van de positie van vrouwen, minder armoede en betere verkrijgbaarheid van voorbehoedsmiddelen kunnen veel betekenen bij het afremmen van de overbevolking. Wanneer milieudeskundigen eenzijdig wijzen naar overbevolking in arme landen, wat Heinberg overigens niet doet, dan moeten we op onze hoede zijn want het klimaatprobleem wordt nu juist veroorzaakt door de rijke landen, door bedrijven zoals Shell en ExxonMobile die veel belang hebben bij onze verslaving aan hun producten. Het gaat hier om bedrijven waar arme mensen in arme landen veelal het slachtoffer van zijn.

Heinberg heeft het er over dat milieudeskundigen het niet meer aandurven om te adviseren dat het hele economische systeem moet veranderen maar hij noemt in zijn artikel het systeem niet bij naam. Bij een systemische aanpak hoort denk ik ook dat we man en paard noemen. Het gaat om het kapitalistische systeem dat de grote verschillen tussen arm en rijk veroorzaakt, een systeem waarbij de productiemiddelen in handen zijn van grote bedrijven die winstmaximalisatie als doel hebben. Laat het duidelijk zijn dat vooral dit onder het ‘groei-isme’ valt. In zijn manifest ‘There’s no app for that’ noemt Heinberg de ongelijkheid tussen rijk en arm wel als problematisch maar hij meent dat dit probleem ons afleidt van de ecologische aspecten die daar toe bijdragen. In dit deel van zijn betoog mis ik dus iets.

De milieubeweging moet volgens mij hand in hand gaan met de vredesbeweging en de strijd tegen de ongelijkheid tussen rijk en arm, mannen en vrouwen, wit en zwart om het systeem van het ‘ecocidale’ kapitalisme te veranderen. Dit alles bij elkaar valt volgens mij onder het moreel ontwaken waar Heinberg het over heeft en wat onze enige hoop is.


*Je kunt de nieuwsbrief van Jelmer Mommers ontvangen als je abonnee bent van De Correspondent.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Opvoedkunde, Persoonlijk en politiek, Psychologie en klimaat, Systeemtherapie

Een wild leven

Ik voel de laatste jaren steeds vaker een verlangen naar een leven dichter bij de natuur. Misschien lijd ik aan ‘solastalgia’. Dit is een nieuw woord, onlangs voor het eerst gehoord op het symposium Psyche en Klimaat van de Stichting Psychiatrie en Filosofie en staat voor een soort van heimwee naar een fysieke omgeving die verdwenen is.

Volgens de maker van dit filmpje, George Monbiot, bioloog en journalist leven we op het moment in een schaduwwereld, in een mat en eentonig overblijfsel van wat er ooit was. Als we meer wild toelaten in het ecosysteem worden we ook zelf een beetje wilder. Zo zouden we een boel ontroering, verwondering en verrukking terug krijgen in ons leven. De olifant terug in Europa!

 

 

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Dierengedrag, Psychologie en klimaat

Klimaatparadox

‘Caring about climate change: it’s time to built a bridge between data and emotion’, is de titel van een artikel uit The Guardian. Het is van de wetenschapper en schrijver Ketan Joshi die constateert dat de communicatie vanuit de klimaatwetenschap nog steeds onvoldoende leidt tot motivatie om in actie te komen tegen de opwarming van de aarde. Misschien helpen de blauwe lijntjes in onderstaande grafiek erbij. Deze lijntjes zijn er onlangs aan toegevoegd om gegevens uit de klimaatwetenschap meer te verbinden met het leven van mensen.

De toekomst komt al wat minder ver van ons af te staan als we simpelweg bedenken dat de kinderen die we nu kennen, nog zullen leven in die toekomst en dat ook zij banen, voedsel, energie en een veilige infrastructuur nodig zullen hebben. Wat we nu doen met betrekking tot de vervuiling en opwarming betekent veel voor die kinderen.

