Categorie archief: Psychologenpraktijk Gerie Hermans

Tips voor dagelijkse voldoening

Wat is dagelijkse voldoening? Het ervaren van geluk door de betekenis van de dingen die we dagelijks doen. En dus niet door de beloning die ze eventueel kunnen opleveren. Op deze manier raken we intrinsiek gemotiveerd en hoeven we ons niet aan anderen af te meten. Deze houding leidt tot veel meer plezier en een beter gevoel over onszelf.

Vier tips voor dagelijkse voldoening van Ernst-Jan Pfauth van De Correspondent:

  1. Je werk, hobby’s en projecten zien als oefenen. Als je alleen maar denkt aan het resultaat van je werk of hobby, haal je er minder plezier uit. Want we worden gelukkig van oefenen en van het verkrijgen van inzicht in hoe we ergens beter in kunnen worden. Ironisch genoeg vergroot oefenen ook nog de kans dat je je doel bereikt.

  2. Ruimte maken voor flow en rust in je leven. Flow is een staat van opperste concentratie waar we als mensen heel veel geluk door ervaren. Het wordt steeds zeldzamer, omdat we elkaar continu afleiden met een stroom aan appjes, mailtjes, bilateraaltjes en vergaderingen. Je kunt je aan de collectieve bezigheidstherapie onttrekken en de kans op flow zo groot mogelijk maken. Daar win je ook tijd mee, die je aan uitrusten kunt besteden.

  3. Je leren richten op anderen. Alles in de prestatiemaatschappij draait om de BV Ik. Dat is zonde, want mensen zijn sociale wezens en doen er verstandig aan zich om elkaar te bekommeren en in elkaar te investeren. Niet alleen steunen we elkaar dan, we halen zelf ook voldoening uit het helpen van anderen.

  4. Actief oefenen in dankbaar zijn. ‘Alle mensen die ik interviewde en die hun leven of zichzelf gelukkig noemden, gaven – zonder uitzondering – aan dat ze actief dankbaarheid beoefenden, en schreven het daaraan toe dat ze zo gelukkig waren.’ Aldus de Amerikaanse wetenschapper en zelfhulpauteur Brené Brown. Veel studies bevestigen haar bevindingen. We vergeten vaak dankbaar te zijn, dus moet je dankbaarheid actief beoefenen.

Dit zijn geen tips die je in één keer toepast. Het zijn eerder tips die je kunt vergelijken met het schoonmaken van je huis. Dat doe je niet één keer, maar moet je onderhouden.

Oefen dankbaarheid maar druk er niet de pijnlijke gevoelens mee weg

Mensen die een dankbaarheidsdagboek bijhouden hebben een lagere bloeddruk, slapen beter, ervaren meer blijdschap en voelen zich minder eenzaam. Dankbaarheid kaapt ruimte weg van „giftige, negatieve emoties”, zoals jaloezie, wrok en spijt. Het opschrijven in een dagboek helpt om de dankbaarheid te internaliseren.

Maar je moet deze gewoonte niet inzetten om pijnlijke gevoelens weg te drukken. Emoties als verdriet, boosheid en schaamte kunnen signalen zijn dat je in actie moet komen. Stel, je bent gefrustreerd omdat je minder verdient dan een collega in dezelfde functie. Als je je vervolgens focust op je dankbaarheid dat je een leuke baan hebt, negeer je de prikkel om je wensen te bespreken op je werk.

3 reacties

Opgeslagen onder Psychologenpraktijk Gerie Hermans

‘Selfie’ PsyQ gaat met zijn tijd mee

Ik kwam dit billboard tegen op de Witte Singel in Leiden en keek met lede ogen toe.

Reclame voor PsyQ

Reclame voor PsyQ


Billboards worden dacht ik meestal gebruikt door commerciële bedrijven, of om culturele gebeurtenissen mee aan te kondigen en er reclame voor te maken. Nu dus ook om reclame te maken voor een psychologische zorginstelling.

De inhoudelijke boodschap in de advertentie is niet verkeerd. We zouden er inderdaad op vooruit kunnen gaan als we ophielden met ‘het doen alsof het allemaal zo geweldig met ons (selfie) gaat’. We houden namelijk met dit soort oppervlakkigheid een heleboel ellende in stand.

Ik ben er van overtuigd dat wanneer meer mensen verder en dieper zouden kijken dan hun neus lang was, dat er dan ook lang niet zoveel haat en oorlog zou zijn. Zoals ik bijvoorbeeld een Israëlische vrouw onlangs in een geschiedenis programma op TV hoorde zeggen: Waarom zou de ene bevolkingsgroep (Joden) wel recht hebben op een verleden en een andere groep (Palestijnen) niet. Iedereen moet het verleden van een ander kunnen erkennen en daardoor de ander beter kunnen begrijpen. Verder en dieper kijken dan je neus lang is.

Ondanks de mooie inhoudelijke boodschap van de reclame weet ik niet goed wat ik er van moet denken. Het gaat hier om een grote instelling in de zorg en juist die grote jongens in de zorg weten handig gebruik te maken van de regelgeving rond de zorg-producten.

Geld verdienen per zorg-product heeft tot een explosie van kosten in de zorg geleid. Hier zouden zorginstellingen kritisch tegenover moeten staan en PsyQ laat met hun reclame zien dat ze met de commercialisering in de zorg mee gaat. Het viel te verwachten maar het valt me toch tegen.

Reclame voor PsyQ

Reclame voor PsyQ

Ik zou als patiënt goed nadenken voordat ik me bij een instelling als deze aanmeldde. Ik zou iets verder kijken dan mijn neus lang was.

PS Van een collega vernam ik dat PsyQ op dit moment zeer lange wachtlijsten heeft:

‘Een toestroom van aanmeldingen proberen te genereren (voor heel veel geld, die billboards kosten een vermogen) op het moment dat je een wachtlijst hebt waar voor miljoenen werk op staat… lijkt mij een commerciële benadering. Misschien dat ze een budgetverruiming krijgen als ze kunnen aantonen dat ze een bepaalde grootte van wachtlijst hebben bereikt? Het gaat in ieder geval ten koste van de mensen die zich aanmelden: die raken verstrikt in een fuik van wachten en wachten…’

A_HXI2tCUAEKk_I.jpg-medium

PS Een recent bericht over de rampzalige werking van de marktwerking in de zorg staat hier.

 

7 reacties

Opgeslagen onder Psychologenpraktijk Gerie Hermans, Psychologie

Genomineerd voor de ‘Liebster Award’

liebsteraward

Mijn blog werd genomineerd voor deze prijs door elifecoaching. In verband hiermee werd mij verzocht om de volgende vragen te beantwoorden. Dat hoort erbij, bij zo’n nominatie…

1. Wie heeft de grootste invloed op je gehad?

Dat zijn toch echt mijn ouders. In vele opzichten, positief en negatief maar toch hoofdzakelijk positief. Toen ik los kwam van mijn ouders waren het Bob Dylan, Joan Baez, Pete Seeger, Frank Zappa, enz. En nu zijn het psychologen zoals Iván Böszörményi-Nagy, Salvador Minuchin, Michael White, Susan Johnson, Jeannette de Waal maar ook ben ik erg enthousiast over wat de journalist Joris Luyendijk aan het doen is. En ‘last but not least’: mijn partner.