Klimaatparadox

De Noorse psycholoog Per Espen Stokes zocht uit hoe het komt dat mensen zich nog te weinig verbinden met de klimaatproblemen ondanks waarschuwingen vanuit de wetenschap. Mensen denken dat het niet gaat over het hier en nu of over hun, ze denken dat het probleem zich alleen op de noordpool of de zuidpool afspeelt en bij andere mensen. Ze denken: het zal mijn tijd wel duren, anderen zijn er verantwoordelijk voor, niet ik. Hij noemt dit verschijnsel de ‘klimaatparadox’; een tegenstrijdige relatie tussen wetenschappelijke informatie en de zorg om het klimaat. Mensen nemen van wetenschappers nog wel aan dat het een belangrijk onderwerp is maar niet dat zij zelf de oorzaak zijn van de problemen.

Op het terugtrekken van Trump uit de Parijse afspraken volgde een bijna wereldwijd afkeuren en de media nemen momenteel meer afstand van de klimaat-ontkenners. Misschien is dit wel hèt moment voor klimaatwetenschappers. Zij werken er hard aan om hun boodschap te humaniseren, om meer verbanden te leggen met persoonlijke ervaringen van mensen en met de generaties die te maken krijgen van onze besluiten van nu. Trump zou wel eens de katalysator kunnen worden van een nieuw tijdperk met veel klimaatacties.

Misschien is de tijd aangebroken dat er een richting gevende verbinding ontstaat tussen het wetenschappelijk onderzoek en onze verantwoordelijkheid voor toekomstige aardbewoners die moeten leven in een atmosfeer die wij op dit moment injecteren met gigatonnen aan broeikasgassen. Het verbinden van de cijfers uit de wetenschap met een gevoel voor de volgende generaties kan misschien werken als een tegengif tegen de ‘klimaatparadox’.

Hallo Dampkring

Op Terschelling speelden onlangs kinderen voor een volwassen publiek een gezongen toneelstuk over de opwarming van de aarde. Hun eigen teksten zijn op muziek gezet in de vorm van een requiem. Deze voorstelling van Theater Artemis draagt vast en zeker bij aan een verbinding van wetenschappelijke feiten met verantwoordelijkheidsgevoelens van de mensen nu. De voorstelling ontroert, maakt echt contact en spreekt aan op een gevoelsniveau. Na het zien er van zul je echt wel stoppen met het verloochenen van je verantwoordelijkheid voor volgende generaties.

Theater Artemis – Hallo Dampkring – Oerol 2017 © Moon Saris

Ze zijn niet gek, ze zijn niet radicaal, ze hebben het begrepen

Hoe hard het nodig is om tot actie komen wordt nog eens goed uitgelegd door Jelmer Mommers in de Correspondent.

Als je alleen maar denkt aan de uitstoot van broeikasgassen dan zul je misschien verwachten dat we het klimaatprobleem hebben opgelost als we stoppen met de verbranding van fossiele energie, met  alle veeteelt en alle boskap. Maar het probleem is dat het voornaamste broeikasgas CO2 nog tientallen jaren in de atmosfeer achterblijft. Dus ook al stoppen we met uitstoten nu, het broeikasgas blijft hangen. De vraag is dus hoe snel moet de uitstoot dalen om een concentratie te bereiken die ons nog een redelijke kans geeft op een veilig leefklimaat over een eeuw of twee?

De concentratie van broeikasgassen in de atmosfeer is nu al gevaarlijk hoog. Volgens de beste inschattingen van klimaatwetenschappers is een CO2-concentratie van 350 ppm (‘parts per million’) nog veilig; dan veranderen we het klimaat niet op een gevaarlijke manier. Maar we zitten inmiddels al een tijdje boven de 400 ppm. 

Er wordt aan gewerkt door wetenschappers maar we weten nog niet of we CO2 op grote schaal uit de atmosfeer kunnen halen. Zolang we doorgaan met uitstoten, vlees eten en bossen kappen leven we op de pof en nemen we een enorme gok.

We ontwrichten het klimaat al sinds de industriële revolutie. De gevolgen zien we inmiddels overal ter wereld en die zullen veel ernstiger worden naarmate we langer treuzelen met een streng klimaatbeleid. Dat is de reden dat mensen die zich zorgen maken over het klimaat vaak een alarmistische houding hebben. Ze zijn niet gek, niet radicaal, ze hebben het begrepen.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Psychologie en klimaat

Psyche en Klimaat

Het symposium over klimaatstemmingen van de Stichting Psychiatrie en Filosofie bracht minder mensen bij elkaar in de Hogeschool van Leiden dan was verwacht. Er kwamen ongeveer 60 mensen op af.

Een van de organisatoren van het symposium en tevens voorzitter van de dag, Jaap van der Stel, lector GGZ aan de Hogeschool Leiden, had gegoogeld en gevonden dat de grote GGZ instellingen in Nederland niet met het klimaat bezig zijn. Àls ze met het klimaat bezig zijn dan is het met het eigen klimaat. Als je googled op werkloosheid in plaats van klimaatopwarming dan vindt je trouwens hetzelfde. We zitten in Nederland met een naar binnen gekeerde GGZ. Van der Stel had wel wat tips voor de instellingen om zich met die bredere context van het klimaat alsnog te verbinden.

Ondanks dat de grote instellingen achterbleven was ongeveer de helft van de aanwezigen afkomstig uit de GGZ. Enkele zelfstandige psychologen waaronder ondergetekende, een enkele psychoanalyticus, enkele psychiaters, docenten psychologie en enkele journalisten van vaktijdschriften. De meeste andere aanwezigen kwamen uit de klimaat- en milieubeweging.

Om in de stemming te komen bekeken we een trailer van de film ‘How to let Go of the World and Love All the Things Climate Can’t Change’. Meerdere mensen in de zaal kenden deze film. Ik persoonlijk nog niet en alleen al de trailer gaf nog meer diepte aan mijn bezorgdheid over het klimaat. Onderaan dit bericht vindt u een link naar de hele film. Hier de trailer:


Stemmingen die het gevolg zijn van de opwarming van de aarde variëren van angst, paniek, depressie, apathie, wanhoop, stress, boosheid, woede enz. Natuurlijk speelt trauma een rol. Zoals een psycho-analyticus in de zaal meteen opmerkte zullen we elkaar bij deze emoties en persoonlijke problemen moeten helpen en kan therapie een positieve rol spelen. Hierover later meer.

De emotie van de wanhoop bij een ieder die zich zorgen maakt over het milieu wordt mede veroorzaakt door de zwakke houding van de overheid. De overheid reguleert de multinationals en de fossiele industrie niet of nauwelijks en gelooft in de vrije markt. Het feit dat de politieke partij Groen Links moeite heeft om te regeren met de VVD en het CDA heeft veel met het klimaatprobleem te maken, namelijk met het maken van afspraken over hoe we met klimaatvluchtelingen omgaan.

Het feit dat we door een stortvloed aan reclames worden gestimuleerd om te consumeren enerzijds en anderzijds vernemen dat consumeren (auto rijden, vliegreizen, vlees eten) de opwarming van de aarde tot gevolg heeft, leidt bij mensen tot de mentale toestand van de zogenaamde ‘double bind’ wat apathie tot gevolg heeft. Kort nadat ik hier onlangs iets over las gaf ik mij op voor dit symposium.

We zullen stilstaan bij de effecten van klimaatverandering op het menselijk gemoed. Hoe reageren we op de veranderingen en de dreigingen? Wat kunnen we ermee?

Optimist of pessimist

Vrij snel kwam de advocaat van de duivel opdagen. Misschien kunnen we de hoop op het voortbestaan van de mensheid op aarde ook gewoon opgeven. Kijkend naar de ‘diepe tijd’ is de mensheid er nog maar kort en in dat opzicht niet zo belangrijk. De planeet gaat echt wel door ook al hebben wij onze eigen beschaving vernietigd. Optimisten kunnen heel irritante mensen zijn zal de Denker des Vaderlands René ten Bos uit Almelo in zijn presentatie betogen. Over het optreden van deze filosoof later meer.