2. Wat vind je leuk in het bloggen?

Duidelijk maken waar ik voor sta. Het maken van leesbare teksten. Wat er in de wetenschap wordt uitgevonden samenvatten voor een breder publiek. Ik vind het leuk dat ik  belangrijke dingen beter onthoud als ik er over schrijf voor anderen. Ik heb ook een foto-blog en leuk daaraan vind ik het laten zien van mijn mooiste foto’s en mij daardoor verder te ontwikkelen.

3. Waar wil je niet over bloggen? (Wees eerlijk!)

Dat is toch niet zo moeilijk om hier eerlijk over te zijn? Ik wil niet bloggen over onzin.

4. Wat maakt je hardop aan het lachen?

De satire en kolder van Theo Maassen, Hans Teeuwen, Wim Helsen, Wim de Bie, de cartoonist Peter de Wit (Sigmund), Loesje, enz.

5. Wat is uw favoriete boek?

Gerbrand Bakker: Boven is het stil.

6. Wat is je favoriete citaat?

‘In alles zit een barst, zo valt het licht naar binnen’. Van de Perzische dichter Rumi.

7. Wat is uw favoriete vorm van sociale media?

Bloggen.

8. Hou je van poëzie? (Zo ja kan je een voorbeeld geven?)

Ik hou bijvoorbeeld van het gedicht: ‘How poetry speaks’ van David Malouf.

9. Wat is uw favoriete film of tv-show?

Mooiste film vond ik ‘Babette’s feast’ van Gabriel Axel.

10. Wat is het moeilijkste wat u ooit hebt gedaan of het grootste obstakel waarmee u geconfronteerd werd in uw leven?

Het moeilijkste is om steeds weer te blijven kiezen voor mijn eigen praktijk omdat ik daarmee financiële risico’s loop. Tegelijk is het ook het makkelijkst want ik kan niet anders. Het past bij mij en mijn leven. Het moeilijkste wat ik ooit deed was het terugkomen in Nederland na twaalf jaar in Australië gewoond te hebben. Maar ik wist van te voren niet dat terugkomen in mijn eigen land, in mijn eigen familie, zò moeilijk was.

11. Hoe zie je jezelf over 20 jaar en wat zijn 3 van je toekomstige doelen?

Over 20 jaar ben ik 83 en hoop ik – bij leven en welzijn – nog steeds samen met mijn partner te zijn en dat ik mij nog steeds aan het ontwikkelen ben tot aan het moment dat ik sterf. Mijn doelen zijn om nog meer geestelijk in balans te zijn, om nog vaker in de natuur te zijn en om nog meer lief te hebben.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Psychologenpraktijk Gerie Hermans

Zelfstandige praktijk voor psychologische hulp wordt een niche

(Een niche is een product dat door een specifieke doelgroep wordt gekocht.)

Er is een trend gaande dat zelfstandige praktijken voor psychologische hulp aan het verdwijnen zijn. Er zullen steeds minder verwijzingen komen naar deze praktijken door het beleid van VVD minister Schippers. Haar beleid is goed voor de op winst uit zijnde ondernemers in de zorg (en die zijn er heus) waardoor de zorg steeds duurder wordt. En de PVVDA werkt hier aan mee.

Om met Karl Marx te spreken: er is sprake van een steeds verder gaande centralisatie van het kapitaal dat in de zorg omgaat. Er zijn steeds meer instellingen en grote verzekeraars met veel bureaucratie en met de ogen gericht op winst.

Het gevolg van deze ontwikkeling voor de zelfstandige psycholoog ga ik proberen uit te leggen.

De recente introductie van de, voor de cliënt gratis lijkende, POH (Praktijk Ondersteunend Hulpverlener) bij de huisarts enerzijds en het groeiend aantal min of meer grote GGZ instellingen die gerund worden als een bedrijf anderzijds, duwen de zelfstandige praktijkhouder van het toneel. Laten zij dit zomaar gebeuren? Het zou zo maar kunnen want er valt bijna niet tegen deze ontwikkeling te vechten.

De melkboer op de hoek van de straat moest ook verdwijnen met het opkomen van de supermarkten in de jaren ’60. Daar zijn gelukkig vele jaren later de allochtone kruideniers met soms zelfgemaakte producten zoals heerlijke met spinazie gevulde pannenkoeken (zoals de kruidenier van mij) en de reformzaken met al die biologisch gezonde producten voor in de plaats gekomen. In deze kleine zaken is veelal opnieuw sprake van persoonlijke bediening.

Met een aantal collega’s heb ik het weleens gehad over het idee van een soort Max Havelaar keurmerk voor ons zelfstandigen in de psychologische zorg. Dat idee zou uitgewerkt kunnen worden. Maar misschien is de tijd nog niet rijp…

Zelfstandige psychologen zijn hoog opgeleide professionals (GZ-psychologen) die veel liefde voor hun vak hebben en hechten aan hun beroepseer en autonomie. Zij willen zich niet laten inpakken. Ze willen handwerk en maatwerk leveren. Uit het beleid van nu blijkt geen enkele waardering voor deze mensen.

Hoe het werkt

Binnen GGZ instellingen biedt men zowel de zogenaamd specialistische zorg als de zogenaamde basiszorg. Binnen de instellingen gaat basiszorg op in specialistische zorg of net andersom terwijl de zelfstandige praktijkhouder veelal alleen basiszorg biedt. De instellingen hebben namelijk een psychiater in huis die DBC’s kan openen.

Basiszorg en specialistische zorg zijn overigens alleen maar woorden die voor de cliënt niet eens van groot belang zijn. Het zijn woorden die vooral van belang zijn voor de manier waarop psychologische hulp gedeclareerd wordt. En instellingen kunnen dus makkelijker van alles declareren, is het niet onder de noemer van de basiszorg dan wel onder de noemer van de specialistische zorg.

Verder is de BIG-registratie van belang bij hoe het werkt.

Wanneer je als zorg-verlener jouw BIG-registratie wilt behouden moet je een minimaal aantal uren draaien. Als er steeds minder verwijzingen zijn naar jou als zelfstandige psycholoog dan wordt dat moeilijker. Een aantal praktijkhouders zal moeite krijgen om het BIG herregistratie-minimum te halen op basis van gewerkte uren in hun kleiner wordende praktijk. Dit minimum aantal uren ligt voor de GZ-psycholoog veel hoger dan bij andere BIG beroepen. Hier is vanuit o.a. de beroepsverenigingen nooit genoeg verzet tegen geweest. Lukt het om de vereiste uren te draaien door je als zelfstandige GZ-psycholoog aan te sluiten bij een instelling, dan zullen vele collega’s dit doen, vaak tegen hun zin in.

De tendens naar steeds meer instellingen en minder zelfstandige praktijken betekent dat de GGZ duurder wordt. De instellingen zullen namelijk alles wat ze aan hulpvragen binnen krijgen op wèlke vergoeding dan ook weten te zetten (dit is een kwestie van slim en creatief omgaan met declareren) en zij zullen daarmee precies die dure en onoverzichtelijke instellingen worden waar de minister zegt een hekel aan te hebben. Wat de POH gaat kosten weet nog niemand.

De doelgroep van een zelfstandige psycholoog zal volgens mij steeds duidelijker gaan bestaan uit kritische cliënten die zich niet (kunnen of willen) laten afschepen door een POH bij de huisarts en die zich ook niet prettig voelen bij de meer of minder grote instellingen die gerund worden door op winst uit zijnde zorg-ondernemers en waar psychologische hulp voorverpakt over de toonbank gaat en de hulpverlener een werknemer is die onderbetaald wordt. De doelgroep van de zelfstandige psycholoog zal bestaan uit cliënten die net als hun psycholoog prijs stellen op hun autonomie en die er prijs op stellen om de controle te behouden over hoe hun (directe of indirecte) zorg-geld besteed wordt.

En dan heb ik het nog niet over de privacy gehad die door de gecontracteerde zorg binnen instellingen geschonden wordt: een zelfstandige psycholoog kan zolang er vrijheid van keuze bestaat in de zorg nog altijd zelf beslissen om geen contracten met zorgverzekeraars te tekenen.

 

 

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Psychologenpraktijk Gerie Hermans, Psychologie

Psychologen binnen een instelling disfunctioneren

Onderstaand relaas in de Volkskrant maakt nog eens goed duidelijk waarom ik als psycholoog vele jaren geleden koos om voor mijzelf te werken. En dan ook nog eens zonder contracten met zorgverzekeraars. Mijn motivatie hiervoor is al kort beschreven op de beginpagina van dit blog.

Maar hier hoort u het eens luid en duidelijk van een ander. Professioneel werken binnen een GGZ instelling wordt vrijwel onmogelijk gemaakt. Wat mij het meeste treft in het verhaal is dat er binnen de instelling niemand meer geïnteresseerd is in hòe de psycholoog werkt met cliënten. Dit zie ik als een van de meest kwalijke gevolgen van de marktwerking in de zorg en het is puur cynisme dat Minister Schippers haar beleid probeert te verdedigen met het woord kwaliteit.

Helaas is het een herkenbaar en triest verhaal voor veel psychologen. Klik op de link voor het artikel in de Volkskrant over de ontsporende GGZ. De nieuwe zorg: het kwik-fitmodel. Tjak, tjak, volgende patiënt. 

Masja Schakenbos in haar eigen praktijk

Masja Schakenbos in haar eigen praktijk

Ik weet nog niet of deze collega naast het werken voor zichzelf ook het besluit neemt om geen contracten af te sluiten met zorgverzekeraars. Mocht ze contracten gaan afsluiten dan zal ze merken dat het beleid van dit kabinet ook het werken voor zelfstandige psychologen binnen de GGZ zeer moeilijk maakt. Maar zelfs al sluit ze geen contracten af met zorgverzekeraars dan nog dringt het huidige beleid zich op in de werkkamer van de psycholoog. Kwaliteit is het makkelijkst te bieden wanneer cliënten de behandeling zelf betalen. Maar dat is helaas niet altijd mogelijk.

Mocht deze collega met jeugd willen werken dan zal zij mogelijk contracten willen afsluiten met gemeenten vanwege de transitie van de Jeugd GGZ in 2015. Hoe dit zal uitwerken voor het functioneren van psychologen valt nog te bezien en zal in elke gemeente anders zijn.

Meer op dit weblog over hoe ziek de GGZ is geworden: hier en hier.

1 reactie

Opgeslagen onder Persoonlijk en politiek, Psychologenpraktijk Gerie Hermans, Psychologie, Zorgverzekeringen

Vergoedingen ongecontracteerde psychologen in 2015

Als u wil weten wat de vergoeding is van uw zorg-verzekeraar voor ongecontracteerde psychologische hulp voor mensen van boven 18 jaar in 2015  klik dan op deze link en download het PDF bestand:

http://contractvrijepsycholoog.nl/vergoedingen-zorgverzekeringen-ongecontracteerde-zorg-ggz-2015/

 

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Psychologenpraktijk Gerie Hermans, Zorgverzekeringen

Vrije keuze in de zorg? Neem een restitutie-polis!

Veel mensen hebben zonder het zelf te weten een natura-polis met hun zorg-verzekeraar afgesloten. Een polis waarbij u aan uw verzekeraar overlaat naar welke zorg-verlener u kunt gaan. Op deze wijze kan uw verzekeraar zorg-verleners voor u selecteren en instrueren wat deze wel en niet voor u mogen doen.

Met een restitutie-polis blijft u zelf aan het stuur. Met een restitutie-polis bent u verzekerd van vrije keuze.  De groeiende groep zorg-aanbieders die zich niet willen binden aan de regels van de zorgverzekeraars blijven op deze wijze voor u bereikbaar. U bepaalt welke zorg-verlener bij u past.

Benut uw kans! Het einde van het jaar is het moment waarop u van polis en verzekeraar kunt wisselen. Het is het moment om uw natura-polis om te zetten in een restitutie-polis. Soms biedt uw verzekeraar beide polissen aan, soms betekent dit dat u daarvoor moet overstappen naar een andere verzekeraar.

Kijk altijd goed naar de polisvoorwaarden of u met een echte restitutie polis te maken hebt. Een goed voorbeeld van een echte restitutie verzekeraar is ONVZ die doorgaans alle basispakket verstrekkingen volledig vergoedt (denk wel aan uw eigen risico). Sommige andere verzekeraars stellen beperkingen aan de vergoedingen.

Er zijn meerdere verzekeraars die de vrije artsenkeuze en restitutiepolissen hoog in het vaandel hebben staan. Kijkt u maar eens op de website van zorgvoorkwaliteit.

Hier een lijst van echte restitutie-polissen in 2015.

Kortom: Zelf uw zorg-verlener kunnen kiezen? Neem een restitutie-polis! Uw zorg-verlener kan op basis van professionaliteit bepalen welke behandeling bij u past zonder dat uw verzekeraar obstakels opwerpt en u behoudt uw recht op vergoeding.

Vrije keuze

Voor meer informatie over restitutie en natura-polissen lees ook de website van de Vrije Psych.