Voordat de mensheid goed en wel van de planeet verdwenen is, krijgen we eerst nog te maken met de geleidelijke verwoesting van de beschaving. Dat is eigenlijk al begonnen. Neem alleen al de grote stromen vluchtelingen, ziektes door vervuiling, de verwoesting van leefgebieden, enz. enz. We gaan hier allemaal steeds meer last van krijgen hoewel rijke landen en rijke mensen het beste af zijn. Er zijn zelfs rijke mensen die zich hele delen van de aarde toe-eigenen waardoor ze de verwoesting nog lang kunnen overleven, ver verwijderd van de ontreddering van de rest van de mensheid.

Eigenlijk is klimaatverandering een veiligheidsprobleem betoogde de klimaatwetenschapper Leo Meyer. Interessant: Veiligheid is natuurlijk ook een psychologisch onderwerp. Ik denk aan de begrippen veilige en onveilige hechting uit de hechtingstheorie en de psychologische en maatschappelijke gevolgen van onveilige hechting. De GGZ kan misschien ook vanuit deze invalshoek een bijdrage leveren en mag wat mij betreft in actie komen.

De eerste lezing kwam niet van een optimist of pessimist maar van een realist; namelijk van de eerder genoemde klimaatwetenschapper Leo Meyer.

Opwarming van de aarde is een veiligheidsvraagstuk

Leo Meyer wordt door geen enkele van de eerder genoemde emoties, noch door slapeloosheid geplaagd. Zijn gemoedsrust blijft in tact omdat hij vindt dat het goed genoeg is dat hij zijn steentje bij draagt. Hij is bezorgd maar niet angstig.

Als scheikundige had hij al vroeg belangstelling voor milieuproblematiek. Hij probeert twee vragen te beantwoorden. 1. Is de angst voor de problemen rationeel of irrationeel? 2. Is de ontkenning van de problemen rationeel of irrationeel? Het is duidelijk dat de opwarming van de aarde de schuld is van de mens en niet van natuurlijke factoren zoals het komen en gaan van ijstijden, activiteiten van de zon of van vulkanen. Over het algemeen zijn mensen die er verstand van hebben het met elkaar eens hierover. De angst is dus rationeel en de ontkenning irrationeel. Meyer liet een cartoon zien van twee bioscopen naast elkaar: We houden ons zelf graag voor de gek.

Het grootste deel van de opwarming verdwijnt in de oceanen waardoor het ijs op de polen smelt en het koraal vernietigd wordt. De effecten op het land zijn bijvoorbeeld te zien rond de Middellandse zee, vooral in Syrië. De burgeroorlog daar wordt vooral veroorzaakt door Assad en de belanghebbende partijen en landen die zijn jihadistische oppositie bewapenen maar de opwarming van de aarde speelt wel degelijk een rol in de oorlog. Het heeft er al 5 jaar niet geregend.

Meyer maakte het punt dat de opwarming een veiligheidsvraagstuk is vanwege de grote gevolgen voor mensen en de natuur. Als we niets doen zal er sprake zijn van een 8 graden stijging en als we met zijn allen veel doen dan zal het bij 2 graden blijven. Hij verwacht dat we in het midden uit zullen komen. De gevolgen voor mensen zijn enorm, vluchten, ondervoeding, sterfte, enz. De gevolgen voor de natuur ook: De Noordpool zal in 2030 ijsvrij zijn. Voor Nederland hebben de veranderingen rond de Zuidpool nog meer invloed dan die op de Noordpool, ook al ligt de Zuidpool verder weg. In het jaar 2100 zal de zeespiegel hier 2,5 tot 3 meter gestegen zijn.

Onzekerheden horen bij de klimaatwetenschap en hierdoor krijgen klimaatsceptici en hun belangen de ruimte. Toch zullen er door de overheid bepaalde normen gesteld moeten worden. De sceptici waren grotendeels tot zwijgen gebracht maar met Trump is dat koor weer opgestaan. Meyer adviseert iedereen om het hoofd koel te houden en actie te ondernemen.


In de zaal was een cartoonist aanwezig: Anabella Kanai. Kijk vooral op haar website.