Voor informatie over vergoedingen voor niet gecontracteerde psychologische zorg klik op deze link en download het PDF bestand: http://contractvrijepsycholoog.nl/vergoedingen-zorgverzekeringen-ongecontracteerde-zorg-ggz-2015/

 

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Persoonlijk en politiek, Psychologenpraktijk Gerie Hermans, Zorgverzekeringen

Privatiseren en privacy in de zorg

Samen met enkele collega’s had ik onlangs een gesprek met twee journalisten van Follow the Money: Krijn Schramade en Eelke van Ark. Zij doen onderzoek naar hoe het precies zit met de bedreiging van de privacy in de zorg. Het is eigenlijk hun werk om onthullingen te doen die met geld te maken hebben en in dit geval hebben de bedreiging van de privacy en bepaalde geldstromen een verband. Hoe dit precies werkt dat gaan zij uitzoeken.

Het verzamelen van privacy-gevoelige informatie heeft iets te maken met de wens van de overheid om voorspellingen te doen ten aanzien van waar en wanneer bepaalde ziekten en stoornissen zullen opduiken. Er is aangetoond dat de voorspelbaarheid van de database van de overheid te verwaarlozen is maar toch wil de overheid met de database doorgaan. Waarom?

Het publiek weet eigenlijk niet wat de privacy-schending in de zorg voor hen betekent. Ook daar komt, mede door de inspanningen van  ‘Follow the Money’, hopelijk een einde aan.

Voorafgaand aan het gesprek probeerde ik mijn eigen gedachten te ordenen over privatisering, geld en privacy. Een weergave van deze gedachten aangevuld met wat ik tijdens het gesprek wijzer werd staat in deze blogpost. Met dank aan iedereen die er bij aanwezig was.


Als ik advocaat van de duivel (ik heb Schippers in gedachte) was, zou ik ook over zorg-verleners kunnen denken: Het kan hen gewoon niet schelen dat er te veel geld aan zorg uitgegeven wordt. Zij willen werk creëren voor zichzelf en lekker belangrijk zijn. Hoe langer de wachtlijsten hoe liever volgens hen. Zij lijden aan de zogenaamde ‘obsessieve-compulsieve behandelstoornis’ waardoor steeds meer mensen afhankelijk worden van zorg.

Ik begrijp deze duivel best. Daag ze uit die zorg-verleners, laat ze concurreren. Pak ze aan, schud ze wakker. Wie kan de beste zorg geven tegen de laagste prijs?

Marktwerking als oplossing voor de wachtlijsten en de stijgende kosten. En de patiënt moet ook aangepakt; die moet leren zoeken naar de beste en de goedkoopste zorg en polis. Dat dit tot keuzestress leidt doet er niet toe. En zo langzamerhand raakt de duivel mij kwijt.

Het op deze manier aanpakken van zorg-verleners en patiënten, dat kunnen de zorgverzekeraars mooi doen, denkt de regering. En wàt de beste zorg is, dàt bepalen de zorg-verzekeraars ook want dat kunnen de patiënten niet, de zorg-verleners kunnen het niet en hun beroepsverenigingen en opleidingen kunnen dat ook niet. Trouwens in de besturen van die beroepsverenigingen en opleidingen hebben de overheid en de markt-denkers nog wel wat vriendjes zitten dus die gaan de marktwerking in de zorg niet tegen houden. Ondanks de protesten gaan we de privatisering er door drukken. We zullen de NZa (Nederlandse Zorg autoriteit) oprichten, de marktmeester. Die gaat zorgen dat alles eerlijk verloopt. En wie dit beleid tegenwerkt zullen we marginaliseren en intimideren. En zo zullen we ervoor zorgen dat de zorg goedkoper wordt. Althans, onder die vlag gaan we het privatiseren aan de kiezers en de patiënten verkopen. Want minder kosten en minder wachtlijsten, dat wil iedereen. Briljant!

Maarrr…. Het is een algemeen bekend verschijnsel dat concurrentie uiteindelijk tot monopolievorming leidt. Dit is een wetmatigheid die zowel kapitalisten als communisten erkennen. Steeds meer fusies, steeds meer macht bij steeds grotere zorgverzekeraars. Deze markt is niet vrij. Er zijn wurgcontracten (tussen verzekeraar en zorg-verlener) uit voort gekomen en een heleboel bureaucratische ellende. Want de zorg-verleners moeten in het keurslijf van de markt gedrukt worden en dat moet gecontroleerd worden.

En wat blijkt nu tot overmaat van ramp: De marktmeester (NZa) is corrupt. Natuurlijk is die corrupt. Het gaat hem ook niet om zorg maar om geld. En zo zitten we nu met de gebakken peren.

formcartoon_10242_e2da68d92a7dbbef23c36edf0b4977cab7052b0c-484x302


Vòòr de marktwerking was de zorg mogelijk te duur. Maar of het nu minder geld kost, is heel erg de vraag. Velen denken dat de zorg nog steeds teveel kost en nu blijft er ook nog eens veel geld steken bij de zorgverzekeraars en de groeiende bureaucratie. Er zitten inmiddels bij de zorgverzekeraars snelle jongens en meisjes in de directies die niets meer met zorg en solidariteit hebben. Zij hebben iets met geld en reclame, met manipulatie en winst. Meer winst dan ooit waarbij het sterk de vraag is of al die winst nodig is om goed te kunnen verzekeren.

In het Parool schrijft psychiater Cobie Groenendijk onder de kop ‘VERZEKERAARS BEGRIJPEN DE ZORG NIET:

De privatisering van de zorg, die sinds 2006 is doorgevoerd, heeft ons meer kwaad dan goed gebracht. De totale kosten van de zorg zijn fors toegenomen, zorgverzekeraars hebben hun kassen gespekt, de kwaliteit van zorg is eerder gedaald dan gestegen, patiënten komen voor steeds hogere kosten te staan en de privacy en het beroepsgeheim staan onder druk.

Vóór de zorgverzekeringen hadden we de ziekenfondsen. Weet u het nog? Die waren in de 19e eeuw opgericht vanuit de arbeidersbeweging of uit liefdadigheid. Winst maken was juist niet de bedoeling. Rond 1980 kwam de vrije markt ideologie naar Nederland. Solidariteit werd een vies woord. Dit hebben we o.a. te danken aan Mrs. Thatcher: ‘There is no such thing as society’.

Als de markt echt vrij was zou het meeste geld misschien naar de beste zorg-verleners gaan. Maar geld wat naar die bèste zorg-verleners zou moeten gaan komt nu terecht bij de directies van zorgverzekeraars, bij de bureaucratie rond de zorg en bij de corrupte directeur van de NZa.