 

Geconfronteerd worden met het einde van de beschaving zoals wij die kennen, is niet niks. Hoe gaan mensen daar doorgaans mee om? Anabella Meijer – http://www.kanai.nl


Therapie voor klimaat depressie 

Na de klimaatwetenschapper Meyer kwam Evanne Nowak aan het woord. Ze is programmamaker en geestelijk verzorger en op zoek naar zingeving in het antropoceen. Ze probeert van ontkenning en apathie naar verbinding te komen. Volgens haar zijn we te druk met niets doen en leven we in een wereld waarin zorgeloosheid voorop staat. Zo creëren we een afstand ten opzichte van onze verantwoordelijkheid. Zo komen we tot de ontkenning van existentiële vragen en vervreemden we ons van het systeem. Vandaar de apathie.

Hoe ontwikkel je een behandelplan voor iemands klimaatdepressie als er geen behandelplan is voor het systeem van de planeet? Iemand met klimaatdepressie kan volgens haar nog het beste steun zoeken bij ervaringsdeskundigen. Als behandelaar is het goed om een zekere mate van ‘niet-weten’ toe te laten. Nowak noemt nog Joanna Macy, die een goeroe voor klimaatpsychologen schijnt te zijn.

De filosoof Wouter Kusters was de volgende spreker en vertelde dat hij tot voor enkele jaren geleden er nog wel vertrouwen in had dat het geleidelijk steeds beter zou gaan met de mensheid of in ieder geval dat het niet veel slechter zou gaan. Maar toen kwamen de film ‘An Inconveniënt Truth’ en het boek van Clive Hamilton: ‘Requiem for a Species’, uit.

De klimaatcrisis voelt voor hem als een traumatische beleving over iets dat nog moet komen. Pre traumatische stress. De crisis is moeilijk te lokaliseren en lijkt bovenmenselijk. Hij kan zich vinden in de woorden van de Australische filosoof Clive Hamilton: ‘The tragedy is the absence of tragedy’. Hierover meer in mijn bericht: Wat voor schepselen zijn wij?

Kusters vraagt zich af hoe de GGZ kan blijven praten over stoornissen als de wereld zelf ziek is. Als positieve ‘spin off’ van de klimaatcrisis zou je kunnen zeggen – ironisch bedoeld – dat wij als mensen eindelijk weer iets hebben dat boven ons dagelijks leven uitstijgt. We gaan samen ten onder.

Voor sommigen kan misschien het begrip disruptie een rol spelen bij troost. Disruptie betekent dat ‘iets nieuws en nog kleins’ (bijvoorbeeld wind en zonne-energie) in korte tijd ‘iets bestaands, groots en logs’ (fossiele energie) mogelijk gaat verdringen. De oude wereld staat verlamd toe te kijken en laat ‘het nieuwe’ gebeuren. Dit moeten we nog zien.

Kusters sluit in zekere zin aan bij Nowak als hij zegt dat we de klimaatcrisis niet moeten willen beheersen of managen. Laat de stilte ook maar zijn werk doen. Ons oude vertrouwde toekomstbeeld van de aarde is verwoest. Met deze werkelijkheid zullen we verder moeten.

Als psycholoog roepen zijn woorden bij mij op dat we de psychologische afweer van ‘de valse hoop’ het beste van ons af kunnen laten glijden en dat we de pijn en het verlies van hoop op een toekomst in een wereld die ons vertrouwd voorkomt, maar beter moeten leren te verdragen. Rouwen is gezond. Het kan ons zelfs verder brengen in een nieuwe richting en in het actief mee ontwikkelen van een nieuwe toekomst.

Als je de rouwfase door bent gekomen kun je misschien makkelijker overeind blijven op momenten dat je mensen tegenkomt die nog in de fase van de ontkenning zitten of bij het moeten aanzien van een overheid die nauwelijks bezig is met de opwarming van de aarde.