De bèste zorgverleners zijn volgens mij degenen die naast het bijhouden van hun vak, hechten aan zowel kwaliteit als aan hun autonomie en beroepseer, kritisch kunnen staan tegenover hun eigen ‘obsessieve compulsieve behandelstoornis’ en kritisch staan tegenover een onsolidair beleid waarbij het recht op privacy structureel geschonden wordt. Maar deze kritische en aan vrijheid hechtende zorg-verleners worden nu juist gemarginaliseerd, geïntimideerd en/of afgestraft, omdat zij geen wurgcontracten willen afsluiten met zorgverzekeraars en niet mee willen doen aan het verplicht aanleveren van privacy-gevoelige informatie. Ministers Schippers zet deze zorg-verleners weg als een stelletje cowboys. Maar al die zorg-verleners die niet dit systeem mee willen doen zijn geen cowboys uit het wilde westen maar juist dappere ridders! Meer over kritische zorgverleners, kwaliteit en zorg: klik hier.

Misschien gaat er op dit moment inderdaad teveel geld naar zorg-verleners die gevoelig zijn voor de perverse prikkels van de markt. Deze zorg-verleners doen hun werk niet meer met dezelfde motivatie als wij gewend zijn in de zorg. De meeste zorg-verleners hebben namelijk voor dit beroep gekozen omdat ze anderen graag helpen. Daar halen ze plezier en voldoening uit. En natuurlijk verdienen ze er geld mee.

Patiënten gaan er van uit dat hun huisarts, verpleegkundige, ziekenverzorger, chirurg, fysiotherapeut, psycholoog in principe hun werk doen vanuit compassie en interesse. Dit uitgangspunt is het fundament van de zorg, al moeten we ons natuurlijk realiseren dat het helpen en het zorgen geld kost. Maar door het beleid en het financieringssysteem zoals het nu is, worden zorg-verleners steeds sterker in het bureaucratische keurslijf van de markt gedwongen (elke minuut zorg moet geregistreerd en gefactureerd worden) totdat het ondanks al hun compassie en interesse niet meer mogelijk is om hun werk goed te doen.

Waarom moeten wij leven in een wereld waarin we elke minuut zorg moeten registreren en afrekenen? Waarom staan wij toe dat profiteurs zoals directies van zorgverzekeraars hier rijk van worden? Dit is allemaal mogelijk geworden door angst! Angst om niet meer te kunnen voorzien in de kosten van levensonderhoud als je het beroep van zorg-verlener hebt. En door deze angst zijn we met zijn allen heel ver afgedwaald van de oorspronkelijke bedoeling van een zorg-verzekering nl. compassie en solidariteit.

We hebben het nog niet echt door hoever we afgedwaald zijn en hoeveel schade dit toebrengt aan de zorg. Dit is het verhaal van de kikker die niet door heeft dat de temperatuur van het water waarin hij leeft aan het stijgen is. Die kikker past zich aan aan het steeds heter wordende water totdat hij plotseling dood is.

Zoals altijd gaat er ook veel geld naar de farmaceutische industrie. De directeur van de NZa werd onlangs niet voor niets gefêteerd door een farmaceut. Waar de farmaceutische industrie in de GGZ naar toe werkt is dat zorg-verleners worden verplicht om de klachten van hun cliënten met pillen af te handelen. De trend is om mensen met psychische klachten een stoornis aan te praten die behandeld moet worden met een pil en dus niet met een goed gesprek met een kundige psycholoog want daar moet op bezuinigd worden. Een goed gesprek kost tijd en tijd is geld.

Als Schippers haar zin krijgt en artikel 13 uit de Grondwet (het artikel dat de vrije keuze in de zorg regelt) wordt gewijzigd dan zullen de beste zorg-verleners, de onafhankelijke, kritische zorg-verleners die de privacy van de patiënt of cliënt willen waarborgen, geen enkele ruimte meer hebben om hun werk te doen binnen dit stelsel. Deze zorg-verleners hoeven dan namelijk helemaal niet meer vergoed te worden door de zorgverzekeraars. Het is slikken of stikken voor hen.

Wettelijk vastgelegde hulp

Het aantasten en uiteindelijk afschaffen van de vrije keuze in de zorg is een ernstige bedreiging van de vrijheid en doet denken aan de Artsenkamer uit de Tweede Wereldoorlog die de Duitse bezetter oprichtte om grip te krijgen op de Nederlandse medische stand. Joden mochten namelijk niet meer in de wachtkamer. De meeste Nederlandse artsen achtten de ideeën-leer van deze nieuwe organisatie in strijd met de door hen afgelegde eed van Hippocrates. Bij het afleggen van deze eed is ook de privacy geregeld: ‘Al wat ik als hulpverlener zal zien of horen, ook van het privé-leven van de patiënten zal ik voor mij houden, in de overtuiging dat zulke dingen geheim moeten blijven’.

In reactie op de protesterende artsen stelden de Duitsers daarom vanaf 1943 het lidmaatschap van de Artsenkamer voor de Nederlandse artsen verplicht. De Nederlandse artsen richtten het Medisch Contact op, een collectief verzet en informatienetwerk en riep de artsen op om afstand te doen van hun artsentitel. Ze organiseerden een bordjes-actie waarbij artsen hun titel op het bordje voor de deur afplakten om daarmee symbolisch afstand te doen van hun titel. Daarop volgden helaas acties van groepen NSB-ers die het woord ‘Arts’ op de huizen kalkten.

De titel huisarts onder de naam is afgeplakt met pleisters.

De titel huisarts onder de naam is afgeplakt.

Actie van NSB-ers tegen artsen van het Medisch Contact.

Actie van NSB-ers tegen artsen van het Medisch Contact.

Ik ken Nederlandse GZ-Psychologen die anno 2014 hun titel hebben ingeleverd om onder alle macht en controle van Schippers en de zorgverzekeraars uit te komen. Zij sluiten geen contracten, weigeren privacy-gevoelige informatie door te geven en hebben hun titel ingeleverd. Hun cliënten betalen de zorg geheel zelf. Maar deze vrije zorg-verleners moeten ervoor uitkijken dat zij niet een zogenaamd ‘economisch delict’ plegen. Want voordat ze het weten kunnen zij worden aangeklaagd voor het feit dat zij wettelijk vastgelegde hulp geven! Deze zorg-verleners moeten hun cliënten er regelmatig aan herinneren dat zij voor de behandeling van hun klachten eigenlijk via de huisarts naar een BIG geregistreerde hulpverlener moeten die binnen het systeem valt.

Inmiddels zijn er al enkele voorbeelden van zorg-verleners die voor dit zogenaamde economisch delict aangeklaagd zijn. Deze zorg-verleners zijn veelal bij de rechter in het gelijk gesteld. Maar ondertussen zijn zij onder extreem hoge druk gezet. Hun liefde voor hun vak gedoofd door keiharde bestuurders, uitgehold door de hebzucht van commerciële zorgverzekeraars.

Natuurlijk zijn er grote verschillen tussen het verplichte lidmaatschap van de Artsenkamer in de Tweede Wereldoorlog en het huidige beleid waarbij zorg-verleners verplicht worden tot het sluiten van contracten met zorgverzekeraars, maar het geeft te denken.