‘Doomsday prepping’

Onder deze titel publiceerde op 10 mei 2017 journaliste  Sanne Bloemink in de Groene Amsterdammer een artikel. Het gaat over hoe mensen zich voorbereiden op de ondergang. Uit de Groene Amsterdammer:

Peter Thiel, de oprichter van Paypal en sponsor van Trump, heeft onlangs grote stukken land, inclusief landingsbanen voor zijn privé-vliegtuigen, gekocht in Nieuw-Zeeland. Dat doet hij natuurlijk niet voor niets. Noorwegen is rijk en schijnt een soort Italië te worden, badend in olijfolie en tomaten. En Zwitserland ligt natuurlijk lekker hoog. Tijd om de voorwaarden voor emigratie naar die landen eens door te nemen?

(Mocht je meer willen weten over hoe billionairs bezig zijn om zich veilig te stellen dan kun je dit artikel in de Daily Mail uit 2015 bekijken. Ik vond het schokkend. Hier nog zo’n soort artikel uit 2017. De Daily Mail noemt Nieuw Zeeland ‘Apocalypse Island’.)

Bij ‘doomsday preppers’ gaat het louter om het beschermen van het eigen gezin tegen bijvoorbeeld plunderingen die het gevolg zijn van klimaatrampen. Net zoals de superrijken dit doen, doen de minder rijken dit op hun eigen manier.

Bloemink komt wetenschappers tegen die wel degelijk wakker liggen over de opwarming van de aarde. Dit in tegenstelling tot Leo Meyer die het allemaal nog wel aankan. Zelf ligt Bloemink er ook wel eens wakker van en kan ze bijvoorbeeld erg verdrietig worden over de regenwouden die gekapt worden. Ze toont ons een foto van een huilende wetenschapper die vele jaren het Great Barrier Reef onderzocht en toe moet zien hoe het vernietigd wordt.

Volgens Bloemink is de ontkenning van het probleem oftewel de struisvogelpolitiek een sociaal wenselijke reactie. Zij zit zelf met heen en weer slingerende gemoedstoestanden, met ‘mixed feelings’ :(:

Een vraag uit de zaal na de sprekers tot nu toe is: Voelen de sprekers een soort minachting voor het voeren van actie? Leo Meyer zegt dat hij dat zeker niet heeft. Volgens hem lijkt er sprake te zijn van twee extreme reacties; ontkenning of verlamming maar is er een andere reactie mogelijk. Niet vluchten of bang worden (ontkennen, verlammen) maar vechten. De wereld vergaat niet.

Bloemink voegt nog toe dat zij over het onderwerp schrijft en dat zij dat ook ziet als een soort van actie voeren. Ze vindt het soms overweldigend wat ze er allemaal over leest. Leven met onzekerheid moeten we allemaal. Nowak vind dat we alle mogelijk oplossingen zouden moeten onderzoeken voordat we tot actie over gaan. Kusters ziet een grote variatie aan mogelijke acties en reacties. Meyer voegt nog toe dat je aan de kant van de oplossingen soms ook gekke dingen tegenkomt zoals allerlei magische oplossingen of heilsverwachtingen.

Eén toehoorder hoort tot nu toe meer over gevoelens van depressie, angst en verlamming en over ontkenning terwijl zij juist heel kwaad is. Kwaad op de politiek van Trump en het idee van ‘there is no alternative’ en de illusie van dat we de oplossingen moeten overlaten aan de markt.

Een jongere toehoorder zegt dat zijn generatie is opgegroeid met het klimaatprobleem en dat jongeren over de hele wereld meer waarde hechten aan ervaringen dan aan materie. Duurzaamheid is hip. Dit geldt wat minder voor de lager opgeleide jongeren.

Sommige toehoorders en sprekers zeggen last te hebben van een soort handelingsverlegenheid. Ze durven op een feestje niet te beginnen over het onderwerp klimaat of durven hun verbazing over het feit dat iemand nog vlees eet, nog auto rijdt of nog vliegreizen maakt, niet te uiten. Dit veelal uit angst om afgewezen te worden, niet serieus genomen te worden. Heel menselijk! Weer anderen durven dat allemaal wel aan te kaarten en nemen geen blad voor de mond.


Optimisten kunnen heel irritante mensen zijn betoogde de Denker des Vaderlands René ten Bos uit Almelo. Zijn presentatie kwam cabaretesk over. Leuk! Hij had een goede tip voor GGZ mensen die iets willen doen: Kijk veel naar Kunst! Met kunst kun je meer laten zien dan met woorden. Misschien is er voor optimisme dus toch nog wat te zeggen. Hij begon zijn optreden met een getekend filmpje van Steve Cutts.

Hardleersheid en ijdelheid

Wie zijn wij? Wij zijn een invasieve soort. De vernietiging gaan we niet meer tegenhouden. Minder mensen is misschien wel de oplossing. We zijn ook gedesoriënteerd. Wat de opwarming betekent voor ons weten we niet. We kunnen maar beter ophouden om onszelf te zien als nuttig. Hou op met het antropocentrisme! Vanuit het eeuwigheidsperspectief is er geen probleem.

Ontkenning van het probleem is irrationeel volgens Meyer maar ten Bos ziet in de ontkenning ook een vorm van hardleersheid en ijdelheid. En deze heeft politieke wortels. Bij Trump is dit goed te zien. We hoeven ons volgens hem niets van de opwarming van de aarde aan te trekken, het hoeft ons niet te raken. Trump wil geen rimpels op het gezicht. Hij leeft in een ‘gebotoxte’ wereld. Bij Putin zie je dezelfde ijdelheid. Het smelten van de noordelijke ijszee is voor Rusland lucratief. De ijszee wordt het nieuwe Suezkanaal. Het is een geo-politieke ‘opportunity’. Hij zet gerust nucleaire ijsbrekers in. Dit zijn grote ontwikkelingen waar we niet los van komen. Overigens stapt Rusland niet uit het akkoord van Parijs wat de VS wèl heeft gedaan.

De wetenschappers zijn het niet eens, in de war en kunnen genegeerd worden door de politiek meent Ten Bos. Het weten lijkt ook een vorm van verraad te zijn. Ouderdom wordt nu door medische wetenschappers gezien als een ziekte. Als we die ziekte behandelen dan zouden we in de toekomst wel 130 jaar oud kunnen worden. Maar waar gaan al die oude mensen leven vraagt ten Bos zich af. Beter is het voor wetenschappers om te gaan samenwerken met kunstenaars. Wantrouw het zeker weten!

Pessimisme moet meer gewaardeerd worden. Pessimisme is leuk. Het is de democratie van de momenten. Politiek met optimisme moet je wantrouwen. ‘Yes we can’, dat wordt een ramp. Optimisten zijn waanzinnig ijdel. Lees vooral mensen waar je het niet mee eens bent. Ontmoet je vijanden!

Op de voordracht van ten Bos wilde Meyer graag reageren. Volgens hem zijn klimaatwetenschappers het wel degelijk eens over de opwarming van de aarde en zijn ze niet in de war. Wel verschillen ze van mening over de oplossingen voor de problemen. De politiek is ook verdeeld. Rutte zegt dat de markt het moet doen, Klaver wil dat het probleem aangepakt wordt door de politiek.

Klimaat en rechtvaardigheid

Naomi van Steenbergen probeert als klimaatethicus antwoord te geven op vragen zoals wat we moeten doen met de opwarming, hoe de ‘uitstoot rechten’ verdeeld zouden moeten worden, dat de minder ontwikkelde landen meer rechten krijgen en wat er procedureel het meest rechtvaardig is. Misschien saaie onderwerpen maar heel belangrijk. Samen met haar studenten probeert ze deze vragen te beantwoorden. Ze gaat er van uit dat rijke landen de verantwoordelijkheid hebben en dat je altijd eerst je eigen troep moet opruimen. Klimaatvluchtelingen zijn onze verantwoordelijkheid.

Wie zitten er aan de onderhandelingstafel? Ze vind dat vooral de ontwikkelingslanden moeten mee bepalen. En hoe ga je er mee om dat de dieren niet aan tafel zitten? Dieren hebben geen stem. Biodiversiteit heeft geen stem.

Psychische gezondheid in een opgewarmde aarde

Jaap van der Stel vraagt zich af hoe we hysterie voorkomen en toch een grotere noodzaak gaan voelen om met de planeet bezig te zijn binnen de psychologie, de psychiatrie en de psychische zorg. De opwarming van de aarde is een existentiële bedreiging voor alles wat leeft.