Als psycholoog ben ik enkele jaren geleden lid geworden van het netwerk van contractvrije psychologen om samen met anderen sterker te staan tegenover de intimidatie die van het beleid en de zorgverzekeraars uitgaat. Zo zijn er in Nederland in de afgelopen jaren netwerken ontstaan van vrije fysiotherapeuten, vrije artsen en psychiaters.

Waarom staan wij toe dat privacy in de zorg niet meer mogelijk is? Dat er een eind is gekomen aan de vertrouwensrelatie met onze zorgverlener?

Stel je voor dat de regering zou zeggen dat we niet meer dan 12 kilometer per dag zouden mogen fietsen, dan zouden we toch op onze achterste benen gaan staan! Er zouden vele zwarte fietsuren gereden worden. Waar bemoeit de regering zich mee! Maar ten aanzien van de zorg laten we de inmenging in ons privéleven toe.

Wanneer een cliënt een premie betaalt voor zijn zorgverzekering zou hij per definitie vrij moeten zijn in zijn keuze van therapeut/behandeling.  Stel je voor dat bij het afsluiten van een hypotheek de banken zouden gaan bepalen in welk huis je moet gaan wonen! Ook hierbij zouden we op onze achterste benen gaan staan maar in de zorg laten we onze vrijheid afnemen.

Begrenzen

Het is duidelijk dat we toe moeten naar een ander financieringssysteem in de zorg toe en de vraag is: Hoe bouw je daar zowel kwaliteit àls betaalbaarheid àls liefde, solidariteit en privacy in? Dat is de uitdaging!

Misschien is het denken in grenzen hierbij wel van centraal belang. De overheid beweert nog steeds dat ze wil bezuinigen (de kosten begrenzen) maar het is de vraag of we de overheid nog kunnen geloven. Als het gaat om geld uitgeven aan oorlogen dan geldt de bezuinigingslogica ineens niet. In ieder geval leidde het marktdenken van deze overheid volgens velen niet tot een begrenzing van de kosten.

Ik spreek bij het ontwikkelen van een nieuw financieringssysteem liever van begrenzen dan van bezuinigen. En dan moet het begrenzen van twee kanten komen. Aan de ene kant moeten zorgverleners leren zichzelf te begrenzen in hun zorg-obsessie en moeten zij zich laten begrenzen. Ziek zijn en verdrietig zijn hoort bij het leven. In plaats van te streven naar de maakbare samenleving moet er een streven komen naar de duurzame samenleving. Zorgverleners moeten zich laten begrenzen maar niet door een commerciële partij die zijn eigen hebzucht niet kan begrenzen. En dat is de andere kant. Ook degenen die de pot met geld moeten bewaken en verdelen moeten zichzelf in hun regelzucht, hebzucht en macht begrenzen en zich laten begrenzen. De overheid zou zich hìer voor moeten inzetten. In woord en daad.

De meeste zorgverleners doen hun werk in principe niet om er rijk van te worden. Dat is een mooi begin. ‘Survival of the kindest‘ in plaats van ‘Survival of the fittest’. Er is genoeg geld en tijd voor zorg. Het moet alleen eerlijk verdeeld worden. We hoeven niet te denken in schaarste.

Om met Gandhi te eindigen: ‘There is enough for men’s need but not for men’s greed’.

Ik wens de journalisten van Follow The Money veel succes en dank de psycholoog Guido Williams van wie ik het begrip ‘obsessieve-compulsieve behandelstoornis’ met plezier heb geleend.

1 reactie

Opgeslagen onder Psychologenpraktijk Gerie Hermans, Zorgverzekeringen

Minuchin’s gezinstherapie II

Enkele weken geleden begon ik aan een serie blogs over Minuchin’s gezinstherapie. Deze blogs schrijf ik omdat ik hetgeen Minuchin te bieden heeft niet vergeten wil en omdat het mij in de dagelijkse praktijk van het meedenken met gezinnen met problemen, scherp houdt. Ik wil niet meedoen aan de nog steeds overheersende trend in de hulpverlening, nl. aan het individualiseren en psychiatriseren van menselijke problemen.

Hieronder een vervolg op Minuchin’s gezinstherapie I 

In het nu

Gezinstherapie bij Minuchin is gezins-structuurtherapie en is een actietherapie. Het gaat niet om het verkennen en interpreteren van het verleden maar om het veranderen van het nu.  Hoe het gezin nu functioneert en georganiseerd is, is mede door het verleden bepaald. Maar hoe het nu functioneert kan in het nu bewerkt worden.

De therapeut sluit zich aan bij het gezinssysteem en daardoor transformeert het.  De positie van de verschillende leden van het systeem verandert en iedere verandering brengt weer andere veranderingen teweeg.

Het gezin is georganiseerd om zijn leden te steunen, te reglementeren, te verzorgen en te socialiseren. Het is het werk van de therapeut om het functioneren van het gezin te herstellen of te veranderen zodat het deze taken beter kan uitvoeren.

Als er eenmaal een verandering bereikt is dan zal het gezin die in stand houden door de werking van de zelfregulerende mechanismen van het systeem. Er zal een ander patroon ontstaan in de feed-back die ervaringen van gezinsleden voortdurend kwalificeren en valideren.

Gezins-structuurtherapie gaat uit van goed functionerende gezinnen; van normale gezinnen met normale gezinsmoeilijkheden.

Het ontstaan van een gezin

Formeel begint het gezin als twee partners samenkomen met de bedoeling om een gezin te vormen. Maar hoe wordt dit een levensvatbare eenheid?

Eerst stellen de partners vast wat voor relatie zij hebben met het gezin waaruit zij vandaan komen. Die gezinnen van herkomst moeten zich ook aanpassen aan een nieuwe situatie. Ze moeten scheiden van een lid en een nieuw lid opnemen. De gezinnen van de partners moeten zich aanpassen aan een nieuw echtpaar-subsysteem. Als de bestaande structuren van die gezinnen niet veranderen vormen zij een bedreiging voor het proces waarin de nieuwe eenheid moet worden gevormd.

Bijvoorbeeld: de ouders van mevrouw kunnen zich niet aanpassen en kunnen hun dochter niet zien als een echtgenote en blijven haar behandelen als hun dochter. Haar echtgenoot zuigen ze op in hun gebruikelijke patronen.

Dit noemt Minuchin een grens-probleem: een probleem bij het vaststellen van goede regels voor onderhandelingen tussen subsystemen. Een probleem van ten onrechte gehandhaafde transactiepatronen. Minuchin wil weten wat voor dingen een partner heeft moeten doen om zich van zijn/haar ouderlijk gezin los te maken.

Het ouderlijk subsysteem is de eenheid van het gezin dat de grootste verantwoordelijkheid draagt voor de leiding, de verzorging en de opvoeding van de kinderen. Meestal, maar niet altijd, zijn dit de vader en de moeder. Hoe het ouderlijk subsysteem is samengesteld is niet zo belangrijk. Belangrijker is een duidelijke omschrijving van de functies. Vaak stromen de conflicten die de echtgenoten hebben over in hun functies als opvoeders. Het ouderlijk gezag is verdeeld en de ouders vechten met elkaar via hun kind.