Vragen die spelen variëren van: ‘Zullen we ooit genoodzaakt zijn om te vluchten? En waarheen? En vangt iemand ons dan op?’, tot: ‘Slapen we nog goed?’ De gezondheid van de planeet en de gezondheid van mensen hangen nauw samen.

Directe gevolgen van de opwarming zijn extreem weer zoals hittegolven, overstromingen, droogten, branden, ontbossing, verwoestijning, stormen, vervuiling van de lucht, vervuiling van de oceanen, tekort aan vers water, enz. enz.. Indirecte gevolgen zijn sociale conflicten, meer agressie en geweld, migratiestromen, verlies van bestaanszekerheid, werkeloosheid, verzwakking van de arbeidskracht, klimaat-gerelateerde infectieziekten door insecten en vervuild water, allergieën, veranderingen in de voedselproductie, ondervoeding, enz. En de zwaarste lasten rusten op de arme landen, op Afrika, het Midden-Oosten, Zuid-Amerika, India, enz.

Al houdt de GGZ in Nederland zich er niet mee bezig, de APA (American Psychological Association) kwam dit jaar met een overzicht van de impact die de opwarming van de aarde heeft op de gezondheid van mensen. Hier is zo een overzicht te zien.

Van de website van Climate Communication.

Mensen die zich niet hulpeloos voelen zullen eerder in actie komen

De schadelijke gevolgen voor de psychische gezondheid zijn al eerder op de dag de revue gepasseerd maar van der Stel komt met deze iets completere opsomming: Stress en aan stress gerelateerde stoornissen, solastalgia (stress door verandering van de fysieke omgeving), depressie en angst, druk op sociale relaties, gecompliceerde rouw, verlies van persoonlijke identiteit, hulpeloosheid, fatalisme, suïcidale gedachten en pogingen, alcohol en drugsmisbruik. Hoge risicogroepen zijn kinderen, ouderen, (zwangere) vrouwen, psychisch kwetsbare mensen, arme mensen en mensen die direct van de opbrengst van de aarde leven.

Als systeemtherapeut deed het me goed dat van der Stel het nut en de noodzaak van een systeembenadering bij de oplossingen benadrukt. Hoe processen verlopen, wat kritieke waarden zijn, hoe subsystemen met elkaar verband houden is complex, gelaagd en deels onvoorspelbaar. Een geïsoleerde benadering van losse factoren geeft onvoldoende inzicht in de werking van het systeem aarde en de systemen die er in omgaan.

Kennis over de klimaatverandering moet toegeëigend worden en vertaald in competenties, strategieën, handelingen en voorzieningen. Professionele netwerken gericht op preventie en opvang moeten gecreëerd worden. We moeten onze stem laten horen in het publieke debat. We moeten meewerken aan nationale en internationale oplossingen voor aan klimaat gerelateerde psychische gezondheid en verbindingen leggen met somatische en sociale zorgsystemen.

Van groot belang is dat de veerkracht bevorderd wordt en ook het optimisme. Psychologen en andere professionals  kunnen vaardigheden cultiveren voor het omgaan met stress en voor zelfregulatie, bij het handelen in tijden van crisis, bij het reguleren van emoties bij tegenspoed. We kunnen praktijken die bijdragen aan zingeving en gezonde gewoonten ondersteunen. We kunnen sociale verbondenheid en binding aan locatie, cultuur en gemeenschap bevorderen.

Mensen die zich niet hulpeloos voelen zullen eerder in actie komen. De woorden die we gebruiken doen er toe. De woorden ‘opwarming van de aarde’ prikkelen mensen meer om iets te doen dan het woord ‘klimaatverandering’. We moeten bedenken welke werkzame publieke boodschappen het verschil kunnen maken. Kortom er is genoeg te doen.


Hier een link naar de hele film: ‘How to let Go of the World and Love All the Things Climate Can’t Change’.

 

2 reacties

Opgeslagen onder Filosofie, Persoonlijk en politiek, Psychologie en klimaat