In een huwelijk komen twee verschillende subsystemen bijelkaar. Minuchin wil weten hoe het nieuwe ouderlijke subsysteem nieuwe regels gaat vaststellen.

De partners verwachten meestal dat de transacties tussen hen beiden zullen verlopen  zoals ze gewend zijn van huis uit of zoals ze het graag willen zien. Er zal druk worden uitgeoefend op de ander. Iedere partner zal punten hebben waarop hij/zij geen flexibiliteit kan toestaan. Maar op andere punten kan hij/zij alternatieve manieren van omgaan met elkaar kiezen in reactie op de voorkeuren van de ander. Sommige gedragingen worden bekrachtigd, andere worden afgedankt. Op deze manier wordt een nieuw gezinssysteem gevormd.

Minuchin stelt vragen zoals: Jullie moesten zelf nieuwe regels gaan vaststellen. Hoe verliep dat? Hij vraagt: Hoe waren de eerste jaren van jullie huwelijk? Wat gebeurde er? Hoe veranderde je leven door het huwelijk? Hoeveel gaf je op voor het huwelijk?

Het scheppen van een nieuw gezinssysteem betekent het scheppen of versterken van een grens rond het echtpaar. Wanneer voelden de partners zich werkelijk getrouwd? Soms kan dit lang duren. Soms kunnen sociale situaties een handicap vormen bij het formeren van een levensvatbaar echtpaar-subsysteem. Bijvoorbeeld als het paar gaat inwonen bij een van de ouders. Daarbij kan dan nog komen dat deze ouders hun zoon of dochter niet kunnen laten gaan. Het wordt dan erg moeilijk voor het echtpaar om elkaar te steunen in het versterken van de grenzen tussen henzelf en de ouders. Het paar kan overspoeld worden door disfunctionele patronen.

Bij de geboorte van een kind moeten ook nieuwe functies ontstaan. Het functioneren van het echtpaar subsysteem moet aangepast worden aan de eisen van het ouderschap. Daarbij komen nog de complexe veranderingen die een systeem in het algemeen doormaakt als een systeem van twee leden verandert in een systeem van drie leden. Door de zwangerschap is het kind voor de vrouw veel eerder een realiteit dan voor de man. Zij is doorgaans dieper verbonden met het kind en heeft zich eerder aangepast aan de nieuwe fase van het gezin dan de man.

Een gedifferentieerd systeem kan oudertaken scheiden van de partnertaken maar het opvoeden van kinderen kan een terrein worden van veldslagen waarbij onopgeloste conflicten van partners meespelen als het gaat om het opvoeden van kinderen. Een web van disfunctionele transacties kan ontstaan. Maar evengoed geeft het opvoeden van kinderen veel mogelijkheden voor individuele groei en versterking van het gezinssysteem.

Veranderende levensomstandigheden lopen vaak parallel aan veranderingen binnen het gezinssysteem. Bijvoorbeeld de man die ophoudt student te zijn en een baan krijgt. Hierdoor is hij minder afhankelijk van zijn ouders die de studie betaalden. Hij krijgt een positie in de buitenwereld met een eigen zelfstandigheid en verantwoordelijkheid. De grens tussen het gezin en de wereld daarbuiten zal duidelijker worden.

Soms is een paar lange tijd ‘oneerlijk’ tegenover hun huwelijk omdat ze nog lange tijd met hun eigen dingen bezig zijn en niet echt kunnen luisteren naar wat de ander nu eigenlijk zegt. Het kan een tijd duren voordat een paar zich werkelijk getrouwd voelt. De een kan zich langer ongetrouwd voelen dan de ander.

Het gezin nader beschouwd

Veranderingen in het gezin gaan parallel aan veranderingen in de samenleving. Het gezin heeft de functies van het beschermenen en socialiseren van zijn leden overgenomen of afgestaan al naar gelang de maatschappij dat van haar vroeg. Het gezin is aan de ene kant naar binnen gericht: beschermen van zijn leden en aan de andere kant naar buiten gericht: aanpassen aan en overdragen van de cultuur.

De moderne samenleving heeft veel functies overgenomen van het gezin. Desondanks houden we vast aan normen die stammen uit een samenleving waarin de grenzen tussen het gezin en buitenwereld heel duidelijk waren.

De westelijke wereld zit in een overgangssituatie en het gezin verandert mee. Maar temidden van de moeilijkheden die een overgangsfase met zich mee brengt, is de voornaamste taak van het gezin – het ondersteunen van de gezinsleden – belangrijker dan ooit. Alleen het gezin, de kleinste groep in de samenleving, kan veranderen en tegelijk genoeg continuïteit behouden om kinderen op te voeden die geen vreemdelingen in een vreemd land zullen zijn maar die genoeg geworteld zijn om te kunnen groeien en zich aan te passen.

Het is in iedere cultuur het gezin dat zijn leden een gevoel van eigenheid of identiteit inprent. De mens ervaart daarbij twee elementen: een gevoel van ergens bij te horen (relatie, verbinding) en een gevoel van apart te zijn (autonomie).

Het identiteitsgevoel van ieder individu wordt beïnvloed door zijn gevoel van te behoren bij verscheidene groepen. Een deel van je identiteit is dat je vader bent, echtgenoot maar ook dat je kind bent van je ouders. De componenten van het identiteitsgevoel veranderen en blijven constant. Iemand die een essay schrijft, punten scoort of de straat oversteekt staat als een te herkennen eenheid tussen zijn onstabiele innerlijkheid en zijn uiterlijke context. Met beide is hij verbonden en van beide is hij ook diepgaand gescheiden.

Het gezin is hèt medium voor de psychosociale ontwikkeling van de gezinsleden en de structuren en taken die met die functie samenhangen. Tegelijk moet het gezin zich ook aanpassen aan de samenleving en de continuïteit  van de cultuur verzekeren. De samenleving moet soms op complementaire wijze structuren ontwikkelen om tegemoet te komen aan nieuwe sociale en economische realiteiten. In de jaren ’70 van de vorige eeuw, toen Minuchin zijn boek schreef eiste de samenleving dat beide ouders van het gezin buitenshuis gingen werken maar de benodigde structuren in de samenleving (kinderopvang) waren er nog niet.

Minuchin zag in zijn tijd ook hoe het gezin steeds vroeger afstand ging doen van het socialiseren van kinderen. De school, de massamedia en leeftijdsgenoten zouden dit overnemen. Maar de samenleving had er nog geen voldoende hulpbronnen voor ontwikkeld. Als het gezin zijn pubers loslaat worden zij overgelaten aan ontoereikende steun gevende systemen. Onze samenleving kent geen duidelijk omschreven functies voor pubers zoals bijvoorbeeld in de Masai samenleving of zoals in een kibboets.

Verandering vindt altijd plaats vanuit de samenleving, vanuit de grotere eenheid richting de kleinere. Het gezin zal veranderen maar het zal blijven bestaan omdat het, zoals de antropologe Margaret Mead duidelijk maakte, de beste menselijke eenheid is voor snel veranderende samenlevingen.

De mythe van de normaliteit

Op een of andere manier hebben we ons vastgehouden aan een ideaalbeeld van het normale gezin als een gezin zonder spanningen en moeilijkheden. Dit noemt Minuchin de mythe van de vreedzame normaliteit. Het beeld van gezinsleden die in harmonie samenleven, die sociale omstandigheden aankunnen zonder in de war te raken, die vriendelijk samenwerken met elkaar, schrompelt ineen als we naar een willekeurig gezin met zijn menselijke moeilijkheden kijken. Een ‘normaal gezin’ kan niet onderscheiden worden van een ‘abnormaal gezin’ op grond van het ontbreken van problemen.

Ook een therapeut zou kunnen vasthouden aan deze mythe van de vreedzame normaliteit. Het was echter Freud al die er op wees dat een therapie neurotische patronen verandert in gewone levensproblemen. Minuchin vraagt zich af hoe een gezinstherapeut kan bepalen waarop hij zijn interventies moet richten. Hij biedt de therapeut het volgende schema aan. Het is een schema met drie componenten:

1. Structuur: een gezin is een open socio-cultureel systeem in transformatie.

2. Ontwikkeling: gezinnen maken fasen door die om herstructurering vragen.

3. Aanpassing: het gezin moet het voortbestaan van het gezin verzekeren en de psychosociale groei van ieder gezinslid bevorderen ondanks de moeilijkheden van het gezinsleven.

In mijn volgende blog wordt dit schema uitgewerkt.

3 reacties

Opgeslagen onder Psychologenpraktijk Gerie Hermans, Systeemtherapie

Zelf-betalende cliënten in mijn psychologen-praktijk

In een door de marktwerking gedomineerd zorgstelsel anno 2014 moeten cliënten weten dat hun therapie betaald moet worden en moeten zij zich daar zelf actief mee bezig houden.

bank-burger-staat

Mijn praktijk sluit mede vanwege de marktwerking geen contracten af met zorgverzekeraars. Daarom ontvangen mijn cliënten een keer per maand een factuur van mij die zij moeten betalen binnen 14 dagen. Hier tekent de cliënt voor op mijn aanmeld-formulier. Iedereen moet mijn facturen zelf betalen. Ook de cliënten die het uiteindelijke totale bedrag bij hun zorg-verzekeraar willen claimen. Ook als men niet zoveel te makken heeft. Helaas.

Een groot voordeel van het zelf ontvangen van facturen is dat er niets in rekening gebracht kan worden dat niet geleverd is. De cliënt kan dit zelf controleren.

Hoe gaat het in zijn werk?

Een nieuwe cliënt belt of mailt en vraagt of hij (of zij) met of zonder partner of gezinsleden in behandeling kan komen. Indien nodig en mogelijk neem ik ruim de tijd voor dit eerste contact. Dat breng ik niet in rekening. Cliënten kunnen meestal een afspraak maken voor een intakegesprek op relatief korte termijn, twee tot drie weken.

Bij het eerste contact per telefoon of email leg ik uit dat ik geen contracten afsluit met zorg-verzekeraars omdat ik aan professionele zelfstandigheid wil vasthouden en dat dit een bewuste keuze is. Door geen contracten af te sluiten kan ik ook de privacy (en daaruit voortvloeiende belangen) van mijn cliënten beter (doen) respecteren.

image001

Privacy of vertrouwelijkheid is bij psychologische behandelingen een noodzakelijke voorwaarde. Het is noodzakelijk dat u weet dat alles wat u vertelt over uw problemen en de achtergrond daarvan binnen de vier muren van de spreekkamer blijft. Dat maakt het mogelijk dat u alles wat er op uw hart ligt en wat mogelijk met uw problemen te maken heeft kunt vertellen en dat de hulpverlener van zijn kant kan ingaan op alles wat u zegt en wat van belang is om u beter te begrijpen en u te kunnen helpen. Meer informatie over de complexe privacy problematiek in de geestelijke gezondheidszorg kunt u vinden in de brochure ‘Privacy van de cliënt, onze zorg‘ die te vinden is op de website van de KDVP (Koepel voor DBC-Vrije Praktijken).

Als een cliënt de kosten van de behandeling wil declareren bij zijn/haar zorg-verzekeraar leg ik uit dat in 2014 een verwijzing van de huisarts vereist is. Een verwijzing waarin het vermoeden van een DSM-benoemde stoornis staat. Bij het bepalen hiervan kan ik cliënt en huisarts ondersteunen. Mede doordat de cliënt en ik een privacy-verklaring ondertekenen blijft deze informatie in het dossier en wordt deze alleen verstrekt aan derden (zorg-verzekeraar) met toestemming van de cliënt.

Het verhaal van de zorgverzekeraars dat niet gecontracteerde psychologen minder kwaliteiten hebben is een leugen. De kwaliteit hangt niet af van het wel of niet afsluiten van contracten maar van de beroepsregistratie en die is in beide gevallen dezelfde. Ik ben een BIG geregistreerde GZ-psycholoog en daar gaat het om.

Een consult kost 94 euro per uur. Het eerste consult is meestal een dubbelconsult omdat er veel uit te wisselen valt. Mocht de cliënt het voornemen hebben om de behandeling te declareren bij de zorg-verzekeraar dan komen daar enkele verzekeringstechnische onderwerpen bij. Wanneer de cliënt niets te maken wil hebben met de vereisten en voorwaarden van de zorg-verzekeraar en/of een DSM-classificatie ongewenst of ongepast vinden en toch geholpen willen worden met zijn psychische probleem dan tekent hij/zij voor zelf-betalen/niet declareren en wordt de behandeling een ‘onverzekerd product’ genoemd.

Het Nederlandse publiek is gewend aan verzekerde zorg en dat zij niet zelf de factuur krijgt. Maar wanneer men de drempel van het zelf-betalen eenmaal is gepasseerd, gaat men dit gewoon vinden, zoals in vele buitenlanden het geval is. Het zelf-betalen heeft voor- en nadelen maar voorlopig is bovenstaande manier van werken te prefereren. De zorg-verzekeraar kan voorlopig alleen zò buiten de behandelkamer gehouden worden.

sigmund

Meer over hoe onze de privacy in Nederland in gevaar is  (meer dan in Duitsland) in deze uitstekende VPRO documentaire. In de 16e minuut gaat het over het gebrek aan privacy in de GGZ.

3 reacties

Opgeslagen onder Persoonlijk en politiek, Psychologenpraktijk Gerie Hermans, Zorgverzekeringen